Uitspraak · Personen- en familierecht
Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 13 juli 2026
ECLI:NL:RBZWB:2026:7624Zaaknummer C/02/449694 / FA RK 26-3287
- Instantie
- Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Datum uitspraak
- 13 juli 2026
- Publicatiedatum
- 28 september 2026
- Zaaknummer
- C/02/449694 / FA RK 26-3287
- Rechtsgebied
- Civiel recht, Personen- en familierecht
- Procedure
- Rekestprocedure, Beschikking
- Zittingsplaats
- Middelburg
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
RM
De rechtbank:
verleent een machtiging tot opname en verblijf voor [betrokkene], geboren op [geboortedag] 1937 in [geboorteplaats];
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 13 januari 2026.
Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 13 juli 2026 door mr. Borm, rechter, in aanwezigheid van drs. Swint, griffier en op schrift gesteld op 27 juli 2026.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Familie- en Jeugdrecht
Locatie Middelburg
Zaaknummer: C/02/449694 / FA RK 26-3287
Datum uitspraak: 13 juli 2026
Beschikking rechterlijke machtiging
op het verzoek van het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) voor
[betrokkene],
geboren op [geboortedag] 1937 in [geboorteplaats],
hierna te noemen betrokkene,
wonend in [plaats],
advocaat mr. J.J. Bronsveld uit Bergen op Zoom.
1 Het verloop van de procedure
De rechtbank neemt het volgende stuk mee in de beoordeling:
- het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 25 juni 2026.
De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 13 juli 2026. Daarbij zijn gehoord:
- betrokkene, bijgestaan door haar advocaat;
- mevrouw [persoon 1], casemanager;
- meneer [persoon 2], zoon van betrokkene;
- mevrouw [persoon 3], schoondochter van betrokkene.
Ook aanwezig, maar niet gehoord is:
- mevrouw [persoon 4], casemanager.
2 Het verzoek
Het CIZ verzoekt de rechtbank een rechterlijke machtiging tot opname en verblijf te verlenen voor de duur van zes maanden.
3 De standpunten
Betrokkene stelt dat het goed met haar gaat. Ze doet niemand kwaad en ze kan nog goed voor zichzelf zorgen. Ze begrijpt niet waarom mensen zich zorgen om haar maken.
De advocaat stelt dat betrokkene niet wil verhuizen. Ze is gelukkig in haar huidige woning en het is de vraag wat er gaat gebeuren met betrokkene als ze wordt verplaatst. De advocaat verzoekt het verzoek af te wijzen.
De casemanager stelt dat betrokkene geen ziektebesef en ziekte-inzicht heeft. Er zijn grote zorgen over met name maatschappelijke teloorgang. Betrokkene vindt dat ze geen zorg nodig heeft. Echter is er sprake van verstoring van het kortetermijngeheugen van desoriëntatie in tijd en plaats. Ook is er sprake van oordeels- en kritiekstoornissen. Het lukt betrokkene niet goed meer om boodschappen te doen en er wordt bijvoorbeeld beschimmeld eten en drinken in de koelkast gevonden, waarvan betrokkene vindt dat ze het nog wel kan eten en drinken. Ook is de voordeur gebarricadeerd geweest, waardoor er niemand meer naar binnen kon. Betrokkene heeft 24-uurszorg nodig. Betrokkene is ongeveer een maand geleden in Ter Valcke geplaatst, maar wilde toch weer naar huis. Om die reden is toewijzing van het verzoek noodzakelijk.
De zoon van betrokkene stelt dat thuis extra zorg inzetten niet mogelijk is. Betrokkene wil geen vreemde mensen over de vloer. Betrokkene heeft 24-uurs toezicht nodig.
De schoondochter van betrokkene stelt dat betrokkene bij Ter Valcke wilde verblijven, maar toen ze daar eenmaal was, wilde ze weer naar huis. Betrokkene vindt dat ze nog alleen thuis kan wonen en dat het niet vies is in huis. Betrokkene vindt zorg dan ook niet nodig en wenst geen hulp, ook niet van de schoondochter.
4 De beoordeling
De rechtbank verleent de gevraagde machtiging voor de duur van zes maanden. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt.
De rechtbank is van oordeel dat betrokkene lijdt aan een psychogeriatrische aandoening. Betrokkene heeft namelijk Alzheimerdementie.
Het gedrag dat voortvloeit uit deze aandoening leidt tot ernstig nadeel. Dit nadeel bestaat uit:
- levensgevaar;
- ernstig lichamelijk letsel;
- ernstige psychische schade;
- ernstige materiële schade;
- ernstige immateriële schade;
- ernstige financiële schade;
- ernstige verwaarlozing;
- maatschappelijke teloorgang.
Bij betrokkene is sprake van een gestoord kortetermijngeheugen en desoriëntatie in tijd, plaats en persoon. Er is sprake van een duidelijke progressie van de neurocognitieve stoornissen in de tijd. Ze heeft onvoldoende inzicht in de oorzaak-gevolgrelaties en onderkent de risico’s die voortvloeien uit haar beperkingen onvoldoende. Voorts zijn er sprake van oordeels- en kritiekstoornissen, waardoor betrokkene in risicovolle situaties niet adequaat kan handelen. Ook vertoont zij psychische en gedragsmatige symptomen passend bij dementie, waaronder wanen, agitatie en ontremd gedrag. Daarnaast is betrokkene niet in staat haar zorgbehoefte op juiste wijze in te schatten. Betrokkene alarmeert niet wanneer hulp noodzakelijk is, omdat zij van mening is dat er niets aan de hand is en zij geen ondersteuning nodig heeft. Tegelijkertijd uit zij regelmatig beschuldigingen richting anderen en benadert ze medebewoners of betrokkenen rechtstreeks in het wooncomplex in plaats van op een passende wijze hulp te vragen. Deze benaderingen verlopen niet altijd op een sociaal
aanvaardbare of prettige manier. Betrokkene is ervan overtuigd dat zij alles zelfstandig kan en dat er geen problemen zijn en weigert regelmatig zorg en sturing. De koelkast ligt regelmatig vol met beschimmelde voedingsmiddelen. Betrokkene ziet hierin geen probleem en stelt dat hiervan nog wel iets eetbaars gemaakt kan worden. Daarnaast raakt betrokkene voortdurend persoonlijke spullen kwijt. Zo zijn haar huissleutels al meerdere malen zoekgeraakt en vervangen. Ook kan ze haar pincode niet onthouden, is ze niet meer in staat verantwoord met geld om te gaan en kan ze niet meer zelfstandig boodschappen doen. Ze dwaalt ’s nachts door haar woning en begeeft zij zich ook buiten bij de balustrade, waarbij zij ongeacht de weersomstandigheden geen jas draagt. Voorts is sprake van achterdocht en wanen, waardoor betrokkene angstig raakt en zich soms genoodzaakt voelt de deur te barricaderen. Tot slot is ze onvoldoende in staat zelfstandig structuur aan te brengen in haar dag en praktische zaken te organiseren.
De opname en het verblijf zijn noodzakelijk en geschikt om het ernstig nadeel te voorkomen of af te wenden. Betrokkene verzet zich hiertegen. De huidige situatie leidt tot ernstig nadeel, waardoor een structurele behoefte bestaat aan 24-uurszorg, toezicht, begeleiding en ondersteuning. Zonder adequate sturing, begeleiding en controle is betrokkene niet in staat op verantwoorde wijze voor zichzelf te zorgen en haar veiligheid te waarborgen. Binnen een Wzd-geregistreerde zorgaccommodatie kan betrokkene de noodzakelijke 24-uurszorg, begeleiding, bescherming en structuur ontvangen, afgestemd op haar individuele zorg- en ondersteuningsbehoeften. Daarmee kan het risico op verder ernstig nadeel zoveel mogelijk worden beperkt. Gelet op het progressieve karakter van de dementie en het ontbreken van ziektebesef en ziekte-inzicht wordt bovendien niet verwacht dat betrokkene alsnog voldoende inzicht zal ontwikkelen om vrijwillige zorgverlening in de thuissituatie te accepteren. Bij aankomst in Ter Valcke verzette betrokkene zich hevig tegen de opname. Zij dreigde uit het raam te klimmen en gaf aan dat zij erin geluisd was en beslist niet opgenomen wilde worden. Na overleg is betrokkene uiteindelijk door haar familie teruggebracht naar haar woning. In gesprekken uit betrokkene zich wisselend over een eventuele opname, maar uiteindelijk geeft zij steeds duidelijk aan niet opgenomen te willen worden. Daarbij heeft zij onder meer verklaard: ‘dan ga ik zwemmen’, terwijl zij zich richting het raam van haar appartement aan de Schelde begaf. Ook weigert zij structureel de aangeboden zorg. Betrokkene kan zich verbaal duidelijk uitspreken tegen zowel opname als zorgverlening. Daarbij toont zij geen ziektebesef of ziekte-inzicht.
Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. Deze alternatieven zijn onderzocht, maar bieden onvoldoende waarborgen om het ernstig nadeel af te wenden. Betrokkene ontkent de bij haar vastgestelde problematiek en accepteert geen hulp.
5 De beslissing
De rechtbank:
verleent een machtiging tot opname en verblijf voor [betrokkene], geboren op [geboortedag] 1937 in [geboorteplaats];
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 13 januari 2026.
Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 13 juli 2026 door mr. Borm, rechter, in aanwezigheid van drs. Swint, griffier en op schrift gesteld op 27 juli 2026.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.