Uitspraak · Personen- en familierecht

Rechtbank Rotterdam, 25 september 2026

ECLI:NL:RBROT:2026:14665Zaaknummer C/10/726560 / JE RK 26-1848

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak
25 september 2026
Publicatiedatum
27 oktober 2026
Zaaknummer
C/10/726560 / JE RK 26-1848
Rechtsgebied
Civiel recht, Personen- en familierecht
Procedure
Beschikking
Zittingsplaats
Rotterdam
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Verlenging van de ondertoezichtstelling en machtiging tot uithuisplaatsing tot meerderjarigheid.

5 De beslissing

De kinderrechter:

5.1.

verlengt de ondertoezichtstelling van [minderjarige] tot haar meerderjarigheid, te weten tot [geboortedag] 2027;

5.2.

verlengt de machtiging tot uithuisplaatsing van [minderjarige] in een accommodatie van een jeugdhulpaanbieder tot haar meerderjarigheid, te weten tot [geboortedag] 2027;

5.3.

verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.

Deze beslissing is gegeven en in het openbaar uitgesproken op 25 september 2026 door mr. A.A.J. de Nijs, kinderrechter, in aanwezigheid van mr. R.S.E. Pronk als griffier, en op schrift gesteld op 8 oktober 2026.

Tegen eindbeslissingen in deze beschikking is hoger beroep mogelijk bij het gerechtshof Den Haag. Hiervoor is een advocaat nodig. Wie kunnen hoger beroep instellen:

  • degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;
  • andere belanghebbenden, binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of binnen drie maanden nadat zij op andere wijze daarvan kennis hebben genomen.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 Het verloop van de procedure
  2. 2 De feiten
  3. 3 Het verzoek
  4. 4 De beoordeling
  5. 5 De beslissing

RECHTBANK ROTTERDAM

Team Jeugd

Zaaknummer: C/10/726560 / JE RK 26-1848

Datum uitspraak: 25 september 2026

Beschikking van de kinderrechter over een verlenging ondertoezichtstelling en verlenging machtiging tot uithuisplaatsing

in de zaak van

de gecertificeerde instelling Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond,

gevestigd in Rotterdam, hierna te noemen: de GI,

over

[minderjarige],

geboren op [geboortedag] 2009 in [geboorteplaats], hierna te noemen: [minderjarige].

De kinderrechter merkt als belanghebbenden aan:

[oma mz] en [(stief)opa mz],

zijnde de voogden, hierna te noemen: de oma en (stief)opa moederszijde (mz),

wonende in [plaats].

1 Het verloop van de procedure

1.1.

De kinderrechter neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:

  • het verzoekschrift met bijlagen van de GI van 16 september 2026, ontvangen op diezelfde datum,
  • het gezinsplan van de GI van 25 september 2026, ontvangen op diezelfde datum.
1.2.

De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 25 september 2026. Daarbij was een vertegenwoordiger van de GI, [vertegenwoordiger van de GI], aanwezig.

1.3.

De oma en opa mz zijn niet verschenen. De kinderrechter stelt vast dat zij juist zijn opgeroepen.

1.4.

De kinderrechter heeft [minderjarige] naar haar mening gevraagd. [minderjarige] heeft hier geen gebruik van gemaakt.

2 De feiten

2.1.

Bij beschikking van 15 mei 2019 zijn de oma en opa mz. benoemd tot voogden over [minderjarige].

2.2.

[minderjarige] verblijft bij Optica-zorg.

2.3.

Bij beschikking van 2 oktober 2025 is de ondertoezichtstelling van [minderjarige] verlengd tot 6 oktober 2026. Bij diezelfde beschikking is de machtiging tot uithuisplaatsing van [minderjarige] in een accommodatie van een jeugdhulpaanbieder verlengd tot 6 oktober 2026.

3 Het verzoek

3.1.

De GI verzoekt de ondertoezichtstelling van [minderjarige] te verlengen tot haar meerderjarigheid, te weten tot [geboortedag] 2027. Ook verzoekt de GI de machtiging tot uithuisplaatsing van [minderjarige] in een accommodatie van een jeugdhulpaanbieder te verlengen tot haar meerderjarigheid, te weten tot [geboortedag] 2027. De GI verzoekt de beslissing uitvoerbaar bij voorraad te verklaren.

3.2.

De GI handhaaft ter zitting het verzoek en licht dit als volgt toe. [minderjarige] kent een verleden met ernstige problematiek. Sinds [minderjarige] bij Optica-zorg verblijft zijn er verbeteringen zichtbaar. Tegelijkertijd zijn er ook terugvallen. [minderjarige] heeft hulpverlening nodig. Een belangrijke stap is [minderjarige] aanmelden voor de Wet maatschappelijke ondersteuning en het wijkteam, voor ondersteuning vanaf haar achttiende verjaardag.

4 De beoordeling

Ondertoezichtstelling

4.1.

De kinderrechter is van oordeel dat aan de voorwaarden voor een verlenging van de ondertoezichtstelling is voldaan.[_87cc796f-5eaa-4cd2-81cf-de1a821b7fca] De kinderrechter legt hieronder uit waarom.

4.2.

De ontwikkeling van [minderjarige] wordt nog steeds ernstig bedreigd. [minderjarige] is opgegroeid in een zorgelijke en onveilige opvoedsituatie bij haar moeder. Daarna heeft [minderjarige] veel van verblijfplaats moeten wisselen. Sinds [minderjarige] bij Optica-zorg verblijft, is een positieve ontwikkeling zichtbaar. Deze ontwikkeling wordt helaas nog afgewisseld met periodes waarin het minder goed gaat. [minderjarige] is wel gemotiveerd om toe te werken naar zelfstandigheid.

4.3.

De ernstige ontwikkelingsbedreiging kan niet of onvoldoende worden weggenomen met vrijwillige hulpverlening. Gelet op het verleden van [minderjarige] is het risico te groot dat [minderjarige] onvoldoende ondersteuning krijgt. Een jeugdbeschermer blijft nodig om regie te voeren en [minderjarige] te ondersteunen bij de voorbereiding op haar volwassenheid.

4.4.

De ondertoezichtstelling is daarom nog steeds nodig. Dit is ook niet weersproken door [minderjarige] of de oma of opa mz. De kinderrechter verlengt de ondertoezichtstelling van [minderjarige] tot haar achttiende verjaardag op [geboortedag] 2027.[_b46c546f-5ff0-43e8-b932-87ceb6e8c824]

Machtiging uithuisplaatsing

4.5.

Ook is de verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing van [minderjarige] noodzakelijk in het belang van haar verzorging en opvoeding.[_2d197414-7f26-43fa-a044-76e80451e20f] [minderjarige] heeft in haar leven veel wisselingen van verblijfsplek meegemaakt. De kinderrechter acht het van belang dat [minderjarige] de komende periode bij Optica-zorg kan blijven zodat zij de benodigde stabiliteit en ondersteuning krijgt. De jeugdbeschermer onderzoekt in de komende periode of [minderjarige] ook na haar meerderjarigheid bij Optica-zorg kan verblijven. [minderjarige] zelf wil hier graag blijven wonen.

4.6.

De kinderrechter verklaart de beslissing uitvoerbaar bij voorraad, zoals is verzocht. Dat wil zeggen dat de beslissing direct geldt, ook als iemand in hoger beroep gaat.

5 De beslissing

De kinderrechter:

5.1.

verlengt de ondertoezichtstelling van [minderjarige] tot haar meerderjarigheid, te weten tot [geboortedag] 2027;

5.2.

verlengt de machtiging tot uithuisplaatsing van [minderjarige] in een accommodatie van een jeugdhulpaanbieder tot haar meerderjarigheid, te weten tot [geboortedag] 2027;

5.3.

verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.

Deze beslissing is gegeven en in het openbaar uitgesproken op 25 september 2026 door mr. A.A.J. de Nijs, kinderrechter, in aanwezigheid van mr. R.S.E. Pronk als griffier, en op schrift gesteld op 8 oktober 2026.

Tegen eindbeslissingen in deze beschikking is hoger beroep mogelijk bij het gerechtshof Den Haag. Hiervoor is een advocaat nodig. Wie kunnen hoger beroep instellen:

  • degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;
  • andere belanghebbenden, binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of binnen drie maanden nadat zij op andere wijze daarvan kennis hebben genomen.

Voetnoten

  1. Artikel 1:260 BW.
  2. Artikel 1:260, eerste lid, BW
  3. Artikel 1:265c, tweede lid, BW.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.