Uitspraak · Personen- en familierecht
Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 16 juni 2026
ECLI:NL:RBZWB:2026:6543Zaaknummer C/02/448781 / FA RK 26-2800
- Instantie
- Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Datum uitspraak
- 16 juni 2026
- Publicatiedatum
- 19 augustus 2026
- Zaaknummer
- C/02/448781 / FA RK 26-2800
- Rechtsgebied
- Civiel recht, Personen- en familierecht
- Procedure
- Rekestprocedure, Beschikking
- Zittingsplaats
- Breda
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
ZM-ZM
De rechtbank:
verleent een zorgmachtiging voor [betrokkene], geboren op [geboortedag] 1996 in [geboorteplaats], wat inhoudt dat de maatregelen die in rechtsoverweging 5.7 staan kunnen worden toegepast;
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 16 juni 2027
wijst af het meer of anders verzochte.
| Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 16 juni 2026 door mr. Weerkamp, rechter, in aanwezigheid van Schellenbach, griffier en op schrift gesteld op 30 juni 2026. |
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Familie- en Jeugdrecht
Locatie Breda
Zaaknummer: C/02/448781 / FA RK 26-2800
Datum uitspraak: 16 juni 2026
Beschikking zorgmachtiging
op het verzoek van de officier van justitie voor
[betrokkene],
geboren op [geboortedag] 1996 in [geboorteplaats],
hierna te noemen betrokkene,
wonend in [plaats],
advocaat mr. A.W.M. van de Wouw uit Galder.
1 Het verloop van de procedure
De rechtbank neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:
- het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 3 juni 2026.
De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 16 juni 2026 in een [accommodatie]. Daarbij zijn gehoord:
- betrokkene, bijgestaan door zijn advocaat;
- [persoon 1], begeleider;
- [persoon 2], waarnemend casemanager.
2 Wat vaststaat
Bij beschikking van deze rechtbank van 31 juli 2025 is ten aanzien van betrokkene een zorgmachtiging verleend tot en met 31 juli 2026.
3 Het verzoek
De officier van justitie verzoekt de rechtbank een zorgmachtiging te verlenen voor de duur van twaalf maanden.
4 De standpunten
Betrokkene brengt, samengevat, naar voren dat het goed met hem gaat sinds 2016. Hij is het niet eens met de gestelde diagnose en de voorgeschreven medicatie. Hij heeft geen zorg nodig. Daarnaast stelt betrokkene dat de maatschappij tekortschiet in de zorg, onder meer door onderbezetting en slecht functionerende systemen. Voorts geeft betrokkene aan drugs te gebruiken als vorm van zelfmedicatie, welke volgens hem passen binnen zijn filosofische overtuigingen.
De begeleider brengt naar voren dat betrokkene veel bezig is met zijn eigen theorieën, wat bij de begeleiding zorgen oproept omdat dit sterk op de voorgrond staat. Desondanks kan er bij [hulpverlening] nog goed met betrokkene worden samengewerkt.
De casemanager verklaart dat betrokkene drugs gebruikt, hetgeen van invloed is op de werking van de medicatie. Indien betrokkene zou stoppen met medicatie, zal het toestandsbeeld naar verwachting verslechteren. De casemanager vreest in dat geval voor een decompensatie, waarbij betrokkene tevens niet langer vrijwillig zal meewerken aan de behandeling. Om die redenen acht de casemanager een verlenging van de zorgmachtiging noodzakelijk.
De advocaat verzoekt de rechtbank om afwijzing van het verzoek. Betrokkene geeft aan vrijwillig mee te willen werken aan het depot en het contact met het FACT-team.
5 De beoordeling
De rechtbank verleent de gevraagde machtiging voor de duur van twaalf maanden. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt.
De rechtbank is van oordeel, gezien de overgelegde stukken en wat er tijdens de zitting is besproken, dat betrokkene lijdt aan een psychische stoornis. Betrokkene heeft namelijk schizofreniespectrum- en andere psychotische stoornissen, middel gerelateerde en verslavingsstoornissen en persoonlijkheidsstoornissen.
Deze stoornis veroorzaakt ernstig nadeel. Dit nadeel bestaat uit:
- ernstig lichamelijk letsel;
- ernstige psychische schade;
- ernstige materiële schade;
- ernstige verwaarlozing;
- maatschappelijke teloorgang;
- het oproepen van agressie van een ander door het vertonen van hinderlijk gedrag;
- gevaar voor de algemene veiligheid van personen en goederen.
De rechtbank overweegt in dit verband als volgt. Onder invloed van bovengenoemde psychische stoornis, kampt betrokkene met betrekkingsideeën, akoestische hallucinaties, angst en achterdocht met als luxerende factor het gebruik van middelen. Ook is betrokkene chronisch psychotisch en uit zich meermaals verbaal agressief en dreigend naar naasten. Betrokkene heeft meermaals zijn huisraad vernield, hij is niet in staat tot zelfzorg en stagneert volledig op sociaal-maatschappelijk gebeid. Daarnaast is betrokkene in de afgelopen jaren meermaals opgenomen geweest, waarbij een langdurige opname niet tot een sterke en blijvende verbetering heeft geleid. Onder druk van zijn psychoses en middelengebruik, verwaarloost betrokkene zijn woonomgeving en zichzelf. Er zijn forse schulden opgebouwd in het verleden, waarvoor bewindvoering is opgestart, alsnog komt betrokkene geregeld in de problemen rondom het betalen van dealers. In het verleden is zijn woning onbewoonbaar verklaard bij ernstige verwaarlozing. Er lag ontlasting in de badkamer door een kapotte wc en er waren ingeslagen ramen en deuren door psychotische belevingen.
Om het ernstig nadeel af te wenden of de geestelijke gezondheid van betrokkene te stabiliseren of te herstellen heeft betrokkene zorg nodig.
Er zijn geen mogelijkheden voor passende zorg op vrijwillige basis. Betrokkene wenst geen medicatie of zorg vanuit de GGZ te krijgen en wil hiermee ook stoppen als er geen sprake is van een zorgmachtiging. Naast dat betrokkene geen medicatie wenst, ontkent hij ook klachten te hebben. Het ontbreekt betrokkene aan ziektebesef en ziekte-inzicht. Daarom is verplichte zorg nodig.
De rechtbank is op grond van het zorgplan, de medische verklaring, het advies van de geneesheer-directeur en de toelichting tijdens de zitting van oordeel dat de volgende vormen van verplichte zorg nodig zijn:
- het toedienen van medicatie;
- het verrichten van medische controles;
- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen.
Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben.
De vormen van verplichte zorg die de rechtbank toewijst zijn evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste vormen van zorg is rekening gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen en om te zorgen voor de veiligheid van betrokkene en zijn omgeving.
Gelet op het voorgaande is voldaan aan de criteria voor en doelen van verplichte zorg als bedoeld in Wvggz.
6 De beslissing
De rechtbank:
verleent een zorgmachtiging voor [betrokkene], geboren op [geboortedag] 1996 in [geboorteplaats], wat inhoudt dat de maatregelen die in rechtsoverweging 5.7 staan kunnen worden toegepast;
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 16 juni 2027
wijst af het meer of anders verzochte.
| Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 16 juni 2026 door mr. Weerkamp, rechter, in aanwezigheid van Schellenbach, griffier en op schrift gesteld op 30 juni 2026. |
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.