Uitspraak · Bestuursrecht
Rechtbank Rotterdam, 17 juli 2026
ECLI:NL:RBROT:2026:9879Zaaknummer ROT 24/2016
- Instantie
- Rechtbank Rotterdam
- Datum uitspraak
- 17 juli 2026
- Publicatiedatum
- 11 augustus 2026
- Zaaknummer
- ROT 24/2016
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Zittingsplaats
- Rotterdam
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Varia. Woo. Beroep niet-ontvankelijk. Eiser heeft geen belang meer bij een inhoudelijke beoordeling van zijn beroep.
Beslissing
De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. A.C. Rop, rechter, in aanwezigheid van mr. L. Meijer, griffier.
Uitgesproken in het openbaar op 17 juli 2026.
| griffier | rechter |
Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:
Informatie over hoger beroep
Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
Zittingsplaats Rotterdam
Bestuursrecht
zaaknummer: ROT 24/2016
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 17 juli 2026 in de zaak tussen
[naam eiser] , uit [plaats] , eiser
en
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Rotterdam, het college
(gemachtigde: mr. S.B.H. Fijneman).
Inleiding
1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep dat eiser heeft ingesteld, omdat het college volgens hem niet op tijd heeft beslist op zijn verzoeken om openbaarmaking op grond van de Wet open overheid (Woo) van 27 november 2023 en 20 december 2023.
Vanwege het uitblijven van beslissingen op zijn verzoeken heeft eiser op 7 februari 2024 dit beroep wegens het niet tijdig beslissen ingediend.
Bij uitspraak van 7 juni 2024 heeft de rechtbank het beroep van eiser niet-ontvankelijk verklaard vanwege het niet betalen van griffierechten.
Bij uitspraak van 28 januari 2025 is het door eiser ingestelde verzet gegrond verklaard. De verzetrechter heeft het beroep wegens niet tijdig beslissen, terugverwezen naar de stand van de procedure zoals die was voordat de uitspraak van 7 juni 2024.
Op 5 april 2024 heeft het college alsnog beslist op het Woo-verzoek van 27 november 2023 door het verzoek om openbaarmaking af te wijzen.
Op 4 augustus 2025 heeft het college alsnog beslist op het Woo-verzoek van 20 december 2023. Daarbij zijn in totaal 39 documenten (gedeeltelijk) openbaar gemaakt.
Op grond van artikel 6:20, derde lid van de Algemene wet bestuursrecht heeft het beroep niet tijdig beslissen mede betrekking op deze besluiten.
Omdat het de rechtsbank ambtshalve is gebleken dat eiser niet meer in Nederland staat ingeschreven, telefonisch niet bereikbaar is en ook niet reageert op e-mailberichten, heeft de rechtbank eiser via de Staatscourant uitgenodigd voor een zitting.
De zitting heeft plaatsgevonden op 13 juli 2026. Het college heeft zich tijdig voor zitting afgemeld. Eiser is, zonder bericht van verhindering, niet verschenen.
Beoordeling door de rechtbank
Omdat het college inmiddels inhoudelijk heeft beslist op eisers verzoeken van 27 november 2023 en 20 december 2023 heeft eiser geen belang meer bij dit beroep wegens niet tijdig beslissen. Zijn beroep is in zoverre niet-ontvankelijk.
De rechtbank gaat er vanuit dat eiser ook geen belang heeft bij een inhoudelijke beoordeling van de besluiten van 4 april 2024 en 4 augustus 2025. De rechtbank kan eiser al geruime tijd niet bereiken. De aan eiser (aangetekend) verstuurde post komt retour en eiser reageert niet op e-mailberichten. Telefonisch is eiser ook niet meer bereikbaar. De rechtbank heeft van het college begrepen dat zij eiser ook niet meer kunnen bereiken. Met ingang van 10 februari 2025 staat eiser als ‘Niet ingezetene’ geregistreerd in de gemeentelijke basisadministratie. Eiser heeft de rechtbank niet van zijn vertrek op de hoogte gesteld en ook geen contactgegevens doorgeven of contact met de rechtbank opgenomen over zijn (lopende) procedures. Dat terwijl eiser in deze en eerdere zaken die hij bij de rechtbank had lopen altijd erg actief was en veelvuldig contact met de rechtbank zocht. De rechtbank leidt uit het voorgaande af dat eiser kennelijk niet langer prijs stelt op een uitspraak. Bovendien heeft de rechtbank geen mogelijkheid om eiser van de uitspraak in kennis te stellen. Eiser heeft daarom geen belang meer bij een inhoudelijke beoordeling van zijn beroep.
Conclusie en gevolgen
3. Het beroep is niet-ontvankelijk. De rechtbank beoordeelt dus de zaak niet inhoudelijk. Eiser krijgt daarom het griffierecht niet terug. Hij krijgt ook geen vergoeding van zijn proceskosten.
Beslissing
De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. A.C. Rop, rechter, in aanwezigheid van mr. L. Meijer, griffier.
Uitgesproken in het openbaar op 17 juli 2026.
| griffier | rechter |
Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:
Informatie over hoger beroep
Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.
Wetsartikelen in deze uitspraak
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.