Uitspraak · Personen- en familierecht
Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 16 juni 2026
ECLI:NL:RBZWB:2026:6526Zaaknummer C/02/448921 / KG ZA 26-296
- Instantie
- Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Datum uitspraak
- 16 juni 2026
- Publicatiedatum
- 19 augustus 2026
- Zaaknummer
- C/02/448921 / KG ZA 26-296
- Rechtsgebied
- Civiel recht, Personen- en familierecht
- Procedure
- Rekestprocedure, Beschikking
- Zittingsplaats
- Breda
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Vervangende toestemming voor vakantie met minderjarige naar het buitenland, ondanks toestemming vader ter zitting.
5 De beslissing
De voorzieningenrechter
verleent aan de vrouw – ter vervanging van de toestemming van de man – vervangende toestemming om met de minderjarige [minderjarige], geboren op
[geboortedag] 2025 te [geboorteplaats], op vakantie te gaan naar [plaats] (Spanje) in de periode van 19 tot en met 24 juni 2026;
verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad;
compenseert de proceskosten tussen partijen, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt.
Dit vonnis is gewezen door mr. Baggel, voorzieningenrechter, en in het openbaar uitgesproken op 16 juni 2026 in tegenwoordigheid van mr. Bishop-van Kollenburg, griffier.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
RECHTBANK Zeeland-West-Brabant
Team Familie- en Jeugdrecht
Zittingsplaats Breda
Zaaknummer: C/02/448921 / KG ZA 26-296
Vonnis in kort geding van 16 juni 2026
in de zaak van
[de vrouw],
te [woonplaats],
eisende partij,
hierna te noemen: de vrouw,
advocaat: mr. M.B. Chylinska,
tegen
[de man],
te [woonplaats],
gedaagde partij,
hierna te noemen: de man,
procederend in persoon.
1 De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding van 9 juni 2026 met producties 1 en 2;- de mondelinge behandeling van 12 juni 2026.
2 De feiten
Partijen hebben een affectieve relatie met elkaar gehad.
Uit hun relatie is het volgende, nog minderjarige, kind geboren:
- [minderjarige], geboren op [geboortedag] 2025 te [geboorteplaats].
Partijen zijn gezamenlijk belast met het ouderlijk gezag over [minderjarige].
3 Het geschil
De vrouw vordert, samengevat, om bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, op de minuut en op alle dagen en uren:
1. vervangende toestemming aan de vrouw te verlenen voor de vakantie gepland van 19 juni 2026 tot en met 24 juni 2026 met [minderjarige] naar Spanje ( [plaats] );
2. de proceskosten tussen partijen te compenseren.
4 De beoordeling
Spoedeisend belang
Op grond van de stukken en de toelichting door partijen tijdens de mondelinge behandeling staat naar het oordeel van de voorzieningenrechter het spoedeisend belang van de vrouw bij haar vorderingen vast, omdat de vrouw op 19 juni 2026 met [minderjarige] op vakantie wil gaan.
Vervangende toestemming vakantie
De vrouw legt aan haar vordering het volgende ten grondslag. De vrouw wil met [minderjarige] op vakantie naar [plaats] (Spanje) van 19 tot en met 24 juni 2026. De reis is geboekt voordat de relatie tussen partijen werd verbroken. Partijen zouden samen met [minderjarige] op vakantie gaan. De man geeft nu echter geen toestemming meer aan haar om met [minderjarige] op vakantie te gaan. Door zijn toestemming in te trekken, handelt de man onrechtmatig en uitsluitend om haar dwars te zitten, waarmee hij [minderjarige] benadeelt. Zij heeft spoedeisend belang bij haar vordering, omdat de vakantie staat gepland van 19 juni tot en met 24 juni 2026.
De man is ter zitting in persoon verschenen. Hij heeft verklaard dat hij er geen bezwaar tegen heeft dat de vrouw met [minderjarige] op vakantie gaat naar [plaats] en dat hij dit in een e-mailbericht van 4 juni 2026 aan de vrouw kenbaar heeft gemaakt.
Hierop heeft de vrouw verklaard dat de man in het e-mailbericht aangaf dat hij zijn toestemming enkel geeft onder de daarin door hem beschreven voorwaarden. Zij heeft er geen vertrouwen in dat de man zich houdt aan de door hem ter zitting gegeven onvoorwaardelijke toestemming.
De voorzieningenrechter overweegt het volgende. Artikel 1:253a lid 1 van het Burgerlijk Wetboek (BW) bepaalt dat geschillen over de gezamenlijke uitoefening van het gezag, zoals over een reis met een kind naar het buitenland, op verzoek van de ouders of van een van hen aan de rechtbank kunnen worden voorgelegd. De rechtbank neemt alsdan een zodanige beslissing als haar in het belang van het kind wenselijk voorkomt.
Partijen hebben het gezamenlijk gezag over [minderjarige]. Dit betekent dat de vrouw de toestemming van de man nodig heeft om met [minderjarige] naar het buitenland te reizen en daar te verblijven. In het algemeen is het in het belang van een kind, dat een kind op vakantie kan met zijn of haar ouders.
Ter zitting heeft de man alsnog onvoorwaardelijk ingestemd met de vakantie van de vrouw en [minderjarige] naar [plaats]. Toch ziet de voorzieningenrechter aanleiding om de vrouw vervangende toestemming te geven. Reden daarvoor is dat de man zijn toestemming voor de vakantie in het verleden heeft ingetrokken, althans aan zijn toestemming voorwaarden heeft verbonden. De vordering van de vrouw zal dan ook worden toegewezen.
Uitvoerbaarheid bij voorraad
De voorzieningenrechter zal de beslissing, gelet op de aard daarvan, uitvoerbaar bij voorraad verklaren, zoals is gevorderd door de vrouw. Dat betekent dat de beslissing alvast moet worden gevolgd, ook als er hoger beroep wordt ingesteld tegen deze beslissing.
De vrouw heeft tevens geconcludeerd tot het uitvoerbaar bij voorraad verklaren van het vonnis op de minuut en op alle dagen en uren. Deze vorderingen zullen worden afgewezen. Aangezien een grosse zal worden verstrekt, heeft de vrouw geen belang bij uitvoerbaarheid op de minuut. Daarnaast heeft de vrouw niet onderbouwd welk belang zij erbij heeft dat het vonnis uitvoerbaar bij voorraad op alle dagen en uren wordt verklaard.
Proceskosten
Omdat partijen een relatie met elkaar hebben gehad en de zaak over hun kind gaat, zullen de proceskosten worden gecompenseerd, zoals door de vrouw is gevorderd. Dat betekent dat iedere partij zijn eigen kosten moet dragen.
5 De beslissing
De voorzieningenrechter
verleent aan de vrouw – ter vervanging van de toestemming van de man – vervangende toestemming om met de minderjarige [minderjarige], geboren op
[geboortedag] 2025 te [geboorteplaats], op vakantie te gaan naar [plaats] (Spanje) in de periode van 19 tot en met 24 juni 2026;
verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad;
compenseert de proceskosten tussen partijen, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt.
Dit vonnis is gewezen door mr. Baggel, voorzieningenrechter, en in het openbaar uitgesproken op 16 juni 2026 in tegenwoordigheid van mr. Bishop-van Kollenburg, griffier.
Wetsartikelen in deze uitspraak
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.