Uitspraak · Personen- en familierecht

Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 14 mei 2024

ECLI:NL:RBZWB:2024:3586Zaaknummer C/02/415510 FA RK 23-5109

Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Datum uitspraak
14 mei 2024
Publicatiedatum
4 juni 2024
Zaaknummer
C/02/415510 FA RK 23-5109
Rechtsgebied
Civiel recht, Personen- en familierecht
Procedure
Rekestprocedure
Zittingsplaats
Middelburg
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Overeenstemming voor zitting

De rechtbank

bepaalt dat de man met ingang van 1 november 2023 ten behoeve van de verzorging en opvoeding van de minderjarigen

1. [minderjarige 1] geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 2020, en

2. [minderjarige 2] geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 2020,

aan de vrouw voor de toekomst bij vooruitbetaling moet voldoen een bedrag van € 173,= per maand per kind;

verklaart deze beschikking tot zover uitvoerbaar bij voorraad;

compenseert de kosten van het geding aldus dat iedere partij de eigen kosten draagt.

Deze beschikking is gegeven door mr. Van Noort, en, in tegenwoordigheid van mr. Oude Weernink, griffier, in het openbaar uitgesproken op 14 mei 2024.

Mededeling van de griffier:

Indien hoger beroep tegen deze beschikking mogelijk is, kan dat worden ingesteld:

  • door de verzoekers en degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak,
  • door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden.

Het hoger beroep moet, door tussenkomst van een advocaat, worden ingediend ter griffie van het

gerechtshof ’s-Hertogenbosch.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 2 De feiten
  2. 3 Het verzoek
  3. 4 De beoordeling
  4. 5 De beslissing

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Team Familie- en Jeugdrecht

Middelburg

Zaaknummer: C/02/415510 FA RK 23-5109

beschikking betreffende levensonderhoud d.d. 14 mei 2024

in de zaak van

[de vrouw],

wonende te [woonplaats],

hierna te noemen de vrouw,

advocaat mr. E. Sijnesael, gevestigd te Middelburg,

en

[de man],

wonende te [woonplaats],

hierna te noemen de man,

advocaat mr. R. Wouters, gevestigd te Middelburg.

1. Het procesverloop

1.1. Dit blijkt uit de volgende stukken:

- het op 31 oktober 2023 ontvangen verzoekschrift met bijlagen;

- het op 3 januari 2024 ontvangen verweerschrift met bijlagen;

- het F9-formulier d.d. 28 maart 2024 van mr. Sijnesael, met bijlage;

- het F9-formulier d.d. 29 maart 2024 van mr. Wouters, met bijlagen;

- het F9-formulier d.d. 5 april 2024 van mr. Sijnesael, met bijlage;

- het F9-formulier d.d. 8 april 2024 van mr. Wouters.

2 De feiten

2.1.

Partijen hebben een relatie met elkaar gehad.

2.2.

Uit hun relatie zijn de volgende, nu nog minderjarige kinderen geboren:

1. [minderjarige 1] geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 2020,

2. [minderjarige 2] geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 2020.

2.3.

Deze kinderen zijn door de man erkend. Ouders zijn gezamenlijk belast met het ouderlijk gezag over die minderjarigen;

2.4.

Er is geen rechterlijke uitspraak van kracht op grond waarvan de man een

onderhoudsbijdrage ten behoeve van de minderjarigen moet voldoen.

3 Het verzoek

3.1.

De vrouw verzoekt, na wijziging,

I. De man te veroordelen tot het voldoen van een bedrag van € 173,- per kind per maand aan de vrouw als bijdrage in de kosten van de opvoeding en verzorging van de minderjarige kinderen, telkens bij vooruitbetaling te voldoen en met ingang van 1 november 2023;

II. Deze beschikking, voor zover mogelijk, uitvoerbaar bij voorraad te verklaren;

III. Kosten rechtens.

4 De beoordeling

4.1.

Bij F9-formulier van 5 april 2024 van mr. Sijnesael is namens de vrouw bericht dat partijen overeenstemming hebben bereikt. Gelet op de overeenstemming wijzigt de vrouw haar verzoek op de wijze zoals hiervoor onder 3.1. is weergegeven. Verder verzoekt de vrouw de zaak schriftelijk af te doen.

4.2.

Bij F9-formulier van 8 april 2024 is namens de man bevestigd dat partijen overeenstemming hebben bereikt. Ook de man heeft aangegeven dat er geen mondelinge behandeling hoeft plaats te vinden.

4.3.

Uit voormelde F9-formulieren volgt dat partijen overeenstemming hebben bereikt over de alimentatie. Deze overeenstemming komt de rechtbank niet ongegrond voor en zal op onderstaande wijze worden toegewezen.

4.5.

Gelet op de relatie tussen partijen zullen de proceskosten tussen hen worden gecompenseerd, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt.

5 De beslissing

De rechtbank

bepaalt dat de man met ingang van 1 november 2023 ten behoeve van de verzorging en opvoeding van de minderjarigen

1. [minderjarige 1] geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 2020, en

2. [minderjarige 2] geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 2020,

aan de vrouw voor de toekomst bij vooruitbetaling moet voldoen een bedrag van € 173,= per maand per kind;

verklaart deze beschikking tot zover uitvoerbaar bij voorraad;

compenseert de kosten van het geding aldus dat iedere partij de eigen kosten draagt.

Deze beschikking is gegeven door mr. Van Noort, en, in tegenwoordigheid van mr. Oude Weernink, griffier, in het openbaar uitgesproken op 14 mei 2024.

Mededeling van de griffier:

Indien hoger beroep tegen deze beschikking mogelijk is, kan dat worden ingesteld:

  • door de verzoekers en degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak,
  • door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden.

Het hoger beroep moet, door tussenkomst van een advocaat, worden ingediend ter griffie van het

gerechtshof ’s-Hertogenbosch.

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.