Uitspraak · Civiel recht
Rechtbank Rotterdam, 19 februari 2025
ECLI:NL:RBROT:2025:2732Zaaknummer FT RK 24/1366
- Instantie
- Rechtbank Rotterdam
- Datum uitspraak
- 19 februari 2025
- Publicatiedatum
- 5 maart 2025
- Zaaknummer
- FT RK 24/1366
- Rechtsgebied
- Civiel recht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Zittingsplaats
- Rotterdam
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Afwijzing WSNP, door wegvallen vordering en verhoogde afloscapaciteit is er van een problematische schuldenlast geen sprake meer.
De rechtbank:
- wijst het verzoek af.
Dit vonnis is gewezen door mr. M. Aukema, rechter, en in aanwezigheid van
C. van der Velde, griffier, in het openbaar uitgesproken op 19 februari 2025. [_28a97e54-84fa-4742-a52f-aab52bb17af3]
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
Rechtbank Rotterdam
Team insolventie
afwijzing toepassing schuldsaneringsregeling
rekestnummer: [nummer]
uitspraakdatum: 19 februari 2025
[verzoeker],
[adres]
[postcode] [plaats],
verzoeker.
1 De procedure
De heer [verzoeker] heeft op 4 oktober 2024 een verzoekschrift met bijlagen ingediend tot toepassing van de schuldsaneringsregeling. De heer [verzoeker] en zijn beschermings-bewindvoerder, mevrouw S. Cruz, zijn ter zitting van 3 februari 2025 gehoord.
De uitspraak is bepaald op vandaag.
2 De feiten
De heer [verzoeker] ontvangt inkomsten uit arbeid. Zijn inkomen bedraagt varieert van
€ 2.400,-- tot € 2.600,-- per vier weken. Verzoeker had een afloscapaciteit van circa € 400,-- per maand. Ter zitting heeft verzoeker meegedeeld dat zijn alimentatieverplichting is komen te vervallen, waardoor de afloscapaciteit is gestegen naar ruim € 700,-- per maand. De beschermingsbewindvoerder heeft ter zitting verklaard dat de schuld aan het LBIO van
€ 13.973,75, zoals vermeld op de crediteurenlijst bij het verzoekschrift, volledig door beslaglegging is voldaan. De schuld aan de belastingdienst is daarentegen toegenomen. De beschermingsbewindvoerder heeft ter zitting verklaard dat er sprake is van een schuldenlast van thans ongeveer € 10.000,--. Het spaarsaldo op de beheerrekening bedraagt ca. € 500,--.
3 De beoordeling
Ingevolge artikel 288, eerste lid, onder a Faillissementswet wordt het verzoek, zoals bedoeld in artikel 284, eerste lid Faillissementswet slechts toegewezen indien voldoende aannemelijk is dat schuldenaar niet zal kunnen voortgaan met het betalen van zijn schulden.
Ter zitting is gebleken dat de schuld aan het LBIO is vervallen. Daarnaast is de schuld van de belastingdienst iets toegenomen. De schuldenlast bedraagt thans ca. € 10.000,--. De heer [verzoeker] heeft inkomsten uit arbeid. Zijn inkomen varieert tussen € 2.400,-- en € 2.600,-- per vier weken. De huidige afloscapaciteit bedraagt op dit moment € 700,-- per maand. Uitgaande van de huidige afloscapaciteit en een schuldenlast van € 10.000,-- kan de heer [verzoeker] binnen een termijn van vijftien maanden zijn volledige schuldenlast voldoen.
De rechtbank oordeelt dat de heer [verzoeker] zich niet bevindt in een problematische schuldsituatie. De heer [verzoeker] bevindt zich niet in een klemmende en uitzichtloze situatie. De heer [verzoeker] heeft perspectief om zijn schuldenlast volledig te voldoen binnen een afzienbare periode.
Het verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling zal daarom worden afgewezen.
Volledigheidshalve wordt opgemerkt dat dit niet betekent dat er geen andere feiten of omstandigheden zijn die eveneens tot afwijzing van het verzoek dienen te leiden.
4 De beslissing
De rechtbank:
- wijst het verzoek af.
Dit vonnis is gewezen door mr. M. Aukema, rechter, en in aanwezigheid van
C. van der Velde, griffier, in het openbaar uitgesproken op 19 februari 2025. [_28a97e54-84fa-4742-a52f-aab52bb17af3]
Wetsartikelen in deze uitspraak
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.