Uitspraak · Burgerlijk procesrecht

Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 13 september 2023

ECLI:NL:RBZWB:2023:6501Zaaknummer 10640343 CV EXPL 23-1916 (E)

Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Datum uitspraak
13 september 2023
Publicatiedatum
3 oktober 2023
Zaaknummer
10640343 CV EXPL 23-1916 (E)
Rechtsgebied
Civiel recht, Burgerlijk procesrecht
Procedure
Bodemzaak
Zittingsplaats
Middelburg
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Originele dagvaarding niet overgelegd, verval van aanhangigheid

3 De beslissing

De kantonrechter:

weigert het gevraagde verstek en verstaat dat de instantie is geëindigd.

Dit vonnis is gewezen door mr. Ponds, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 13 september 2023 in tegenwoordigheid van de griffier.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 Het verloop van het geding
  2. 2 Het geschil en de beoordeling
  3. 3 De beslissing

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Cluster I Civiele kantonzaken

Middelburg

zaak/rolnr.: 10640343 CV EXPL 23-1916

vonnis d.d. 13 september 2023

inzake

de maatschap [eiseres],

gevestigd en kantoorhoudende te [vestigingsplaats],

eiseres,

gemachtigde: mr. P.H. Pijpelink te Terneuzen,

tegen

[gedaagde],

wonende te [woonadres],

gedaagde,

niet verschenen.

1 Het verloop van het geding

De procedure blijkt uit:

- de dagvaarding van 19 juli 2023 met producties;

- het rolbericht van 2 augustus 2023.

2 Het geschil en de beoordeling

2.1

Bij dagvaarding van 19 juli 2023 is gedaagde opgeroepen te verschijnen ter terechtzitting van deze rechtbank, kamer voor kantonzaken, op 2 augustus 2023.

2.2

Gedaagde is niet ter terechtzitting verschenen.

2.3

De kantonrechter heeft eiseres bij rolbericht van 2 augustus 2023 in de gelegenheid gesteld om op de rolzitting van 16 augustus 2023 het geconstateerde verzuim, namelijk het ontbreken van een originele dagvaarding, te herstellen.

2.4

Op grond van artikel 125 lid 1 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) is het geding aanhangig vanaf de dag der dagvaarding. Artikel 125 lid 2 Rv bepaalt dat het exploot van dagvaarding door eiser ter griffie wordt ingediend uiterlijk op de laatste dag waarop de griffie is geopend, voorafgaande aan de in de dagvaarding vermelde roldatum. De aanhangigheid van het geding vervalt, zo is bepaald in artikel 125 lid 4 Rv, indien het exploot van dagvaarding niet uiterlijk op het in het tweede lid vermelde tijdstip ter griffie is ingediend, tenzij binnen twee weken na de in de dagvaarding genoemde roldatum een herstelexploot is uitgebracht.

2.5

Eiseres heeft geen herstelexploot uitgebracht, zodat het gevraagde verstek moet worden geweigerd.

3 De beslissing

De kantonrechter:

weigert het gevraagde verstek en verstaat dat de instantie is geëindigd.

Dit vonnis is gewezen door mr. Ponds, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 13 september 2023 in tegenwoordigheid van de griffier.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.