Uitspraak · Socialezekerheidsrecht

Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 14 juli 2023

ECLI:NL:RBZWB:2023:5059Zaaknummer AWB- 23_1289

Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Datum uitspraak
14 juli 2023
Publicatiedatum
21 juli 2023
Zaaknummer
AWB- 23_1289
Rechtsgebied
Bestuursrecht, Socialezekerheidsrecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

ZORG

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.

Deze uitspraak is gedaan door mr. J. van Alphen, rechter, in aanwezigheid van mr. M.R. Jouvenaar, griffier, op 14 juli 2023 en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.

griffierrechter

Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Informatie over verzet

Als partijen het niet eens zijn met deze uitspraak, kunnen zij een verzetschrift sturen naar de rechtbank waarin zij uitleggen waarom zij het niet eens zijn met deze uitspraak. Het verzetschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Als partijen graag een zitting willen om het verzetschrift toe te lichten, moeten zij dit in het verzetschrift vermelden.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. [naam eiser] uit [plaatsnaam] , eiser
  2. Belastingdienst/Toeslagen, verweerder.
  3. Inleiding
  4. Beoordeling door de rechtbank
  5. Conclusie en gevolgen
  6. Beslissing
  7. Informatie over verzet

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Bestuursrecht

zaaknummer: BRE 23/1289

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 14 juli 2023 in de zaak tussen

[naam eiser] uit [plaatsnaam] , eiser

en

Belastingdienst/Toeslagen, verweerder.

Inleiding

1. In deze uitspraak beslist de rechtbank over het beroep van eiser tegen het bestreden besluit van verweerder van 27 januari 2023 waarin verweerder het bezwaar van [naam persoon] tegen de voorschotbeschikking van de zorgtoeslag over 2021 niet-ontvankelijk verklaard en dus niet in behandeling genomen omdat [naam persoon] te laat was met het indienen van het bezwaar. De voorschotbeschikking is namelijk van 29 december 2021 en het bezwaar is pas op 16 augustus 2022 ontvangen door verweerder.

1.1.

Omdat het beroep kennelijk niet-ontvankelijk is, doet de rechtbank uitspraak zonder zitting. Artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) maakt dat mogelijk.

Beoordeling door de rechtbank

2. De rechtbank komt tot het oordeel dat het beroep kennelijk niet-ontvankelijk is omdat [naam eiser] geen machtiging heeft ingediend. Hij heeft dat verzuim niet tijdig hersteld. De rechtbank legt hierna uit hoe zij tot dit oordeel komt.

Toetsingskader

3. Iemand die namens een ander beroep instelt, moet op verzoek van de rechtbank een machtiging indienen om aan te tonen dat hij namens die ander beroep mag instellen.[_5c39ee7e-1888-4f46-a65f-24c3e9f3829e] Als dat niet gebeurt, kan de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk verklaren.[_7b41e7d3-8275-42ef-8225-9c517c87a40a]

Is een machtiging overgelegd?

4. Het beroepschrift is ingediend door [naam eiser]. Hij vermeldt daarin dat hij de gemachtigde is van [naam persoon]. Hij heeft bij het beroepschrift echter geen machtiging bijgevoegd waaruit blijkt dat hij gemachtigd is om dit het beroep in te stellen namens [naam persoon]. De rechtbank heeft hem bij brief van 23 februari 2023 en bij aangetekende brief van 28 maart 2023, die [naam eiser] op 29 maart 2023 om 12:45 ontvangen heeft, verzocht om binnen vier weken dit verzuim te herstellen. [naam eiser] heeft binnen die termijn geen machtiging ingediend.

Is het niet tijdig indienen van een machtiging verontschuldigbaar?

5. [naam eiser] heeft geen reden gegeven voor dit verzuim. Er is dus geen verontschuldiging voor dit verzuim gebleken. Uit het beroepschrift blijkt dat [naam eiser] niet de bedoeling heeft voor zichzelf in beroep te komen.

Conclusie en gevolgen

6. Het beroep is daarom niet-ontvankelijk. Dat betekent dat de rechtbank het beroep niet inhoudelijk beoordeelt en dat het bestreden besluit in stand blijft. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.

Deze uitspraak is gedaan door mr. J. van Alphen, rechter, in aanwezigheid van mr. M.R. Jouvenaar, griffier, op 14 juli 2023 en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.

griffierrechter

Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Informatie over verzet

Als partijen het niet eens zijn met deze uitspraak, kunnen zij een verzetschrift sturen naar de rechtbank waarin zij uitleggen waarom zij het niet eens zijn met deze uitspraak. Het verzetschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Als partijen graag een zitting willen om het verzetschrift toe te lichten, moeten zij dit in het verzetschrift vermelden.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.