Uitspraak · Bestuursrecht

Rechtbank Rotterdam, 3 juni 2021

ECLI:NL:RBROT:2021:6138Zaaknummer ROT 20/1671

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak
3 juni 2021
Publicatiedatum
30 juni 2021
Zaaknummer
ROT 20/1671
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Procedure
Proces-verbaal
Zittingsplaats
Rotterdam
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Niet tijdig beslist op AVG verzoek. Niet-ontvankelijk. Beroepschrift doorverwezen naar verweerder ter behandeling als bezwaar. Mondelinge uitspraak.

De rechtbank:

- verklaart het beroep niet-ontvankelijk;

- verwijst het beroepschrift naar verweerder ter behandeling als bezwaarschrift.

Overwegingen

1. Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het uitblijven van een beslissing op haar aanvragen op grond van de Algemene verordening gegevensbescherming. Bij brief van

18 juni 2020 heeft verweerder erkend dat hij niet tijdig heeft beslist op de aanvragen en dat eenmaal de maximale dwangsom is verbeurd. Bij brief van 2 juli 2020 heeft verweerder alsnog beslist op de aanvragen van eiseres. Anders dan eiseres aanvoert heeft verweerder vanwege de samenhang tussen de aanvragen slechts één dwangsom verbeurd (vergelijk de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 4 mei 2017, ECLI:NL:CRVB:2017:1815). Nu verweerder alsnog heeft beslist op de aanvragen van eiseres, heeft eiseres geen belang meer bij een beoordeling van haar beroep tegen het uitblijven van een beslissing op haar aanvragen. Het beroep is om die reden niet-ontvankelijk. Op grond van artikel 6:20, vierde lid, van de Algemene wet bestuursrecht verwijst de rechtbank het beroepschrift naar verweerder ter behandeling als bezwaarschrift.

2. De rechtbank bepaalt dat verweerder aan eiseres het door haar betaalde griffierecht van € 178,- vergoedt.

3. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Deze uitspraak is op 3 juni 2021 in het openbaar gedaan door mr. J. de Gans, rechter, in aanwezigheid van mr. T. Dijkhoff, griffier.

De griffier is buiten staat De rechter is verhinderd te tekenen

Een afschrift van dit proces-verbaal is verzonden aan partijen op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken na de dag van verzending daarvan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. Beslissing
  2. Overwegingen
  3. Rechtsmiddel

Rechtbank Rotterdam

Bestuursrecht

zaaknummer: ROT 20/1671

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 3 juni 2021 in de zaak tussen

[naam eiseres], te [woonplaats eiseres], eiseres,

en

het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam,

gemachtigde: mr. R. Codrington.

Eiseres is verschenen. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.

Na afloop van de behandeling van de zaak ter zitting op 3 juni 2021 heeft de rechtbank het onderzoek gesloten en onmiddellijk ter zitting uitspraak gedaan. De beslissing en de gronden van de beslissing luiden als volgt.

Beslissing

De rechtbank:

- verklaart het beroep niet-ontvankelijk;

- verwijst het beroepschrift naar verweerder ter behandeling als bezwaarschrift.

Overwegingen

1. Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het uitblijven van een beslissing op haar aanvragen op grond van de Algemene verordening gegevensbescherming. Bij brief van

18 juni 2020 heeft verweerder erkend dat hij niet tijdig heeft beslist op de aanvragen en dat eenmaal de maximale dwangsom is verbeurd. Bij brief van 2 juli 2020 heeft verweerder alsnog beslist op de aanvragen van eiseres. Anders dan eiseres aanvoert heeft verweerder vanwege de samenhang tussen de aanvragen slechts één dwangsom verbeurd (vergelijk de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 4 mei 2017, ECLI:NL:CRVB:2017:1815). Nu verweerder alsnog heeft beslist op de aanvragen van eiseres, heeft eiseres geen belang meer bij een beoordeling van haar beroep tegen het uitblijven van een beslissing op haar aanvragen. Het beroep is om die reden niet-ontvankelijk. Op grond van artikel 6:20, vierde lid, van de Algemene wet bestuursrecht verwijst de rechtbank het beroepschrift naar verweerder ter behandeling als bezwaarschrift.

2. De rechtbank bepaalt dat verweerder aan eiseres het door haar betaalde griffierecht van € 178,- vergoedt.

3. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Deze uitspraak is op 3 juni 2021 in het openbaar gedaan door mr. J. de Gans, rechter, in aanwezigheid van mr. T. Dijkhoff, griffier.

De griffier is buiten staat De rechter is verhinderd te tekenen

Een afschrift van dit proces-verbaal is verzonden aan partijen op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken na de dag van verzending daarvan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Deze uitspraak verwijst naar

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.