Uitspraak · Personen- en familierecht

Rechtbank Rotterdam, 5 november 2021

ECLI:NL:RBROT:2021:10850Zaaknummer C/10/627072 / FA RK 21-7749

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak
5 november 2021
Publicatiedatum
23 november 2021
Zaaknummer
C/10/627072 / FA RK 21-7749
Rechtsgebied
Civiel recht, Personen- en familierecht
Procedure
Beschikking
Zittingsplaats
Rotterdam
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Artikel 6:4 WvGGZ. Zorgmachtiging afgewezen. Betrokkene heeft een zelfbindingsverklaring opgesteld en gaat akkoord met de gestelde voorwaarden. De psychiater is akkoord met de verklaring en ziet thans nog geen noodzaak voor een zorgmachtiging.

De rechtbank:

wijst het verzoek af.

Deze beschikking is op 5 november 2021 gegeven door mr. C.N. Melkert, rechter, in tegenwoordigheid van S.M. Plaisier-van Welie, griffier.

Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1. Procesverloop
  2. 2. Beoordeling
  3. 3. Beslissing

RECHTBANK ROTTERDAM

Team familie

Zaak-/rekestnummer: C/10/627072 / FA RK 21-7749

Referentienummer: [nummer]

Beschikking van 5 november 2021 betreffende een zorgmachtiging als bedoeld in artikel 6:4 van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (hierna: Wvggz)

op verzoek van:

de officier van justitie in het arrondissement Rotterdam, hierna: de officier,

met betrekking tot:

[naam betrokkene],

geboren op [geboortedatum betrokkene], [geboorteplaats betrokkene], [geboorteland betrokkene],

hierna: betrokkene,

wonende te [woonplaats betrokkene],

thans verblijvende te Poortugaal,

advocaat mr. M.C. Bekkering te Rotterdam.

1. Procesverloop

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit het verzoekschrift van de officier, ingekomen op 15 oktober 2021.

Bij het verzoekschrift zijn de volgende bijlagen gevoegd:

  • de medische verklaring opgesteld door [naam psychiater], psychiater, van 11 oktober 2021;
  • het zorgplan van 28 september 2021;
  • de bevindingen van de geneesheer-directeur over het zorgplan;
  • de gegevens over eerder afgegeven machtigingen op grond van de Wet Bopz en de Wvggz;
  • de relevante politiegegevens en strafvorderlijke- en justitiële gegevens van betrokkene;
  • de zelfbindingsverklaring van 28 oktober 2021.
1.2.

De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 26 oktober 2021. Bij die gelegenheid is (overeenkomstig artikel 2 lid 1 van de Tijdelijke wet COVID-19 Justitie en Veiligheid) via een beeld- en geluidverbinding gehoord:

- voornoemde advocaat.

1.3.

De officier is niet tijdens de mondelinge behandeling verschenen, omdat hij een nadere toelichting op of motivering van het verzoek niet nodig achtte.

2. Beoordeling

2.1.

De Wvggz biedt betrokkenen de mogelijkheid om een zelfbindingsverklaring op te stellen waarin afspraken over medicatie gemaakt kunnen worden, zodat een zorgmachtiging niet nodig is of er rekening gehouden kan worden met de wensen van betrokkene bij het bepalen van de vormen van zorg. Tijdens de mondelinge behandeling is gebleken dat betrokkene een zelfbindingsverklaring heeft opgesteld. De rechtbank heeft echter geen kennis kunnen nemen van de zelfbindingsverklaring omdat die verklaring niet aan de rechtbank is toegezonden. De rechtbank heeft om die reden de zaak aangehouden. Op 28 oktober jl. heeft de rechtbank de opgestelde zelfbindingsverklaring van betrokkene ontvangen. Hierin gaat betrokkene akkoord met de door Antes gestelde voorwaarden en middels een begeleidend schrijven geeft de psychiater aan dat om genoemde reden de zorgmachtiging thans niet noodzakelijk is.

2.2.

De rechtbank zal het verzoek om die reden afwijzen.

3. Beslissing

De rechtbank:

wijst het verzoek af.

Deze beschikking is op 5 november 2021 gegeven door mr. C.N. Melkert, rechter, in tegenwoordigheid van S.M. Plaisier-van Welie, griffier.

Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.