Uitspraak · Belastingrecht

Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 12 mei 2023

ECLI:NL:RBZWB:2023:3255Zaaknummer BRE-22_3581

Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Datum uitspraak
12 mei 2023
Publicatiedatum
25 mei 2023
Zaaknummer
BRE-22_3581
Rechtsgebied
Bestuursrecht, Belastingrecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats
Breda
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

8:54; beroep niet-ontvankelijk ivm niet overleggen van besluit waartegen beroep.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.

Deze uitspraak is gedaan door mr. S.A.J. Bastiaansen, rechter, in aanwezigheid van P. van der Hoeven, griffier, op 12 mei 2023 en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.

griffierrechter

Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Bent u het niet eens met deze uitspraak?

Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven. Als u graag een zitting wilt waarin u uw verzetschrift kunt toelichten, kunt u dit in uw verzetschrift vermelden.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. [belanghebbende], uit [plaats], belanghebbende
  2. De heffingsambtenaar van de gemeente Dongen, de heffingsambtenaar.
  3. Procesverloop
  4. Overwegingen
  5. Beslissing
  6. Bent u het niet eens met deze uitspraak?

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Belastingrecht

zaaknummer: BRE 22/3581

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 12 mei 2023 in de zaak tussen

[belanghebbende], uit [plaats], belanghebbende

en

De heffingsambtenaar van de gemeente Dongen, de heffingsambtenaar.

Procesverloop

Belanghebbende heeft een beroepschrift ingediend kennelijk tegen een besluit van de heffingsambtenaar van 15 juli 2022.

Overwegingen

Omdat het beroep kennelijk niet-ontvankelijk is doet de rechtbank uitspraak zonder zitting. Artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) maakt dat mogelijk. De rechtbank legt hierna uit waarom het beroep kennelijk niet-ontvankelijk is.

Iemand die beroep instelt, moet bij zijn beroepschrift zo mogelijk een kopie van het besluit bijvoegen waar hij het niet mee eens is. Dit staat in artikel 6:5, tweede lid, van de Awb. Als dat niet gebeurt, kan de rechtbank - na een herstelmogelijkheid - het beroep op grond van artikel 6:6 van de Awb niet-ontvankelijk verklaren.

Belanghebbende heeft geen kopie van het besluit waar hij het niet mee eens is bijgevoegd bij het beroepschrift. De rechtbank heeft belanghebbende bij brief van 21 juli 2022 verzocht om binnen vier weken dit verzuim te herstellen.

Bij brief van 17 augustus 2022 is de termijn om te reageren verlengd tot 21 september 2022, na een ingediend verzoek om uitstel door belanghebbende.

Op 25 september 2022 vult belanghebbende zijn gronden van het beroep aan.

Bij brief van 26 september 2022 wordt belanghebbende nogmaals verzocht binnen twee weken het besluit te overleggen waar hij het niet mee eens is. Dit verzoek wordt herhaald bij aangetekende brief van 17 oktober 2022.

Bij brief van 25 november 2022 wordt belanghebbende nogmaals verzocht binnen twee weken het besluit te overleggen waar hij het niet mee eens is. Dit verzoek wordt herhaald bij aangetekende brief van 19 december 2022 met een laatste termijn van twee weken.

Volgens gegevens van Track&Trace van PostNL is de aangetekende brief afgehaald op een afhaallocatie van PostNL.

Belanghebbende heeft binnen deze termijn geen kopie van het besluit toegestuurd waar hij het niet mee eens is.

Het beroep is daarom kennelijk niet-ontvankelijk.

Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.

Deze uitspraak is gedaan door mr. S.A.J. Bastiaansen, rechter, in aanwezigheid van P. van der Hoeven, griffier, op 12 mei 2023 en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.

griffierrechter

Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Bent u het niet eens met deze uitspraak?

Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven. Als u graag een zitting wilt waarin u uw verzetschrift kunt toelichten, kunt u dit in uw verzetschrift vermelden.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.