Uitspraak · Personen- en familierecht

Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 8 juni 2026

ECLI:NL:RBZWB:2026:6130Zaaknummer C/02/448389 / FA RK 26-2603

Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Datum uitspraak
8 juni 2026
Publicatiedatum
13 augustus 2026
Zaaknummer
C/02/448389 / FA RK 26-2603
Rechtsgebied
Civiel recht, Personen- en familierecht
Procedure
Rekestprocedure, Beschikking
Zittingsplaats
Breda
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Toewijzing ZM - 6 maanden i.p.v. verzochte 12 maanden vanwege prille stabiele situatie

De rechtbank:

6.1.

verleent een zorgmachtiging voor [betrokkene], geboren op [geboortedag] 1984 in [geboorteplaats], wat inhoudt dat de maatregelen die in rechtsoverweging 5.6 staan kunnen worden toegepast;

6.2.

bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 8 december 2026;

6.3.

wijst af het meer of anders verzochte.

Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 8 juni 2026 door mr. Govaers, rechter, in aanwezigheid van Vermare, griffier en op schrift gesteld op 12 juni 2026.

Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 Het verloop van de procedure
  2. 2 Wat vaststaat
  3. 3 Het verzoek
  4. 4 De standpunten
  5. 5 De beoordeling
  6. 6 De beslissing

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Familie- en Jeugdrecht

Locatie Breda

Zaaknummer: C/02/448389 / FA RK 26-2603

Datum uitspraak: 8 juni 2026

Beschikking zorgmachtiging

op het verzoek van de officier van justitie tot het verlenen van een zorgmachtiging als bedoeld in artikel 6:4 van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz) voor:

[betrokkene],

geboren op [geboortedag] 1984 in [geboorteplaats],

hierna te noemen betrokkene,

wonend in [plaats],

advocaat mr. C.G. Matze uit Breda.

1 Het verloop van de procedure

1.1.

De rechtbank neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:

- het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 20 mei 2026.

1.2.

De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 8 juni 2026. Daarbij zijn gehoord:

  • betrokkene, bijgestaan door zijn advocaat;
  • de heer [persoon 1], psychiater;
  • de heer [persoon 2], coach en werkgever.

2 Wat vaststaat

2.1.

De rechtbank heeft een zorgmachtiging verleend tot en met 30 juni 2026.

3 Het verzoek

3.1.

De officier van justitie verzoekt de rechtbank een zorgmachtiging te verlenen voor de duur van twaalf maanden.

4 De standpunten

4.1.

Betrokkene brengt, samengevat, naar voren dat het al een tijdje goed met hem gaat en dat hij geen medicatie meer slikt. Een zorgmachtiging heeft hij liever niet omdat hij meewerken op vrijwillige basis motiverender vindt. Bovendien is betrokkene van mening dat hij recht heeft op een eerlijke kans.

4.2.

De psychiater verklaart dat het goed gaat met betrokkene maar dat de aanloop naar de machtiging moeizaam is verlopen. De moeder van betrokkene was bang en collega’s van [accommodatie] hebben zich onveilig gevoeld. Betrokkene was in het begin wantrouwend en heeft de zorg lang ontweken en is uiteindelijk opgenomen. Tijdens de opname zijn er geen psychotische klachten waargenomen omdat hij zichzelf met behulp van [persoon 2] heeft herpakt, is gaan werken en van de speed is afgebleven. Betrokkene is zonder medicatie met ontslag gegaan. Voorts geeft de psychiater aan dat het op dit moment heel goed gaat, maar het contact nog heel erg pril is voor een vrijwillige basis. Bij betrokkene is sprake van een psychotische kwetsbaarheid die aanwezig is op het moment dat betrokkene speed gebruikt.

4.3.

De coach verklaart dat betrokkene netjes zijn afspraken nakomt.

4.4.

De advocaat bepleit afwijzing van het verzoek. In het najaar van 2025 ging het heel slecht met betrokkene wat tot een crisismaatregel heeft geleid. Alle besproken gebeurtenissen zijn de aanleiding voor de huidige machtiging geweest. Op dit moment wordt betrokkene gecoacht door [persoon 2] en hij zit ‘er boven op’. Zodra [persoon 2] merkt dat betrokkene drugs gebruikt brengt hij hem meteen naar [afdeling]. De advocaat is van mening dat de zorgmachtiging prematuur is gelet op de coaching en het feit dat betrokkene het goed doet sinds februari van dit jaar. Betrokkene kent op dit moment de mensen en heeft vertrouwen. Een zorgmachtiging is niet nodig, zeker gelet op het feit dat betrokkene geen medicatie gebruikt. Indien de rechtbank de zorgmachtiging toewijst, verzoekt de advocaat om enkel de zorgmodaliteit ‘’aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen’’ op te nemen.

5 De beoordeling

5.1.

De rechtbank verleent de gevraagde machtiging voor de duur van zes maanden. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt.

5.2.

Uit de overgelegde stukken en de mondelinge behandeling is gebleken dat betrokkene lijdt aan middelgerelateerde en verslavingsstoornissen, neurobiologische ontwikkelingsstoornissen (o.a. verstandelijke beperkingen en autismespectrumstoornissen), schizofreniespectrum- en andere psychotische stoornissen en/of overige dsm-5 stoornissen.

5.3.

Deze stoornis veroorzaakt ernstig nadeel. Dit nadeel bestaat uit ernstig lichamelijk letsel, ernstige psychische schade, ernstige materiële schade, ernstige verwaarlozing, maatschappelijke teloorgang en gevaar voor de algemene veiligheid van personen en goederen. Wanneer betrokkene decompenseert kan hij agressief gedrag vertonen. Betrokkene is meermaals agressief tegenover zijn moeder geweest en heeft haar bedreigd met de dood. Ook heeft betrokkene een medewerker van [accommodatie] achtervolgt. Daarnaast heeft betrokkene de begeleiding van de [accommodatie] een video gestuurd waarin te zien is dat hij zijn spullen vernield. Betrokkene is bekend met veelvuldig schoonmaken waarbij hij met staalwol zijn handen verwondt alsook het obsessief repareren van fietsen.

5.4.

Om het ernstig nadeel af te wenden of de geestelijke gezondheid van betrokkene te stabiliseren of te herstellen heeft betrokkene zorg nodig.

5.5.

Er zijn geen mogelijkheden voor passende zorg op vrijwillige basis. Er is beperkte ziektebesef en ziekte-inzicht. Betrokkene heeft zich in het verleden meermaals onttrokken aan de behandeling en is ambivalent in zijn behandelbereidheid. Daarom is verplichte zorg nodig.

5.6.

De rechtbank is op grond van het zorgplan, de medische verklaring, het advies van de geneesheer-directeur en de toelichting tijdens de zitting van oordeel dat de volgende vormen van verplichte zorg nodig zijn:

- het toedienen van medicatie;

- het beperken van de bewegingsvrijheid;

- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen;

- opnemen in een accommodatie.

5.7.

Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De vormen van verplichte zorg die de rechtbank toewijst zijn evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste vormen van zorg is rekening gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen en om te zorgen voor de veiligheid van betrokkene en zijn omgeving.

5.8.

Gelet op het voorgaande is voldaan aan de criteria voor en doelen van verplichte zorg als bedoeld in de Wvggz. De zorgmachtiging zal worden verleend voor de duur van zes maanden. De rechtbank is van oordeel dat de huidige situatie van betrokkene positief is, maar laat meewegen dat het nog een prille en broze situatie betreft. Betrokkene verdient wel sneller een checkmoment dan de verzochte twaalf maanden.

6 De beslissing

De rechtbank:

6.1.

verleent een zorgmachtiging voor [betrokkene], geboren op [geboortedag] 1984 in [geboorteplaats], wat inhoudt dat de maatregelen die in rechtsoverweging 5.6 staan kunnen worden toegepast;

6.2.

bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 8 december 2026;

6.3.

wijst af het meer of anders verzochte.

Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 8 juni 2026 door mr. Govaers, rechter, in aanwezigheid van Vermare, griffier en op schrift gesteld op 12 juni 2026.

Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.