Uitspraak · Verbintenissenrecht

Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 5 februari 2025

ECLI:NL:RBZWB:2025:612Zaaknummer 11337088 CV EXPL 24-3565 (E)

Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Datum uitspraak
5 februari 2025
Publicatiedatum
20 februari 2025
Zaaknummer
11337088 CV EXPL 24-3565 (E)
Rechtsgebied
Civiel recht, Verbintenissenrecht
Procedure
Bodemzaak
Zittingsplaats
Breda
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Betwisting overeenkomst. Onvoldoende onderbouwd. Geen conclusie van repliek. Afwijzing vordering.

4 De beslissing

De kantonrechter

4.1.

wijst de vorderingen van [eiseres] af;

4.2.

veroordeelt [eiseres] in de proceskosten van € 50,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [eiseres] niet tijdig aan de veroordeling voldoet en het vonnis daarna wordt betekend.

Dit vonnis is gewezen door mr. Zander en in het openbaar uitgesproken op 5 februari 2025.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 De zaak in het kort
  2. 2 De procedure
  3. 3 Het geschil en de beoordeling
  4. 4 De beslissing

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Civiel recht

Kantonrechter

Zittingsplaats Breda

Zaaknummer: 11337088 \ CV EXPL 24-3565

Vonnis van 5 februari 2025

in de zaak van

[eiseres] B.V.,

te [plaats 2],

eisende partij,

hierna te noemen: [eiseres],

gemachtigde: Van Lith Gerechtsdeurwaarders en Incasso te Eindhoven,

tegen

[gedaagde],

te [plaats 1],

gedaagde partij,

hierna te noemen: [gedaagde],

procederend in persoon.

1 De zaak in het kort

1.1.

In deze zaak gaat het om het volgende. [eiseres] vordert betaling van facturen op grond van een gestelde overeenkomst tussen partijen. [gedaagde] betwist het bestaan van die overeenkomst.

1.2.

De kantonrechter wijst de vorderingen van [eiseres] af. Hieronder legt de kantonrechter dit oordeel uit.

2 De procedure

2.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding met producties;

- de op 1 oktober 2024 ingediende conclusie van antwoord en het extract audiëntieblad van de rolzitting van 9 oktober 2024, waaruit de aanvullende reactie van [gedaagde] blijkt;

- de brief van de gemachtigde van eisende partij van 4 november 2024.

2.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

3 Het geschil en de beoordeling

3.1.

[eiseres] vordert veroordeling van [gedaagde] tot betaling van € 316,93, vermeerderd met rente en kosten.

3.2.

[eiseres] legt aan haar vordering -samengevat- ten grondslag dat [gedaagde] op of omstreeks 16 augustus 2022 via de [website] goederen heeft besteld, waarna de betreffende goederen aan haar zijn geleverd. Naast de aan [gedaagde] toegezonden facturen en sommatie legt [eiseres] bij dagvaarding een voorbeeld van het bestelproces over.

3.3.

[gedaagde] heeft bij conclusie van antwoord gemotiveerd weersproken dat zij bij het bedrijf [eiseres] goederen heeft besteld. [gedaagde] vermoedt dat er sprake is van identiteitsfraude. Om die reden heeft zij bij de politie aangifte gedaan.

3.4.

[eiseres] heeft bij conclusie van repliek gesteld dat er geen aanvullende bewijsstukken voor handen zijn. [eiseres] zal zich gelet op het door [gedaagde] gevoerde verweer aan het oordeel van de kantonrechter refereren.

3.5.

De kantonrechter wijst de vordering van [eiseres] af, omdat op grond van de bij dagvaarding overgelegde stukken niet kan worden vastgesteld dat [gedaagde] via de webshop van [eiseres] goederen heeft gekocht.

3.6.

Nu de vordering van [eiseres] zal worden afgewezen, is een (ambtshalve) toetsing van de (pre)contractuele informatieverplichtingen van [eiseres] niet meer aan de orde.

3.7.

[eiseres] is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van [gedaagde] worden begroot op:

- verletkosten€50,00
Totaal€50,00

4 De beslissing

De kantonrechter

4.1.

wijst de vorderingen van [eiseres] af;

4.2.

veroordeelt [eiseres] in de proceskosten van € 50,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [eiseres] niet tijdig aan de veroordeling voldoet en het vonnis daarna wordt betekend.

Dit vonnis is gewezen door mr. Zander en in het openbaar uitgesproken op 5 februari 2025.

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.