Uitspraak · Personen- en familierecht
Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 15 mei 2026
ECLI:NL:RBZWB:2026:5212Zaaknummer C/02/447735 / FA RK 26-2252
- Instantie
- Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Datum uitspraak
- 15 mei 2026
- Publicatiedatum
- 2 juli 2026
- Zaaknummer
- C/02/447735 / FA RK 26-2252
- Rechtsgebied
- Civiel recht, Personen- en familierecht
- Procedure
- Rekestprocedure, Beschikking
- Zittingsplaats
- Breda
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Opvolgende rechterlijke machtiging voor de duur van twaalf maanden. Betrokkene vertoont sinds zijn opname in een verpleeguis nog steeds verzet, maar de situatie is onveranderd gebleken.
De rechtbank:
verleent een machtiging tot opname en verblijf voor [betrokkene], geboren op [geboortedag] 1941 in [geboorteplaats];
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 15 mei 2027;
| Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 15 mei 2026 door mr. Maandag, rechter, in aanwezigheid van Van Ginneken, griffier en op schrift gesteld op 26 mei 2026. |
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Familie- en Jeugdrecht
Locatie Breda
Zaaknummer: C/02/447735 / FA RK 26-2252
Datum uitspraak: 15 mei 2026
Beschikking rechterlijke machtiging
op het verzoek van het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) voor
[betrokkene],
geboren op [geboortedag] 1941 in [geboorteplaats],
hierna te noemen betrokkene,
wonend in [plaats],
advocaat mr. M. Janse uit Halsteren.
1 Het verloop van de procedure
De rechtbank neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:
- het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 29 april 2026.
De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 15 mei 2026. Daarbij zijn gehoord:
- betrokkene, bijgestaan door zijn advocaat;
- dochter van betrokkene;
- [persoon 1], regisseur van de afdeling (hierna: regisseur);
- de heer [persoon 2], specialist oudergeneeskunde.
2 Wat vaststaat
De rechtbank heeft een rechterlijke machtiging verleend tot en met 15 juni 2026. Betrokkene verblijft met deze machtiging in [accommodatie].
3 Het verzoek
Het CIZ verzoekt de rechtbank een rechterlijke machtiging tot opname en verblijf te verlenen voor de duur van twaalf maanden.
4 De standpunten
Betrokkene zegt dat het prima met hem gaat. Hij vindt het hier oké.
De specialist oudergeneeskunde is blij om te horen dat betrokkene zegt dat hij het goed heeft hier, maar helaas is dat niet altijd zo. Op bepaalde momenten geeft betrokkene aan dat hij naar huis wil. Hij uit dat verbaal, maar kan soms ook fysiek agressief worden. De specialist oudergeneeskunde zegt dat betrokkene daar nu medicatie voor krijgt en dat dat goed werkt. Betrokkene is hier goed op zijn plek; hij is rustig en tevreden. De specialist oudergeneeskunde geeft aan dat het voorafgaand aan de opname thuis heel lastig is geweest. De verlenging van de rechterlijke machtiging is voor twaalf maanden aangevraagd, omdat de procedure voor betrokkene erg belastend is.
De regisseur zegt dat betrokkene vaak onrustig is. Betrokkene stond vanochtend nog bij de deur om weg te gaan, maar deze ging niet open. Volgens de regisseur zal betrokkene er dan alles aan doen om dit wel voor elkaar te krijgen. Voordat betrokkene medicatie kreeg was dit volgens de regisseur erger. De onrust blijft, vooral in de vroege ochtenden, maar de agressie is er nu niet. Ook herkent betrokkene niet altijd iedereen meer. Hij denkt soms dat een medebewoner zijn vrouw is.
De dochter kan zich vinden in hetgeen de specialist oudergeneeskunde en regisseur naar voren hebben gebracht. De dochter zegt namens haar moeder dat zij blij is dat betrokkene nu hier is. Met de echtgenote van betrokkene gaat het nu de goede kant op; ze voelt zich rustiger onder de huidige situatie. Ze komt een paar keer per week langs om koffie te drinken met betrokkene. Dit is prettig en betrokkene gaat daarna goed mee terug naar de afdeling.
De advocaat zegt dat betrokkene tijdens de vorige zitting had aangegeven zich erg te vervelen, waardoor hij in de weerstand was. Nu doet betrokkene regelmatig mee aan activiteiten. Betrokkene heeft ook aangegeven dat de verpleging erg lief voor hem is. De advocaat vindt het lastig te duiden hoe betrokkene er echt in staat. Enerzijds zegt betrokkene dat hij naar huis wil, maar ‘huis’ duidt hij op verschillende manieren; onder andere bij zijn vrouw, maar ook op deze plek. In hoeverre er dus daadwerkelijk verzet is, vindt de advocaat moeilijk te zeggen. Ten aanzien hiervan refereert de advocaat zich aan het oordeel van de rechtbank.
5 De beoordeling
De rechtbank verleent de gevraagde machtiging voor de duur van twaalf maanden. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt.
De rechtbank is van oordeel dat betrokkene lijdt aan een psychogeriatrische aandoening. Betrokkene heeft namelijk Alzheimerdementie.
Het gedrag dat voortvloeit uit deze aandoening leidt tot ernstig nadeel. Dit nadeel bestaat uit:
- ernstig lichamelijk letsel;
- ernstige psychische schade;
- ernstige verwaarlozing;
- maatschappelijke teloorgang.
De rechtbank neemt hierbij onder andere in aanmerking dat bij een terugkeer naar huis het risico op ernstige psychische schade bij de partner van betrokkene bestaat. De partner is eerder, voordat betrokkene opgenomen werd, na een reeks van incidenten met fysieke en verbale agressie gecombineerd door seksuele ontremming uit hun woning vertrokken en elders gaan wonen. Deze gebeurtenissen zijn erg traumatisch geweest voor de echtgenote.
Daarnaast is betrokkene niet in staat om zorg te dragen voor de algemene dagelijkse levensverrichtingen. Hij heeft ondersteuning nodig bij zijn persoonlijke hygiëne, intake en medicatie-inname. Betrokkene kan daarnaast zelf geen structuur aanbrengen. Ook bestaat een risico op terugval in alcoholgebruik wanneer betrokkene terug naar huis gaat.
De opname en het verblijf zijn noodzakelijk en geschikt om het ernstig nadeel te voorkomen of af te wenden. Betrokkene verzet zich hiertegen. Betrokkene wil nog steeds graag naar huis en naar zijn partner toe. Betrokkene wist onlangs buiten de accommodatie te komen en was op weg naar huis. Er zijn meerdere incidenten geweest waarbij betrokkene probeerde weg te glippen. Betrokkene raakt erg boos en geagiteerd als hij niet weg mag en heeft geen ziektebesef en ziekte-inzicht.
Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben.
Gelet op het voorgaande is voldaan aan de criteria voor en doelen van verplichte zorg als bedoeld in de Wzd.
6 De beslissing
De rechtbank:
verleent een machtiging tot opname en verblijf voor [betrokkene], geboren op [geboortedag] 1941 in [geboorteplaats];
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 15 mei 2027;
| Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 15 mei 2026 door mr. Maandag, rechter, in aanwezigheid van Van Ginneken, griffier en op schrift gesteld op 26 mei 2026. |
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.