Uitspraak · Personen- en familierecht

Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 15 juni 2026

ECLI:NL:RBZWB:2026:6444Zaaknummer C/02/448708 / FA RK 26-2769

Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Datum uitspraak
15 juni 2026
Publicatiedatum
18 augustus 2026
Zaaknummer
C/02/448708 / FA RK 26-2769
Rechtsgebied
Civiel recht, Personen- en familierecht
Procedure
Rekestprocedure, Beschikking
Zittingsplaats
Breda
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Toewijzing ZM - 6 maanden

De rechtbank:

5.1.

verleent een zorgmachtiging voor [betrokkene], geboren op [geboortedag] 1968 in [geboorteplaats], wat inhoudt dat de maatregelen die in rechtsoverweging 4.6 en 4.6.1 staan kunnen worden toegepast;

5.2.

bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 15 december 2026.

Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 15 juni 2026 door mr. Donders, rechter, in aanwezigheid van Vermare, griffier en op schrift gesteld op 29 juni 2026.

Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 Het verloop van de procedure
  2. 2 Het verzoek
  3. 3 De standpunten
  4. 4 De beoordeling
  5. 5 De beslissing

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Familie- en Jeugdrecht

Locatie Breda

Zaaknummer: C/02/448708 / FA RK 26-2769

Datum uitspraak: 15 juni 2026

Beschikking zorgmachtiging

op het verzoek van de officier van justitie tot het verlenen van een zorgmachtiging als bedoeld in artikel 6:4 van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz) voor:

[betrokkene],

geboren op [geboortedag] 1968 in [geboorteplaats],

hierna te noemen betrokkene,

wonend in [plaats],

advocaat mr. G.J. Woodrow uit Tilburg.

1 Het verloop van de procedure

1.1.

De rechtbank neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:

- het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 1 juni 2026.

1.2.

De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 15 juni 2026. Daarbij zijn gehoord:

  • betrokkene, bijgestaan door haar advocaat;
  • mevrouw [persoon 1], psychiater;
  • mevrouw [persoon 2], vriendin van betrokkene;
  • de heer [persoon 3], medewerker bemoeizorg;
  • de heer [persoon 4], medewerker bemoeizorg.

2 Het verzoek

2.1.

De officier van justitie verzoekt de rechtbank een zorgmachtiging te verlenen voor de duur van zes maanden.

3 De standpunten

3.1.

Betrokkene geeft aan dat zij niet opgenomen wil worden. Verder geeft zij aan dat het niet goed met haar gaat, maar ze ook niet weet wat er nodig is om haar beter te laten worden.

3.2.

De psychiater voert, samengevat, aan dat er nog niet veel contact met betrokkene is geweest omdat het haar niet goed lukt om naar afspraken te komen. De zorg is veelal door bemoeizorg gedaan de afgelopen maanden. De psychiater ziet sinds de intake van enkele maanden terug een forse achteruitgang bij betrokkene op cognitief vlak maar ook op het gebied van verwaarlozing. Betrokkene was jaren terug een levendige vrouw samen met haar man en zat vol met dromen, aldus de psychiater.

3.3.

De medewerkers van bemoeizorg verklaren gezamenlijk dat er intensief geprobeerd is om betrokkene in zorg te krijgen, maar dit niet lukt. Het aantal meldingen van zorgen uit de buurt loopt alleen maar op en wordt extremer.

3.4.

De vriendin van betrokkene geeft aan dat, sinds het overlijden van de partner van betrokkene, een grote vriendinnenclub geprobeerd heeft om betrokkene zelfredzaam te krijgen maar dit niet lukt. Onder andere de zorg voor de honden wordt betrokkene teveel.

3.5.

De advocaat refereert zich aan het oordeel van de rechtbank.

4 De beoordeling

4.1.

De rechtbank verleent de gevraagde machtiging voor de duur van zes maanden. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt.

4.2.

Uit de overgelegde stukken en de mondelinge behandeling is gebleken dat betrokkene lijdt aan depressieve-stemmingsstoornissen, middel gerelateerde en verslavingsstoornissen en andere problemen die een reden voor zorg kunnen zijn.

4.3.

Deze stoornis veroorzaakt ernstig nadeel. Dit nadeel bestaat uit levensgevaar, ernstig lichamelijk letsel, ernstige psychische schade, ernstige verwaarlozing, maatschappelijke teloorgang en het oproepen van agressie van een ander door het vertonen van hinderlijk gedrag. De rechtbank neemt daarbij in aanmerking dat betrokkene zowel zichzelf als haar woning verwaarloost. Haar tuin is vervuild met maandenlange ontlasting van haar honden. Eerder hebben haar honden een medewerker van bemoeizorg aangevallen en gebeten toen zij in huis kwam. Daarnaast ontkent betrokkene actief of passief suïcidaal te zijn. Betrokkene heeft kans op cognitieve schade door het langdurige en veelvuldige gebruik van alcohol waarvan ze aangeeft niet te willen stoppen. Bovendien rijdt betrokkene regelmatig onder invloed van alcohol. Betrokkene isoleert zich geheel uit sociale contacten en komt zo geheel geïsoleerd te staan in de maatschappij.

4.4.

Om het ernstig nadeel af te wenden of de geestelijke gezondheid van betrokkene te stabiliseren of te herstellen heeft betrokkene zorg nodig.

4.5.

Er zijn geen mogelijkheden voor passende zorg op vrijwillige basis. Betrokkene wil geen zorg of behandeling accepteren op vrijwillige basis. Betrokkene wil niet stoppen met het gebruik van alcohol en wil geen antidepressiva. Daarom is verplichte zorg nodig.

4.6.

De rechtbank is op grond van het zorgplan, de medische verklaring, het advies van de geneesheer-directeur en de toelichting tijdens de zitting van oordeel dat de volgende vormen van verplichte zorg nodig zijn:

- het toedienen van medicatie;

- het verrichten van medische controles;

- het beperken van de bewegingsvrijheid;

- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen;

- opnemen in een accommodatie.

4.6.1.

In aanvulling op de verzochte vormen van verplichte zorg zal de rechtbank naar aanleiding van wat tijdens de zitting is besproken ‘het toedienen van vocht en voeding’ als vorm van verplichte zorg toewijzen, zodat betrokkene de juiste vocht en voeding kan krijgen. De rechtbank zal deze aanvullende vormen van verplichte zorg met analoge toepassing van artikel 6:4 lid 2 Wvggz toewijzen.

4.7.

Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De vormen van verplichte zorg die de rechtbank toewijst zijn evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste vormen van zorg is rekening gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen en om te zorgen voor de veiligheid van betrokkene en haar omgeving.

4.8.

Gelet op het voorgaande is voldaan aan de criteria voor en doelen van verplichte zorg als bedoeld in de Wvggz. De zorgmachtiging zal worden verleend voor de verzochte duur van zes maanden.

5 De beslissing

De rechtbank:

5.1.

verleent een zorgmachtiging voor [betrokkene], geboren op [geboortedag] 1968 in [geboorteplaats], wat inhoudt dat de maatregelen die in rechtsoverweging 4.6 en 4.6.1 staan kunnen worden toegepast;

5.2.

bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 15 december 2026.

Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 15 juni 2026 door mr. Donders, rechter, in aanwezigheid van Vermare, griffier en op schrift gesteld op 29 juni 2026.

Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.