Uitspraak · Personen- en familierecht

Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 10 juli 2026

ECLI:NL:RBZWB:2026:7452Zaaknummer C/02/449597 / FA RK 26-3240

Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Datum uitspraak
10 juli 2026
Publicatiedatum
18 september 2026
Zaaknummer
C/02/449597 / FA RK 26-3240
Rechtsgebied
Civiel recht, Personen- en familierecht
Procedure
Rekestprocedure, Beschikking
Zittingsplaats
Middelburg
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

RM. 6 maanden. Betrokkene verzet zich tegen opname en verblijf in zorgaccommodatie.

De rechtbank:

5.1.

verleent een machtiging tot opname en verblijf voor [betrokkene], geboren op [geboortedag] 1946 in [plaats];

5.2.

bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 10 januari 2027.

Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 10 juli 2026 door mr. Verschoor-Bergsma, rechter, in aanwezigheid van mr. Verplanke, griffier en op schrift gesteld op 24 juli 2026.

Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 Het verloop van de procedure
  2. 2 Het verzoek
  3. 3 De standpunten
  4. 4 De beoordeling
  5. 5 De beslissing

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Familie- en Jeugdrecht

Locatie Middelburg

Zaaknummer: C/02/449597 / FA RK 26-3240

Datum uitspraak: 10 juli 2026

Beschikking rechterlijke machtiging

op het verzoek van het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) voor

[betrokkene],

geboren op [geboortedag] 1946 in [geboorteplaats],

hierna te noemen: betrokkene,

wonend in [plaats],

advocaat mr. M. Janse uit Halsteren.

1 Het verloop van de procedure

1.1.

De rechtbank neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:

- het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 23 juni 2026.

1.2.

De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 10 juli 2026. Daarbij zijn gehoord:

  • betrokkene, bijgestaan door zijn advocaat;
  • de echtgenote van betrokkene;
  • mw. [naam], vervangend casemanager (hierna: casemanager).

2 Het verzoek

2.1.

Het CIZ verzoekt de rechtbank een rechterlijke machtiging tot opname en verblijf te verlenen voor de duur van zes maanden.

3 De standpunten

3.1.

Betrokkene verzet zich tegen de opname en verblijf in een zorgaccommodatie.

3.2.

De advocaat refereert zich aan het oordeel van de rechtbank. Zij licht hierbij toe dat wordt voldaan aan de wettelijke vereisten voor het toewijzen van het verzoek. Betrokkene is echter duidelijk in zijn wens om thuis te blijven wonen.

3.3.

De casemanager heeft toegelicht dat betrokkene de zorg die hij nodig heeft niet accepteert. De zorg van betrokkene komt neer op de echtgenote. Zij is hierdoor overbelast geraakt.

3.4.

De echtgenote van betrokkene geeft aan dat betrokkene onvoldoende inzicht heeft, hetgeen potentieel gevaarlijke situaties oplevert.

4 De beoordeling

4.1.

De rechtbank verleent de gevraagde machtiging voor de duur van zes maanden. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt.

4.2.

De rechtbank is van oordeel dat betrokkene lijdt aan een psychogeriatrische aandoening. Betrokkene heeft namelijk dementie van het type Alzheimer. De stoornis wordt door of namens betrokkene niet betwist.

4.3.

Het gedrag dat voortvloeit uit deze aandoening leidt tot ernstig nadeel. Dit nadeel bestaat uit:

- ernstig lichamelijk letsel;

- ernstige psychische schade;

- ernstige verwaarlozing;

- maatschappelijke teloorgang;

- gevaar voor de algemene veiligheid van personen en goederen.

4.4.

Het is de rechtbank gebleken dat betrokkene niet in staat is om zijn dag zelfstandig te structureren. Betrokkene heeft ondersteuning nodig van zijn echtgenote en/of de thuiszorg voor zijn algemene dagelijkse levensverrichtingen. Er is sprake van afnemende zelfzorg en inadequate inname van zijn medicatie. Daarnaast is hij regelmatig incontinent en lukt het hem onvoldoende om voor zijn vogels te zorgen. Zo is hij onzorgvuldig omgegaan met voer wat heeft geleid tot overlast van muizen en ratten. Ook rijdt betrokkene nog korte afstanden met zijn auto, met als gevolg dat er gevaarlijke situaties kunnen ontstaan. Hij moet veel aangestuurd worden, hetgeen regelmatig weerstand, achterdocht en verbale agressie oproept. De echtgenote staat er volledig alleen voor en dreigt hierdoor overbelast te raken.

4.5.

De opname en het verblijf zijn noodzakelijk en geschikt om het ernstig nadeel te voorkomen of af te wenden. Betrokkene is gebaat bij 24-uurszorg, begeleiding en toezicht in de nabijheid. Door een opname en verblijf van betrokkene in een zorgaccommodatie wordt tevens zijn echtgenote ontlast.

4.6.

Betrokkene verzet zich hiertegen. Betrokkene wil thuis blijven wonen.

4.7.

Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De inzet van extra zorg en dagbesteding wordt door betrokkene geweigerd. Zelf indien betrokkene hiermee zou instemmen, zou zijn echtgenote onvoldoende worden ontlast.

4.8.

Het voorgaande leidt tot de volgende beslissing.

5 De beslissing

De rechtbank:

5.1.

verleent een machtiging tot opname en verblijf voor [betrokkene], geboren op [geboortedag] 1946 in [plaats];

5.2.

bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 10 januari 2027.

Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 10 juli 2026 door mr. Verschoor-Bergsma, rechter, in aanwezigheid van mr. Verplanke, griffier en op schrift gesteld op 24 juli 2026.

Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.