Uitspraak · Personen- en familierecht
Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 16 juni 2026
ECLI:NL:RBZWB:2026:6544Zaaknummer C/02/448890 / FA RK 26-2852
- Instantie
- Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Datum uitspraak
- 16 juni 2026
- Publicatiedatum
- 21 augustus 2026
- Zaaknummer
- C/02/448890 / FA RK 26-2852
- Rechtsgebied
- Civiel recht, Personen- en familierecht
- Procedure
- Rekestprocedure
- Zittingsplaats
- Breda
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
RM
De rechtbank:
verleent een machtiging tot opname en verblijf voor [betrokkene], geboren op [geboortedag] 1949 in [geboorteplaats];
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 16 december 2026.
| Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 16 juni 2026 door mr. Weerkamp, rechter, in aanwezigheid van Schellenbach, griffier en op schrift gesteld op 30 juni 2026. |
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Familie- en Jeugdrecht
Locatie Breda
Zaaknummer: C/02/448890 / FA RK 26-2852
Datum uitspraak: 16 juni 2026
Beschikking rechterlijke machtiging
op het verzoek van het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) voor
[betrokkene],
geboren op [geboortedag] 1949 in [geboorteplaats],
hierna te noemen betrokkene,
wonend in [plaats],
thans verblijvende in een [accommodatie], [locatie] te [plaats],
advocaat mr. M.C.A. Hollants uit Tilburg.
1 Het verloop van de procedure
De rechtbank neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:
- het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 5 juni 2026.
De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 16 juni 2026 in de accommodatie waar betrokkene momenteel verblijft. Daarbij zijn gehoord:
- betrokkene, bijgestaan door zijn advocaat;
- [persoon 1], psycholoog;
- [persoon 2], verpleegkundige;
- [persoon 3], zoon.
2 Wat vaststaat
Bij beschikking van deze rechtbank van 6 mei 2026 is ten aanzien van betrokkene een voortzetting van de inbewaringstelling verleend tot en met 17 juni 2026.
3 Het verzoek
Het CIZ verzoekt de rechtbank een rechterlijke machtiging tot opname en verblijf te verlenen voor de duur van zes maanden.
4 De standpunten
Betrokkene brengt naar voren dat het goed met hem gaat. Daarnaast geeft hij aan regelmatig te wandelen en daardoor veel rust te ervaren.
De verpleegkundige brengt naar voren dat betrokkene veel behoefte heeft aan beweging en graag buiten wil wandelen. Onlangs is betrokkene over een hek geklommen om naar buiten te gaan, maar hij liet zich vervolgens zonder problemen begeleiden naar binnen. Daarnaast blijft het een aandachtspunt om betrokkene voldoende te laten eten.
De psycholoog verklaart dat betrokkene met momenten verbaal verzet toont. Vanuit zijn belevingswereld is hij ervan overtuigd dat hij naar zijn werk moet, wat op die momenten leidt tot actief verzet tegen de opname. Op andere momenten ervaart betrokkene het verblijf op de afdeling als prettig en is er geen sprake van verzet. Daarnaast geeft de psycholoog aan dat de behandeling erop is gericht om meer rust en stabiliteit voor betrokkene te creëren.
De zoon van betrokkene brengt naar voren dat het [zorginstelling] volgens hem een passende woonplek voor betrokkene zou zijn vanwege de natuurlijke omgeving. Daar zou betrokkene voldoende mogelijkheden hebben om te wandelen en in beweging te blijven, iets waar hij veel behoefte aan heeft. Gelet op de veiligheid van betrokkene acht de zoon een rechterlijke machtiging noodzakelijk.
De advocaat voert aan dat een rechterlijke machtiging in dit geval passend is. Volgens de advocaat biedt een machtiging mogelijkheden binnen het zorgtraject en kan deze ondersteunend zijn bij het realiseren van de benodigde zorg voor betrokkene.
5 De beoordeling
De rechtbank verleent de gevraagde machtiging voor de duur van zes maanden. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt.
De rechtbank is van oordeel dat betrokkene lijdt aan een psychogeriatrische aandoening. Betrokkene heeft namelijk dementie.
Het gedrag dat voortvloeit uit deze aandoening leidt tot ernstig nadeel. Dit nadeel bestaat uit:
- ernstig lichamelijk letsel;
- ernstige psychische schade;
- ernstige verwaarlozing;
- het oproepen van agressie van een ander door het vertonen van hinderlijk gedrag;
- gevaar voor de algemene veiligheid van personen en goederen.
De rechtbank overweegt in dit verband als volgt. Betrokkene is onvoldoende in staat voor zichzelf te zorgen. Hij heeft gedurende de dag ondersteuning en begeleiding nodig bij alle dagelijkse handelingen en activiteiten, omdat betrokkene daar uit zichzelf niet toe komt. Daarnaast heeft betrokkene geen inzicht in zijn diabetes. Hij controleerde in de thuissituatie zijn bloedsuikers niet en begrijpt niet wat het effect van zijn voeding is op de ziekte. Tevens dwaalde betrokkene, waarbij hij de weg naar huis niet meer kon vinden. Daarbij is hij zelfs een keer door een hoog raam naar buiten geklommen. Buren hebben hem vaak terug moeten brengen. Ook is er een risico op psychische schade van de echtgenote van betrokkene. De echtgenote is in de thuissituatie overbelast geraakt door de intensieve zorg voor betrokkene. Hij bleef echtgenote de hele dag overvragen. Daarnaast kwam de echtgenote niet meer tot rust, sliep ’s nachts niet meer en kreeg hartklachten door alle zorgen. Tot slot is betrokkene in de thuissituatie agressief geweest richting zijn zoon. Hij was boos op zijn zoon en stond met gebalde vuisten tegenover hem. Ook sprak hij naar zijn echtgenote uit dat hij haar kapot ging maken.
De opname en het verblijf zijn noodzakelijk en geschikt om het ernstig nadeel te voorkomen of af te wenden. Betrokkene verzet zich hiertegen.
Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. Naar het oordeel van de rechtbank is een machtiging tot opname noodzakelijk, omdat betrokkene 24-uurszorg en begeleiding nodig heeft in een veilige woonomgeving. Er zijn geen minder ingrijpende mogelijkheden om het ernstig nadeel af te wenden. De rechtbank overweegt hierbij dat betrokkene niet meer naar huis kan gaan. In de thuissituatie raakt de echtgenoot van betrokkene overbelast en kan geen extra hulp worden geboden. Betrokkene heeft intensieve zorg nodig die alleen binnen een accommodatie geboden kan worden.
Gelet op het voorgaande is voldaan aan de criteria voor verlenging van een rechterlijke machtiging tot opname en verblijf als bedoelt in de Wzd. Zoals verzocht, zal de machtiging worden verleend voor de duur van zes maanden.
6 De beslissing
De rechtbank:
verleent een machtiging tot opname en verblijf voor [betrokkene], geboren op [geboortedag] 1949 in [geboorteplaats];
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 16 december 2026.
| Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 16 juni 2026 door mr. Weerkamp, rechter, in aanwezigheid van Schellenbach, griffier en op schrift gesteld op 30 juni 2026. |
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.