Uitspraak · Personen- en familierecht
Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 18 juni 2026
ECLI:NL:RBZWB:2026:6600Zaaknummer C/02/448848 / FA RK 26-2832
- Instantie
- Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Datum uitspraak
- 18 juni 2026
- Publicatiedatum
- 21 augustus 2026
- Zaaknummer
- C/02/448848 / FA RK 26-2832
- Rechtsgebied
- Civiel recht, Personen- en familierecht
- Procedure
- Rekestprocedure, Beschikking
- Zittingsplaats
- Breda
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Wvggz, manische ontregeling bipolaire stoornis, overlast, agressie
De rechtbank:
verleent een zorgmachtiging voor [betrokkene], geboren op [geboortedag] 1968 in [geboorteplaats], wat inhoudt dat de maatregelen die in 4.7. staan kunnen worden toegepast;
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 18 december 2026.
| Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 18 juni 2026 door mr. Meyboom, rechter, in aanwezigheid van Oonincx, griffier, en op schrift gesteld op 2 juli 2026. |
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Familie- en Jeugdrecht
Locatie Breda
Zaaknummer: C/02/448848 / FA RK 26-2832
Datum uitspraak: 18 juni 2026
Beschikking zorgmachtiging
op het verzoek van de officier van justitie voor
[betrokkene],
geboren op [geboortedag] 1968 in [geboorteplaats],
hierna te noemen: betrokkene,
verblijvende in de [accommodatie] te [plaats 1],
advocaat mr. M.M.M. Heesmans uit Roosendaal.
1 Het verloop van de procedure
De rechtbank neemt het volgende stuk mee in de beoordeling:
- het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 4 juni 2026.
De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 18 juni 2026 in de hierboven genoemde accommodatie. Daarbij zijn gehoord:
- betrokkene, bijgestaan door zijn advocaat;
- mevrouw [persoon 1], arts;
- mevrouw [persoon 2], klinisch geriater.
2 Het verzoek
De officier van justitie verzoekt de rechtbank een zorgmachtiging te verlenen voor de duur van zes maanden.
3 De standpunten
Betrokkene brengt naar voren dat het naar omstandigheden goed gaat. Hij wil graag naar huis om rust te nemen. Betrokkene kan instemmen met medicatiegebruik en hulpverlening middels ambulante begeleiding. Hij ziet de meerwaarde van de slaapmedicatie. Betrokkene beseft dat hij ziek is en ervoor moet zorgen dat hij niet meer stress krijgt. Er zijn volgens hem fouten gemaakt in zijn medische dossier. Vervolgens benadrukt betrokkene dat hij niet wil dat er iemand de baas over hem is en dat hij moet doen wat anderen van hem willen. Betrokkene stelt voor dat hij zich dagelijks in de ochtend meld bij GGZ, maar dat hij daarna weg mag om te gaan werken of eigen dingen te doen. Op deze manier kan op aantonen dat hij van goede wil is. Betrokkene schrikt ervan dat er wordt gesproken over depotmedicatie. Hij wil hierover beter geïnformeerd worden, ondanks dat hij hier niet tegenop ziet. Betrokkene wil niet worden opgenomen op de HIC. Dit is geen fijne plek voor hem, omdat zijn broer daar eerder is weggelopen en hij kort daarna onder een trein terecht is gekomen. Betrokkene is gelet op voorgaande in [plaats 2] opgenomen geweest. Plotseling moest betrokkene overgeplaatst worden naar [plaats 3]. Op de dag van de overplaatsing heeft hij de bus naar [plaats 4] genomen. In [plaats 4] heeft hij twee dagen rondjes gelopen. Later is betrokkene alsnog opgehaald en overgeplaatst naar [plaats 3]. Het was daar onrustig en sober. Hij hoorde daar niet thuis en wilde daar niet zijn.
De arts heeft naar voren gebracht dat betrokkene al lange tijd ondersteuning vanuit het ambulant team ontvangt. Betrokkene nam voor de decompensatie de medicatie niet goed in en was niet goed in samenwerking. Depotmedicatie is hierdoor wellicht noodzakelijk. Momenteel wordt ter ondersteuning van betrokkene gezocht naar een ambulant team. Zonder ondersteuning vanuit het ambulante team kan betrokkene niet naar huis.
De klinisch geriater zegt dat betrokkene in eerste instantie vrijwillig wilde meewerken aan een opname, maar inmiddels verleent hij geen medewerking meer. Betrokkene is eerder opgenomen geweest in [plaats 2]. Betrokkene wilde niet worden opgenomen bij de HIC in [plaats 1] gelet op het tragische verleden van zijn broer. Hierop is de GGZ in [plaats 2] bereid gevonden om betrokkenen op te vangen. In [plaats 2] leek betrokkene te stabiliseren, waardoor hij naar een open plek mocht. In [plaats 2] was er geen open plek voor betrokkene beschikbaar, waarop is besloten om betrokkene over te plaatsen naar [plaats 3]. Hierop is betrokkene zonder toestemming op een andere bus gestapt en naar [plaats 4] vertrokken. Na enkele dagen is hij door de crisisdienst opgehaald en is hij bij de GGZ aan [adres] geplaatst. Momenteel verblijft betrokkene op de seniorenafdeling als alternatief voor de HIC. Inmiddels is ambulante hulpverlening aangevraagd voor betrokkene. Dit betreft hetzelfde team als waar betrokkene eerder door werd ondersteund. Daarnaast moet in de komende periode een onderzoek naar andere medicatie plaatsvinden. Depotmedicatie is nog niet eerder geprobeerd en wellicht een goede optie, omdat betrokkene in de periode tussen 2020 en 2022 de medicatie wisselend heeft ingenomen. Het is de verwachting dat betrokkene binnen zes tot acht weken is ingesteld op de nieuwe medicatie. De ervaring leert dat zodra de medicatie is aangeslagen het ongeveer drie maanden duurt voordat betrokkene stabiliseert. Een beperking op het gebruik van de communicatiemiddelen kan wellicht in de toekomst van toepassing zijn. Betrokkene heeft in het verleden meermaals grote uitgaven gedaan via zijn mobiele telefoon. In de komende periode wordt gemonitord of betrokkene het overzicht kan bewaren op zijn telefoon. Wellicht heeft hij daarbij ondersteuning nodig. Een zorgmachtiging is onder andere noodzakelijk, omdat het onbekend is waardoor hij is gedecompenseerd.
De advocaat vraagt afwijzing van het verzoek. Betrokkene accepteert de medicatie en is bereid ondersteuning vanuit het ambulante team te accepteren. Betrokkene is van mening dat er geen sprake is van een manisch psychotische ontregeling. Betrokkene kampt met oordeels- en kritiekstoornissen, maar dit is onvoldoende om te komen tot een wettelijke stoornis. In de afgelopen periode hebben geen incidenten plaatsgevonden. Hierdoor is er geen sprake van ernstig nadeel. Gelet hierop wordt niet voldaan aan de wettelijke criteria. Subsidiair kan worden ingestemd met de zorgvormen het toedienen van medicatie, het verrichten van medische controles en contact met het ambulant team. Er hebben zich in de afgelopen periode geen incidenten voorgedaan omtrent het mobiele telefoongebruik. Een beperking van de communicatiemiddelen is dan ook niet noodzakelijk. Een opname en het beperken van de bewegingsvrijheid is heftig voor betrokkene. Er moet daarom gekeken worden naar tussenafspraken in plaats van een opname. Daarnaast is een opname niet noodzakelijk als de medicatie werkt. Meer subsidiair wordt verzocht om de duur van de opname te beperken. Betrokkene vindt het niet prettig op de seniorenafdeling gelet op zijn jonge leeftijd.
4 De beoordeling
De rechtbank verleent de gevraagde machtiging voor de duur van zes maanden. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt.
Uit de overlegde stukken en wat is besproken tijdens de zitting is gebleken dat betrokkene lijdt aan een psychische stoornis, te weten bipolaire-stemmingsstoornissen. De rechtbank heeft geen reden om te twijfelen aan de medische verklaring en de verklaring van de behandelaar hierover ter zitting.
Deze stoornis veroorzaakt ernstig nadeel. Dit nadeel bestaat uit:
- ernstige materiële schade;
- ernstige financiële schade;
- bedreiging van de veiligheid van betrokkene al dan niet doordat betrokkene onder invloed van een ander raakt;
- gevaar voor de algemene veiligheid van personen en goederen.
De rechtbank neemt onder andere in aanmerking dat betrokkene vanuit de manisch psychotische ontregeling ernstig ontremd, impulsief, agressief en grensoverschrijdend gedrag vertoont. Betrokkene heeft een verminderde slaapbehoefte en heeft overlast veroorzaakt. Ook loopt betrokkene het risico dat financieel misbruik van hem wordt gemaakt.
Om het ernstig nadeel af te wenden of de geestelijke gezondheid van betrokkene te stabiliseren of te herstellen heeft betrokkene zorg nodig.
Er zijn geen mogelijkheden voor passende zorg op vrijwillige basis. Betrokkene is niet in staat de noodzaak van een behandeling te overzien. Hij bagatelliseert de ernst van zijn stoornis en minimaliseert het dreigend ernstig nadeel. Daarbij heeft hij laten weten dat hij wil stoppen met de medicatie en er is sprake van een persisterende ontslagwens. Betrokkene is wilsonbekwaam. Er is sprake van een beperkt ziektebesef en ziekte-inzicht. Daarom is verplichte zorg nodig.
De rechtbank is op grond van het zorgplan, de medische verklaring, het advies van de geneesheer-directeur en de toelichting tijdens de zitting van oordeel dat de volgende vormen van verplichte zorg nodig zijn:
- het toedienen van medicatie;
- het verrichten van medische controles;
- het beperken van de bewegingsvrijheid;
- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen;
- opnemen in een accommodatie.
Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De vormen van verplichte zorg die de rechtbank toewijst zijn evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste vormen van zorg is rekening gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen en om te zorgen voor de veiligheid van betrokkene en zijn omgeving.
Gelet op het voorgaande is de rechtbank van oordeel dat wordt voldaan aan de wettelijke vereisten voor het verlenen van een zorgmachtiging voor betrokkene. De zorgmachtiging zal dan ook worden verleend voor de verzochte duur van zes maanden.
5 De beslissing
De rechtbank:
verleent een zorgmachtiging voor [betrokkene], geboren op [geboortedag] 1968 in [geboorteplaats], wat inhoudt dat de maatregelen die in 4.7. staan kunnen worden toegepast;
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 18 december 2026.
| Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 18 juni 2026 door mr. Meyboom, rechter, in aanwezigheid van Oonincx, griffier, en op schrift gesteld op 2 juli 2026. |
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.