Uitspraak · Personen- en familierecht
Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 18 juni 2026
ECLI:NL:RBZWB:2026:6602Zaaknummer C/02/442717 FA RK 25-6292
- Instantie
- Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Datum uitspraak
- 18 juni 2026
- Publicatiedatum
- 21 augustus 2026
- Zaaknummer
- C/02/442717 FA RK 25-6292
- Rechtsgebied
- Civiel recht, Personen- en familierecht
- Procedure
- Rekestprocedure
- Zittingsplaats
- Breda
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Overeenstemming kinderalimentatie.
De rechtbank
bepaalt dat de man met ingang van de datum van deze beschikking ten behoeve van de verzorging en opvoeding van de minderjarige [minderjarige], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 2023, aan de vrouw bij vooruitbetaling moet voldoen een bedrag van € 219,= (tweehonderdnegentien euro) per maand;
verklaart deze beschikking tot zover uitvoerbaar bij voorraad;
wijst het meer of anders verzochte af.
| Deze beschikking is gegeven door mr. Vos, en, in tegenwoordigheid van mr. De Wit, griffier, in het openbaar uitgesproken op 18 juni 2026. |
Mededeling van de griffier:
Indien hoger beroep tegen deze beschikking mogelijk is, kan dat worden ingesteld:
- door de verzoekers en degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak,
- door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden.
Het hoger beroep moet, door tussenkomst van een advocaat, worden ingediend ter griffie van het
gerechtshof ’s-Hertogenbosch.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Team Familie- en Jeugdrecht
Zittingsplaats Breda
Zaaknummer: C/02/442717 FA RK 25-6292
Datum uitspraak: 18 juni 2026
beschikking betreffende levensonderhoud
in de zaak van
[de vrouw],
wonende te [woonplaats],
hierna te noemen de vrouw,
advocaat mr. P.P.M. Hendrikx-Heeren,
tegen
[de man],
wonende te [woonplaats],
hierna te noemen de man,
advocaat mr. S.J.C. Marijnissen.
1 Het procesverloop
Dit blijkt uit de volgende stukken:
- het op 4 december 2025 ontvangen verzoekschrift met bijlagen;
- het F9-formulier van mr. Hendrikx-Heeren van 9 december 2025 met bijlagen;
- het op 7 januari 2026 ontvangen verweerschrift;
- het op 31 maart 2026 ontvangen gewijzigd verzoek met bijlagen;
- het op 3 juni 2026 ontvangen verweerschrift op gewijzigd verzoek met bijlagen;
- het F9-formulier van mr. Hendrikx-Heeren van 11 juni 2026 houdende een gewijzigd verzoek;
- het F9-formulier van mr. Marijnissen van 11 juni 2026 houdende een zelfstandig verzoek.
2 De feiten
Op grond van de stellingen en overgelegde stukken staat tussen partijen het volgende vast:
- partijen hebben een relatie met elkaar gehad;
- uit hun relatie is het volgende, nu nog minderjarige kind geboren: [minderjarige], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 2023 (hierna: [minderjarige] );
- de man heeft [minderjarige] erkend;
- partijen zijn gezamenlijk belast met het ouderlijk gezag over [minderjarige];
- er is geen rechterlijke uitspraak van kracht op grond waarvan de man een onderhoudsbijdrage ten behoeve van [minderjarige] moet voldoen.
3 De verzoeken
De vrouw verzoekt nu vast te stellen dat de behoefte van [minderjarige] € 384,= per maand bedraagt en dat de man – rekening houdende met een zorgkorting van 25% en het feit dat hij nog in het onderhoud van zijn andere minderjarige dochter moet voorzien – met ingang van de datum van de beschikking ten behoeve van [minderjarige] een onderhoudsbijdrage van € 219,= per maand aan de vrouw moet voldoen.
De man verzoekt eveneens nu vast te stellen dat de behoefte van [minderjarige] € 384,= per maand bedraagt en dat de man – rekening houdende met een zorgkorting van 25% en het feit dat hij nog in het onderhoud van zijn andere minderjarige dochter ( [kind]) moet voorzien – met ingang van de datum van de beschikking ten behoeve van [minderjarige] een onderhoudsbijdrage van € 219,= per maand aan de vrouw moet voldoen.
4 De beoordeling
Bij bericht van 11 juni 2026 is namens de vrouw aangegeven dat partijen overeenstemming hebben bereikt. Gelet op de overeenstemming wijzigt de vrouw haar verzoek op de wijze zoals hiervoor onder rechtsoverweging 3.1. is weergegeven. Verder verzoekt de vrouw de zaak schriftelijk af te doen.
Bij bericht van 11 juni 2026 is namens de man bevestigd dat partijen overeenstemming hebben bereikt. De man dient nu het onder rechtsoverweging 3.2. vermelde zelfstandige verzoek in. Ook de man heeft aangegeven dat er geen zitting hoeft plaats te vinden.
Gelet op het bericht van partijen heeft de rechtbank aanleiding gezien om de geplande zitting van 18 juni 2026 niet door te laten gaan en de zaak schriftelijk af te doen. De rechtbank zal overeenkomstig de gewijzigde verzoeken van partijen beslissen, voor zover die verzoeken op de wet zijn gegrond. Voor het overige worden de verzoeken als ongegrond afgewezen.
5 De beslissing
De rechtbank
bepaalt dat de man met ingang van de datum van deze beschikking ten behoeve van de verzorging en opvoeding van de minderjarige [minderjarige], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 2023, aan de vrouw bij vooruitbetaling moet voldoen een bedrag van € 219,= (tweehonderdnegentien euro) per maand;
verklaart deze beschikking tot zover uitvoerbaar bij voorraad;
wijst het meer of anders verzochte af.
| Deze beschikking is gegeven door mr. Vos, en, in tegenwoordigheid van mr. De Wit, griffier, in het openbaar uitgesproken op 18 juni 2026. |
Mededeling van de griffier:
Indien hoger beroep tegen deze beschikking mogelijk is, kan dat worden ingesteld:
- door de verzoekers en degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak,
- door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden.
Het hoger beroep moet, door tussenkomst van een advocaat, worden ingediend ter griffie van het
gerechtshof ’s-Hertogenbosch.
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.