Uitspraak · Personen- en familierecht

Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 2 maart 2026

ECLI:NL:RBZWB:2026:2442Zaaknummer C/02/444958 / FA RK 26-740

Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Datum uitspraak
2 maart 2026
Publicatiedatum
10 april 2026
Zaaknummer
C/02/444958 / FA RK 26-740
Rechtsgebied
Civiel recht, Personen- en familierecht
Procedure
Rekestprocedure
Zittingsplaats
Middelburg
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

RM na VIBS

De rechtbank:

6.1.

verleent een machtiging tot opname en verblijf voor [betrokkene], geboren op [geboortedag] 1947 in [geboorteplaats];

6.2.

bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 2 september 2026.

Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 2 maart 2026 door mr. Weerkamp, rechter, in aanwezigheid van mr. Willemsen, griffier en op schrift gesteld op 16 maart 2026.

Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 Het verloop van de procedure
  2. 2 Wat vaststaat
  3. 3 Het verzoek
  4. 4 De standpunten
  5. 5 De beoordeling
  6. 6 De beslissing

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Familie- en Jeugdrecht

Locatie Middelburg

Zaaknummer: C/02/444958 / FA RK 26-740

Datum uitspraak: 2 maart 2026

Beschikking rechterlijke machtiging

op het verzoek van het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) voor

[betrokkene],

geboren op [geboortedag] 1947 in [geboorteplaats],

hierna te noemen betrokkene,

wonend in [plaats],

thans verblijvende in [accommodatie],

advocaat mr. M. Kalle uit Middelburg.

1 Het verloop van de procedure

1.1.

De rechtbank neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:

- het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 11 februari 2026.

1.2.

De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 2 maart 2026. Daarbij zijn gehoord:

  • betrokkene, bijgestaan door zijn waarnemend advocaat, mr. Kouijzer;
  • mevrouw [persoon 1], verpleegkundig specialist;
  • mevrouw [persoon 2], verpleegkundig specialist in opleiding;
  • mevrouw [persoon 3], zorgcoördinator;
  • mevrouw [persoon 4], partner van betrokkene.

2 Wat vaststaat

2.1.

Betrokkene verblijft met een inbewaringstelling in [accommodatie]. De burgemeester van Middelburg heeft de inbewaringstelling op 26 januari 2026 afgegeven.

3 Het verzoek

3.1.

Het CIZ verzoekt de rechtbank een rechterlijke machtiging tot opname en verblijf te verlenen voor de duur van zes maanden.

4 De standpunten

4.1.

Betrokkene verklaart tijdens de zitting het niet eens te zijn met de aanvraag voor een rechterlijke machtiging. Betrokkene geeft aan dat het goed met hem gaat en hij naar huis wil. Thuis kan betrokkene goed voor zichzelf zorgen en hij herkent de naar voren gebrachte zorgen niet.

4.2.

De verpleegkundige specialist verklaart dat betrokkene 24-uurs zorg nodig heeft. In de thuissituatie dronk en at betrokkene niet tijdig, vergat hij zijn medicatie en was er sprake van verbale agressie naar zijn partner. Ook is de partner van betrokkene overbelast geraakt.

4.3.

De advocaat van betrokkene bepleit namens betrokkene afwijzing van het verzoek. Betrokkene herkent zich immers niet in de diagnose en het ernstig nadeel. Uit formeel-juridisch oogpunt bezien stelt zij op grond van de stukken en de behandeling ter zitting vast dat aan de wettelijke criteria voor het verlenen van een machtiging tot opname en verblijf is voldaan.

5 De beoordeling

5.1.

De rechtbank verleent de gevraagde machtiging voor de duur van zes maanden. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt.

5.2.

De rechtbank is van oordeel dat betrokkene lijdt aan een psychogeriatrische aandoening. Bij betrokkene is sprake van een gemixte type dementie, namelijk de ziekte van Alzheimer met vasculaire dementie.

5.3.

Het gedrag dat voortvloeit uit deze aandoening leidt tot ernstig nadeel. Dit nadeel bestaat uit:

- levensgevaar;

- ernstig lichamelijk letsel;

- ernstige psychische schade;

- ernstige verwaarlozing.

5.4.

De rechtbank neemt hierbij in overweging dat betrokkene niet meer zelfstandig voor zichzelf kan zorgen. Ondanks de inzet van thuiszorg en de casemanager dwaalde betrokkene rond en belandde hij in een hypoxische toestand op de Spoedeisende Hulp. Ook is de partner van betrokkene ernstig overbelast doordat zij hem voortdurend moet aansturen bij alle dagelijkse handelingen.

5.5.

De opname en het verblijf zijn noodzakelijk en geschikt om het ernstig nadeel te voorkomen of af te wenden. Betrokkene verzet zich hiertegen. Betrokkene geeft de rechtbank duidelijk te kennen dat hij naar huis wil.

5.6.

Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. Betrokkene heeft 24-uurs zorg en begeleiding nodig in een veilige woonomgeving. Dut kan hem in de thuissituatie niet meer worden geboden.

6 De beslissing

De rechtbank:

6.1.

verleent een machtiging tot opname en verblijf voor [betrokkene], geboren op [geboortedag] 1947 in [geboorteplaats];

6.2.

bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 2 september 2026.

Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 2 maart 2026 door mr. Weerkamp, rechter, in aanwezigheid van mr. Willemsen, griffier en op schrift gesteld op 16 maart 2026.

Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.