Uitspraak · Personen- en familierecht

Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 18 december 2025

ECLI:NL:RBZWB:2025:9564Zaaknummer C/02/442530 / FA RK 25-6201

Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Datum uitspraak
18 december 2025
Publicatiedatum
21 oktober 2026
Zaaknummer
C/02/442530 / FA RK 25-6201
Rechtsgebied
Civiel recht, Personen- en familierecht
Procedure
Rekestprocedure, Beschikking
Zittingsplaats
Breda
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

zorgmachtiging Wvggz

De rechtbank:

5.1.

verleent een zorgmachtiging voor:

[betrokkene], geboren op [geboortedag] 2000 in [geboorteplaats],

wat inhoudt dat de maatregelen die in rechtsoverweging 4.6 staan kunnen worden toegepast;

5.2.

bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 18 juni 2026;

5.3.

wijst af het meer of anders verzochte.

Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 18 december 2025 door mr. Govaers, rechter, in aanwezigheid van Baremans, griffier en op schrift gesteld op 29 december 2025.

Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 Het verloop van de procedure
  2. 2 Het verzoek
  3. 3 De standpunten
  4. 4 De beoordeling
  5. 5 De beslissing

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Familie- en Jeugdrecht

Locatie Breda

Zaaknummer: C/02/442530 / FA RK 25-6201

Datum uitspraak: 18 december 2025

Beschikking zorgmachtiging

op het verzoek van de officier van justitie voor

[betrokkene],

geboren op [geboortedag] 2000 in [geboorteplaats],

hierna te noemen betrokkene,

wonende in [plaats],

advocaat mr. J. van Rooijen te Tilburg.

1 Het verloop van de procedure

1.1.

De rechtbank neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:

- het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 1 december 2025.

1.2.

De zitting heeft plaatsgevonden op 18 december 2025. Daarbij zijn gehoord:

  • betrokkene en haar advocaat;
  • [persoon 1], psychiater;
  • [persoon 2], sociaal psychiatrisch verpleegkundige;
  • [persoon 3], psycholoog.

Wanneer de behandelend rechter aanbelt in aanwezigheid van de griffier en de advocaat van betrokkene doet haar huisgenote open, die er vervolgens voor zorgt dat betrokkene aan de deur verschijnt. Betrokkene - gekleed in nachtkleding - geeft vervolgens aan dat zij de rechter wel aan de deur te woord wil staan, maar dat zij in geen geval wil dat er iemand van de GGZ bij aanwezig is. Daarop voert de behandelend rechter een kort gesprek met betrokkene over het verzoek aan de deur. Daarna vindt de mondelinge behandeling van het verzoek, met instemming van de advocaat, plaats tevens in aanwezigheid van de psychiater, de SPV-er en de psycholoog op een nabij gelegen buitenlocatie.

1.3.

De officier is zoals hij reeds aangaf in zijn verzoek niet op de mondelinge behandeling verschenen en dus ook niet gehoord.

2 Het verzoek

De officier van justitie verzoekt de rechtbank een zorgmachtiging te verlenen voor de duur van zes maanden voor de navolgende zorgvormen:

- het toedienen van vocht en voeding;

- het toedienen van medicatie;

- het verrichten van medische controles;

- het verrichten van andere medische handelingen en therapeutische maatregelen, ter behandeling van een psychische stoornis, dan wel vanwege die stoornis, ter behandeling van een somatische aandoening;

- het beperken van de bewegingsvrijheid;

- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen;

- opnemen in een accommodatie.

3 De standpunten

3.1.

Betrokkene geeft aan op de vraag van de behandelend rechter hoe zij tegen het verzoek aankijkt, haar antwoorden voorzichtig formulerend, dat zij erkent dat er met haar iets aan de hand is, maar dat volgens haar verplichte zorg daarvoor geen oplossing biedt. Ook is het niet aan de GGZ zorg om iets van haar situatie te vinden.

3.2.

De psychiater brengt naar voren dat bij betrokkene al geruime tijd een psychotisch toestandsbeeld wordt gezien. Uit gesprekken met haar moeder en stiefvader is naar voren gekomen dat betrokkene in haar jeugdjaren psychisch beschadigd is geraakt. Er is bij betrokkene sprake van terugtrekgedrag, paranoïde wanen en zelfverwaarlozing. Betrokkene oogt vermagerd en zij raakt steeds meer sociaal geïsoleerd. De moeder van betrokkene heeft aangegeven dat zij haar dochter aan het kwijtraken is. Hoewel betrokkene in gesprek sociaal aangepast weet te reageren, weigert zij zich open te stellen voor welke vorm van hulp, zorg en ondersteuning dan ook, bedoeld om haar situatie te stabiliseren. Daarvan uitgaande ziet hij geen mogelijkheden voor ambulante behandeling in een vrijwillig kader. Hij ondersteunt daarom het verzoek tot het verlenen van een zorgmachtiging.

In het geval dat dit verzoek wordt toegewezen zal betrokkene worden opgenomen op de [afdeling] van het [ziekenhuis] te [plaats] voor diagnostisch onderzoek en het op basis daarvan bieden van zorg, waaronder medicatie. Als de op dit moment strikt noodzakelijke zorgvormen benoemt hij het toedienen van vocht en voeding, het toedienen van medicatie, het verrichten van medische controles, het verrichten van andere medische handelingen en therapeutische maatregelen, ter behandeling van een psychische stoornis, dan wel vanwege die stoornis, ter behandeling van een somatische aandoening, het beperken van de bewegingsvrijheid, het aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen en het opnemen in een accommodatie.

3.3.

De sociaal psychiatrisch verpleegkundige en de psycholoog sluiten zich aan bij wat door de psychiater naar voren is gebracht.

3.4.

De advocaat van betrokkene voert aan dat zijn cliënt tijdens het voorgesprek expliciet heeft verklaard dat zij geen toestemming geeft om hem namens haar ter zitting het woord te laten voeren. Dit betekent dat hij niet in de gelegenheid is om namens zijn cliënt een standpunt in te nemen. Hij verwijst in dat verband naar dat wat betrokkene aan de deur aan de behandelend rechter kenbaar heeft gemaakt.

4 De beoordeling

4.1.

De rechtbank verleent de gevraagde zorgmachtiging. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt.

4.2.

Uit de bij het verzoek overgelegde stukken en de mondelinge behandeling is naar het oordeel van de rechtbank gebleken dat betrokkene lijdt aan een psychische stoornis, in de vorm van schizofreniespectrum- en andere psychotische stoornissen.

4.3.

Ook is naar het oordeel van de rechtbank gebleken dat het gedrag van betrokkene als gevolg van haar stoornis leidt tot ernstig nadeel, gelegen in het bestaan van of het aanzienlijk risico op:

- ernstige verwaarlozing;

- maatschappelijke teloorgang.

Daarbij neemt de rechtbank in aanmerking dat door de betrokken zorginstanties, te weten [accommodatie] en in een eerder stadium Bemoeizorg, alsook de moeder en stiefvader wordt gesignaleerd dat betrokkene sinds geruime tijd kampt met paranoïde wanen, dat zij zichzelf verwaarloost en dat zij zichzelf meer en meer afzondert van de buitenwereld. Alle bij haar betrokken personen en instanties vrezen verdere maatschappelijke teloorgang, met alle gevolgen van dien, wanneer diagnostisch onderzoek en zorg, bedoeld om de toestand van betrokkene te verbeteren, uitblijft.

4.4.

Om het ernstig nadeel af te wenden of de geestelijke gezondheid van betrokkene te stabiliseren of te herstellen heeft betrokkene zorg nodig.

4.5.

Betrokkene heeft kenbaar gemaakt dat zij onderkent dat er met haar iets aan de hand is, maar zij heeft tegelijkertijd duidelijk gemaakt dat zij van GGZ zorg en of

-bemoeienis niets wil weten. Gelet daarop ziet de rechtbank geen mogelijkheden voor passende zorg op vrijwillige basis.

4.6.

De rechtbank is op grond van het zorgplan, de medische verklaring, het advies van de geneesheer-directeur en de toelichting tijdens de zitting van oordeel dat de volgende vormen van verplichte zorg nodig zijn:

- het toedienen van vocht en voeding;

- het toedienen van medicatie;

- het verrichten van medische controles;

- het verrichten van andere medische handelingen en therapeutische maatregelen, ter behandeling van een psychische stoornis, dan wel vanwege die stoornis, ter behandeling van een somatische aandoening;

- het beperken van de bewegingsvrijheid;

- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen;

- opnemen in een accommodatie.

4.7.

Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De vormen van verplichte zorg die de rechtbank toewijst zijn evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste vormen van zorg is rekening gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen en om te zorgen voor de veiligheid van betrokkene en haar omgeving.

4.8.

Met inachtneming van het voorgaande zal de rechtbank een zorgmachtiging verlenen voor de duur van zes maanden, als verzocht.

5 De beslissing

De rechtbank:

5.1.

verleent een zorgmachtiging voor:

[betrokkene], geboren op [geboortedag] 2000 in [geboorteplaats],

wat inhoudt dat de maatregelen die in rechtsoverweging 4.6 staan kunnen worden toegepast;

5.2.

bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 18 juni 2026;

5.3.

wijst af het meer of anders verzochte.

Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 18 december 2025 door mr. Govaers, rechter, in aanwezigheid van Baremans, griffier en op schrift gesteld op 29 december 2025.

Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.