Uitspraak · Civiel recht

Rechtbank Rotterdam, 29 december 2010

ECLI:NL:RBROT:2010:BP1132Zaaknummer 354704 / HA ZA 10-1627

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak
29 december 2010
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
354704 / HA ZA 10-1627
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Europees Betalingsbevel. Na verweer verwezen naar rol voor voortzetting procedure als gewone bodemzaak. Namens eiser geen advocaat gesteld. Ontslag van de instantie.

De rechtbank,

ontslaat [gedaagde] van de instantie;

veroordeelt [eiser] in de proceskosten, aan de zijde van [gedaagde] tot op heden begroot op

€ 263,= aan vast recht.

Dit vonnis is gewezen door mr. Th. Veling.

Uitgesproken in het openbaar.

1980

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 Het verloop van het geding
  2. 2 De beoordeling
  3. 3 De beslissing

RECHTBANK ROTTERDAM

Sector civiel recht

Zaak-/rolnummer: 354704 / HA ZA 10-1627

Uitspraak: 29 december 2010

VONNIS van de enkelvoudige kamer in de zaak van:

[eiser],

gevestigd of wonende te Drebber, Duitsland,

eiser,

niet verschenen,

- tegen -

[gedaagde],

wonende te Rotterdam,

gedaagde,

advocaat mr. A. Ramsoedh.

Partijen worden hierna aangeduid als "[eiser]" respectievelijk "[gedaagde]".

1 Het verloop van het geding

1.1 De rechtbank heeft kennisgenomen van de volgende stukken:

- Europees betalingsbevel d.d. 21 oktober 2009;

- verweerschrift van de zijde van [gedaagde] d.d. 9 november 2009;

- beschikking van de rechtbank Den Haag d.d. 11 maart 2010;

- beschikking van de rechtbank Den Haag d.d. 15 april 2010.

1.2 De rechtbank heeft [eiser] in de gelegenheid gesteld op de rol van 17 november 2010 alsnog advocaat te stellen, zulks op de voet van artikel 123 lid 1 Rv. Van die gelegenheid heeft [eiser] geen gebruik gemaakt.

2 De beoordeling

2.1 De onderhavige procedure heeft betrekking op een Europees betalingsbevel. Op grond van de in dat verband geldende uitvoeringswet wordt – in het geval tegen een Europees betalingsbevel verweer wordt gevoerd – de procedure voortgezet volgens de regels van het gewone burgerlijke procesrecht, waartoe de zaak wordt verwezen naar de rol van de rechtbank.

2.2 Aldus is ook in deze zaak geschied. Gegeven het door [gedaagde] ingediende verweerschrift heeft de rechtbank Den Haag de zaak verwezen naar rol van deze rechtbank, en wel bij beschikking van 15 april 2010 (na een eerdere foutieve roldatum opgenomen in de beschikking van 11 maart 2010) naar de rolzitting van 19 mei 2010. In haar beschikking van 11 maart 2010 heeft de rechtbank Den Haag uitdrukkelijk opgemerkt dat partijen niet in persoon maar bij advocaat dienen te verschijnen.

2.3 Niettemin heeft [eiser] geen advocaat gesteld op de eerst dienende datum. Evenmin heeft hij advocaat gesteld nadat hem daartoe op grond van artikel 123 lid 1 Rv alsnog gelegenheid was geboden.

2.4 Gelet op het bepaalde in artikel 123 lid 2 Rv dient [gedaagde] bij deze stand van zaken van de instantie te worden ontslagen, met veroordeling van [eiser] in de proceskosten. In deze zin zal worden beslist.

3 De beslissing

De rechtbank,

ontslaat [gedaagde] van de instantie;

veroordeelt [eiser] in de proceskosten, aan de zijde van [gedaagde] tot op heden begroot op

€ 263,= aan vast recht.

Dit vonnis is gewezen door mr. Th. Veling.

Uitgesproken in het openbaar.

1980

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.