Uitspraak · Insolventierecht

Rechtbank Rotterdam, 9 februari 2026

ECLI:NL:RBROT:2026:9609Zaaknummer C/10/714341 HO RK 26/57

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak
9 februari 2026
Publicatiedatum
5 augustus 2026
Zaaknummer
C/10/714341 HO RK 26/57
Rechtsgebied
Civiel recht, Insolventierecht
Procedure
Eerste en enige aanleg
Zittingsplaats
Rotterdam
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

WHOA zaak. Intrekken aanstelling observator en vaststellen salaris observator.

De rechtbank:

- trekt in de aanstelling van mr. R.C. Steenhoek als observator in de besloten akkoordprocedure van [schuldenaar];

- bepaalt het salaris van de observator op € 9.615,38 en de kantoorkosten op € 384,62, beide bedragen exclusief btw;

- bepaalt dat het salaris en de kantoorkosten ten laste van [schuldenaar] komen.

Deze beschikking is gegeven door mr. M. Aukema, voorzitter, mr. J.C.A.T. Frima en

mr. V.G.T. van Emstede, rechters, en in aanwezigheid van mr. J.B. Biezen, griffier, in het openbaar uitgesproken op 9 februari 2026.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 De procedure
  2. 2 De beoordeling
  3. 3 De beslissing

Rechtbank Rotterdam

Team Insolventie – meervoudige kamer

intrekken aanstelling observator en vaststellen salaris observator

rekestnummer: C/10/714341 HO RK 26/57

uitspraakdatum: 9 februari 2026

beschikking in de besloten akkoordprocedure van:

[schuldenaar],

statutair gevestigd te [vestigingsplaats],

advocaat: mr. Chr. Giljam.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit de volgende stukken:

- de op 10 december 2025 ter griffie van deze rechtbank gedeponeerde startverklaring ex artikel 370 lid 3 Faillissementswet (Fw);

- de beschikking van 19 januari 2026: afkondigen afkoelingsperiode, afgeven machtiging voor rechtshandelingen en aanstellen observator;

- de beschikking van 19 januari 2026: opheffen afkoelingsperiode;

- de brief met bijlage van de observator van 3 februari 2026.

2 De beoordeling

2.1.

De observator heeft verzocht zijn salaris vast te stellen op € 9.615,38 exclusief btw en 4% kantoorkosten.

2.2.

Uit het verloop van de procedure is de rechtbank duidelijk geworden dat er geen akkoord ex artikel 370 lid 1 Fw zal worden aangeboden en [schuldenaar] heeft inmiddels faillissementsaangifte gedaan.

2.3.

De rechtbank zal de aanstelling van de observator intrekken en zijn salaris vaststellen.

2.4.

Het verzoek om vaststelling van het salaris komt de rechtbank zowel in omvang als verrichte werkzaamheden redelijk voor. Nu voorts [schuldenaar] schriftelijk aan de observator heeft verklaard dat zij met het voorstel instemt en er niet op gehoord hoeft te worden, zal de rechtbank het salaris dienovereenkomstig vaststellen.

3 De beslissing

De rechtbank:

- trekt in de aanstelling van mr. R.C. Steenhoek als observator in de besloten akkoordprocedure van [schuldenaar];

- bepaalt het salaris van de observator op € 9.615,38 en de kantoorkosten op € 384,62, beide bedragen exclusief btw;

- bepaalt dat het salaris en de kantoorkosten ten laste van [schuldenaar] komen.

Deze beschikking is gegeven door mr. M. Aukema, voorzitter, mr. J.C.A.T. Frima en

mr. V.G.T. van Emstede, rechters, en in aanwezigheid van mr. J.B. Biezen, griffier, in het openbaar uitgesproken op 9 februari 2026.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.