Uitspraak · Bestuursprocesrecht
Rechtbank Rotterdam, 1 maart 2023
ECLI:NL:RBROT:2023:1592Zaaknummer ROT 22/3504
- Instantie
- Rechtbank Rotterdam
- Datum uitspraak
- 1 maart 2023
- Publicatiedatum
- 2 maart 2023
- Zaaknummer
- ROT 22/3504
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht, Bestuursprocesrecht
- Procedure
- Vereenvoudigde behandeling
- Zittingsplaats
- Rotterdam
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Veelprocedeerder. Vereenvoudigde afdoening. Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat eiser wegens misbruik van recht geen ontheffing van griffierecht wordt verleend, zodat hij in verzuim is het in de zaak verschuldigde griffierecht te voldoen. De rechtbank wijst in dit verband op het eerdere procedeergedrag van eiser, op de omstandigheid dat het verzoek in essentie is gehonoreerd en dat het thans nog bestaande geschil draait om een uitbreiding van eisers verzoek in bezwaar, wat niet mogelijk is (ECLI:NL:RVS:2022:3859).
Beslissing
De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. E.B.J. van Elden, rechter, in aanwezigheid van
mr. R. Stijnen, griffier. De uitspraak is in het openbaar gedaan op 1 maart 2023.
De rechter en de griffier zijn verhinderd de uitspraak te ondertekenen.
griffier rechter
Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:
Rechtsmiddel
Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken na de dag van verzending daarvan verzet worden gedaan bij de rechtbank. De indiener van het verzetschrift kan daarbij vragen in de gelegenheid te worden gesteld over het verzet te worden gehoord.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
Rechtbank Rotterdam
Bestuursrecht
zaaknummer: ROT 22/3504
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 1 maart 2023 als bedoeld in artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) in de zaak tussen
[Naam], te [Plaats], eiser,
en
de Minister voor Rechtsbescherming, verweerder.
Procesverloop
1. Eiser heeft beroep ingesteld tegen een beslissing op bezwaar van 9 februari 2022 inzake een besluit op een verzoek om openbaarmaking van cijfermatig materiaal inzake het afgeven van verklaringen omtrent gedrag.
Overwegingen
2. De rechtbank doet op grond van artikel 8:54 van de Awb uitspraak zonder zitting.
3. Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat eiser wegens misbruik van recht geen ontheffing van griffierecht wordt verleend, zodat hij in verzuim is het in de zaak verschuldigde griffierecht te voldoen. De rechtbank wijst in dit verband op het eerdere procedeergedrag van eiser, op de omstandigheid dat het verzoek in essentie is gehonoreerd en dat het thans nog bestaande geschil draait om een uitbreiding van eisers verzoek in bezwaar, wat niet mogelijk is (ECLI:NL:RVS:2022:3859).
4. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Beslissing
De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. E.B.J. van Elden, rechter, in aanwezigheid van
mr. R. Stijnen, griffier. De uitspraak is in het openbaar gedaan op 1 maart 2023.
De rechter en de griffier zijn verhinderd de uitspraak te ondertekenen.
griffier rechter
Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:
Rechtsmiddel
Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken na de dag van verzending daarvan verzet worden gedaan bij de rechtbank. De indiener van het verzetschrift kan daarbij vragen in de gelegenheid te worden gesteld over het verzet te worden gehoord.
Wetsartikelen in deze uitspraak
Deze uitspraak verwijst naar
Aangehaald in
- ECLI:NL:RBROT:2024:11383 Rechtbank Rotterdam, 15 november 2024 (bestuursprocesrecht)
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.