Uitspraak · Personen- en familierecht

Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 15 juni 2026

ECLI:NL:RBZWB:2026:6441Zaaknummer C/02/448827 / FA RK 26-2822

Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Datum uitspraak
15 juni 2026
Publicatiedatum
19 augustus 2026
Zaaknummer
C/02/448827 / FA RK 26-2822
Rechtsgebied
Civiel recht, Personen- en familierecht
Procedure
Rekestprocedure, Beschikking
Zittingsplaats
Middelburg
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

ZM toegewezen

De rechtbank:

6.1.

verleent een zorgmachtiging voor [betrokkene], geboren op [geboortedag] 1961 in [geboorteplaats], wat inhoudt dat de maatregelen die in 5.7 staan kunnen worden toegepast;

6.2.

bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 15 december 2026.

Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 15 juni 2026 door mr. De Beer, rechter, in aanwezigheid van mr. Willemsen, griffier en op schrift gesteld op 29 juni 2026.

Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 Het verloop van de procedure
  2. 2 Wat vaststaat
  3. 3 Het verzoek
  4. 4 De standpunten
  5. 5 De beoordeling
  6. 6 De beslissing

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Familie- en Jeugdrecht

Locatie Middelburg

Zaaknummer: C/02/448827 / FA RK 26-2822

Datum uitspraak: 15 juni 2026

Beschikking zorgmachtiging

op het verzoek van de officier van justitie voor

[betrokkene],

geboren op [geboortedag] 1961 in [geboorteplaats],

hierna te noemen betrokkene,

wonend in [plaats 1],

thans verblijvende in [psychiatrisch ziekenhuis] te [plaats 2],

advocaat mr. I. Aardoom-Fuchs uit Gouda.

1 Het verloop van de procedure

1.1.

De rechtbank neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:

- het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 1 juni 2026.

1.2.

De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 15 juni 2026. Daarbij zijn gehoord:

  • betrokkene, bijgestaan door haar advocaat, mr. Aardboom-Fuchs;
  • mevrouw [persoon], psychiater in opleiding en behandelaar;
  • [persoon], begeleider van de afdeling.
1.3.

Vanwege de nauwe samenhang tussen het onderhavige verzoek en het verzoek tot voortzetting van de crisismaatregel in de zaak met kenmerk C/02/449011 / FA RK 26-2911, worden deze zaken gezamenlijk behandeld. Over het verzoek tot het verlenen van een machtiging voortzetting van de crisismaatregel zal bij separate beschikking worden beslist.

2 Wat vaststaat

2.1.

Betrokkene verblijft met een crisismaatregel op de HIC van [psychiatrisch ziekenhuis]. De burgemeester van Goes heeft de crisismaatregel op 9 juni 2026 afgegeven.

3 Het verzoek

3.1.

De officier van justitie verzoekt de rechtbank een zorgmachtiging te verlenen voor de duur van zes maanden.

4 De standpunten

4.1.

Betrokkene geeft tijdens de zitting aan dat het wisselend met haar gaat. Het liefst wilt betrokkene beter worden en het doet haar dan ook pijn dat dit niet lukt. Ook vindt betrokkene het erg dat zij haar kinderen niet vaak ziet. Na een incident is betrokkene op de IC van de HIC terechtgekomen en zij ervaart dit als een fijne prikkelarme plek. Daarom vindt betrokkene het jammer dat zij de IC moet verlaten.

4.2.

De behandelaar verklaart tijdens de zitting dat betrokkene al lang vrijwillig opgenomen is. Sinds een week verblijft betrokkene op de HIC met een crisismaatregel na een incident op haar afdeling. Er is al geruime tijd een verergering van de klachten te zien waardoor de behandelaar van de vorige afdeling een zorgmachtigingsprocedure is gestart. Door de licht verstandelijk beperking problematiek kan betrokkene moeilijk omgaan met emoties. Dat zich vertaalt in gedrag zoals het smeren van stoelgang, poging tot brandstichting en het in conflict raken met mensen op de afdeling. Op de IC wordt gezien dat betrokkene veel rustiger is door de prikkelarme omgeving en één op één begeleiding. Het is daarom zoeken naar een rustigere plek voor betrokkene maar die is nog niet gevonden. Vrijwillige behandeling is volgens de behandelaar niet langer mogelijk omdat betrokkene niet in haar gedrag beperkt kan worden en dit wel nodig is.

4.3.

De advocaat van betrokkene stelt dat het verzoek tot voortzetting van de crisismaatregel moet worden afgewezen, zodra het verzoek tot een zorgmachtiging wordt toegewezen. Tegen de verlening van de zorgmachtiging verzet de advocaat zich niet. Volgens de advocaat is het van belang dat er een plan voor betrokkene wordt gemaakt en met een zorgmachtiging kan er een vinger aan de pols worden gehouden.

5 De beoordeling

5.1.

De rechtbank verleent de gevraagde machtiging voor de duur van zes maanden. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt.

5.2.

De rechtbank is van oordeel dat betrokkene lijdt aan een psychische stoornis. Bij betrokkene is sprake van een depressieve stoornis, recidiverend, met psychotische kenmerken; persoonlijkheidsstoornis; licht verstandelijke beperkingen; psychosociale problemen.

5.3.

Deze stoornis veroorzaakt ernstig nadeel. Dit nadeel bestaat uit:

- levensgevaar;

- ernstige psychische schade;

- ernstige materiële schade;

- ernstige financiële schade;

- ernstige verwaarlozing;

- maatschappelijke teloorgang;

- het oproepen van agressie van een ander door het vertonen van hinderlijk gedrag;

- gevaar voor de algemene veiligheid van personen en goederen.

5.4.

De rechtbank neemt hierbij in overweging dat de afgelopen weken er verschillende geweldsincidenten zijn geweest, zoals het trappen tegen een afdelingsdeur, het naar de keel grijpen bij een verpleegkundige en het in brand steken van haar matras. Ook is er sprake van zelfverwaarlozing wat zich uit in het weigeren te douchen en incontinentie.

5.5.

Om het ernstig nadeel af te wenden of de geestelijke gezondheid van betrokkene te stabiliseren of te herstellen heeft betrokkene zorg nodig.

5.6.

Er zijn geen mogelijkheden voor passende zorg op vrijwillige basis. Ondanks dat betrokkene in samenwerking is, is het de rechtbank gebleken dat er incidenten zijn waarbij het nodig is om betrokkene te begrenzen en dat kan niet op vrijwillige basis. Daarom is verplichte zorg nodig.

5.7.

De rechtbank is op grond van het zorgplan, de medische verklaring, het advies van de geneesheer-directeur en de toelichting tijdens de zitting van oordeel dat de volgende vormen van verplichte zorg nodig zijn:

- het toedienen van medicatie;

- het verrichten van medische controles;

- het verrichten van andere medische handelingen en therapeutische maatregelen, ter behandeling van een psychische stoornis, dan wel vanwege die stoornis, ter behandeling van een somatische aandoening;

- het beperken van de bewegingsvrijheid;

- insluiten;

- uitoefenen van toezicht op betrokkene;

- onderzoek aan kleding of lichaam;

- onderzoek van de woon- of verblijfsruimte op gedrag-beïnvloedende middelen en gevaarlijke voorwerpen;

- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen;

- opnemen in een accommodatie.

5.8.

Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De vormen van verplichte zorg die de rechtbank toewijst zijn evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste vormen van zorg is rekening gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen en om te zorgen voor de veiligheid van betrokkene en haar omgeving.

6 De beslissing

De rechtbank:

6.1.

verleent een zorgmachtiging voor [betrokkene], geboren op [geboortedag] 1961 in [geboorteplaats], wat inhoudt dat de maatregelen die in 5.7 staan kunnen worden toegepast;

6.2.

bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 15 december 2026.

Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 15 juni 2026 door mr. De Beer, rechter, in aanwezigheid van mr. Willemsen, griffier en op schrift gesteld op 29 juni 2026.

Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.