Uitspraak · Civiel recht

Rechtbank Overijssel, 13 oktober 2026

ECLI:NL:RBOVE:2026:6401Zaaknummer 12158186 \ CV EXPL 26-944

Instantie
Rechtbank Overijssel
Datum uitspraak
13 oktober 2026
Publicatiedatum
27 oktober 2026
Zaaknummer
12158186 \ CV EXPL 26-944
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats
Zwolle
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Alektum. Totstandkoming overeenkomst en dat bestelling is ontvangen is niet komen vast te staan. Vordering afwijzen.

3 De beslissing

De kantonrechter

3.1

wijst de vorderingen van Alektum af,

3.2

veroordeelt Alektum in de proceskosten, aan de zijde van [gedaagde] begroot op nihil.

Dit vonnis is gewezen door mr. R.F. van Aalst, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 13 oktober 2026.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 De procedure
  2. 2 De verdere beoordeling
  3. 3 De beslissing

RECHTBANK OVERIJSSEL

Civiel recht

Kantonrechter

Zittingsplaats Zwolle

Zaaknummer: 12158186 \ CV EXPL 26-944

Vonnis van 13 oktober 2026

in de zaak van

de vennootschap naar buitenlands recht ALEKTUM CAPITAL IV AG,

gevestigd te Zug (Zwitserland),

eisende partij,

hierna te noemen: Alektum,

gemachtigde: R. Slagman,

tegen

[gedaagde],

wonende te [woonplaats],

gedaagde partij,

hierna te noemen: [gedaagde],

procederend in persoon.

1 De procedure

1.1

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- het tussenvonnis van 30 juni 2026,

- de akte van Alektum van 28 juli 2026,

- de antwoord akte van [gedaagde] van 25 augustus 2026.

1.2

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 De verdere beoordeling

2.1

Bij tussenvonnis heeft de kantonrechter Alektum op de voet van artikel 150 Wetboek Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) in de gelegenheid gesteld te bewijzen dat er een overeenkomst tussen partijen tot stand is gekomen en eventueel de overeenkomst of gepersonaliseerde bestelbevestiging in het geding te brengen, nu [gedaagde] heeft betwist dat zij de goederen heeft besteld. Daarnaast is Alektum in de gelegenheid gesteld te bewijzen dat [gedaagde] de sommaties van 22 november 2021 en 8 mei 2023 heeft ontvangen, nu [gedaagde] heeft betwist deze te hebben ontvangen.

2.2

Bij akte heeft Alektum in de eerste plaats over de bestelbevestiging gesteld dat zij bij dagvaarding een voorbeeld bestelbevestiging heeft overgelegd. De orderbevestiging wordt gegenereerd binnen een geautomatiseerd proces en vervolgens automatisch verzonden aan de consument. Om die reden is het originele exemplaar van de specifieke bestelbevestiging niet reproduceerbaar. Alektum heeft daarom een voorbeeld van de bestelbevestiging in het geding gebracht, waaruit blijkt hoe deze eruit ziet en welke informatie hierin wordt opgenomen.

In de tweede plaats heeft Alektum gesteld dat de brieven met betalingsherinneringen (onder andere) zijn gemaild naar ‘[e-mailadres]’, hetzelfde e-mailadres waarmee [gedaagde] haar conclusie van antwoord heeft ingediend. Gelet hierop moet ervan worden uitgegaan dat [gedaagde] deze berichten heeft ontvangen, nu het haar eigen e-mailadres betreft. Ter onderbouwing heeft Alektum een ‘history report’ overgelegd, waarop te zien is op welke momenten herinneringen en aanmaningen zijn verzonden. Ook heeft Alektum het aantekeningenoverzicht van haar gemachtigde in het geding gebracht. Uit dit overzicht blijkt dat er meerdere sommaties zowel per post als per e-mail aan [gedaagde] zijn verzonden. De sommaties per post zijn aar het adres verzonden waarop [gedaagde] sinds 2005 staat ingeschreven. Alektum is van mening dat hiermee voldoende aannemelijk is gemaakt dat de sommaties en de 14-dagenbrief [gedaagde] hebben bereikt.

2.3

De kantonrechter oordeelt als volgt.

Verjaring

2.4

In de eerste plaats is van belang dat [gedaagde] heeft aangevoerd dat zij het raar vindt dat zij pas na zes jaar wat heeft gehoord van de deurwaarder. De kantonrechter leest in dit verweer van [gedaagde] een beroep op verjaring van het vorderingsrecht van Alektum. In artikel 7:28 van het Burgerlijk Wetboek (BW) is bepaald dat de rechtsvordering tot betaling van de koopprijs bij een consumentenkoop verjaart door verloop van twee jaren. Die termijn gaat lopen vanaf de factuurdatum. De verjaring kan worden gestuit door een schriftelijke aanmaning of mededeling waarin de schuldeiser (Alektum) zich ondubbelzinnig het recht op nakoming (betaling) voorbehoudt. Dit staat in artikel 3:317 lid 1 BW. [gedaagde] heeft betwist dat zij schriftelijke aanmaningen heeft ontvangen. De vraag of Alektum de verjaring heeft gestuit kan echter in het midden blijven, omdat de vordering hierna om de hierna te noemen reden zal worden afgewezen.

Totstandkoming van de overeenkomst

2.5

De kantonrechter is van oordeel dat Alektum er niet in is geslaagd te bewijzen dat er tussen partijen een overeenkomst tot stand is gekomen of dat [gedaagde] de kleding heeft besteld en ontvangen. Alektum heeft geen bestelbevestiging kunnen overleggen omdat het proces van Zalando is geautomatiseerd. Met een voorbeeld bestelbevestiging kan de kantonrechter niet vaststellen dat [gedaagde] bestellingen heeft geplaatst. Dat Zalando gebruik maakt van een geautomatiseerd proces komt voor haar rekening en risico.

Daarnaast heeft Alektum verder geen andere bewijzen aangevoerd, zoals bijvoorbeeld track&trace informatie waaruit blijkt dat de kleding is afgeleverd. Gezien de betwisting van [gedaagde] en het feit dat Alektum er niet in is geslaagd te bewijzen dat er tussen partijen een overeenkomst tot stand is gekomen of dat de kleding is geleverd, is niet komen vast te staan dat een overeenkomst tot stand is gekomen en ook niet dat de kleding aan [gedaagde] is geleverd. De vordering van Alektum zal daarom worden afgewezen. Gelet hierop hoeft de kantonrechter niet meer in te gaan op de vraag of [gedaagde] de aanmaningen heeft ontvangen.

2.6

Omdat de gevorderde hoofdsom wordt afgewezen, zullen de daarmee samenhangende vergoeding van de buitengerechtelijke kosten en rente ook worden afgewezen.

2.7

Nu de vordering van Alektum zal worden afgewezen, is een (ambtshalve toetsing) van de (pre)contractuele informatieverplichtingen van Alektum niet meer aan de orde.

De proceskosten

2.8

Alektum zal als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van [gedaagde] worden begroot op nihil.

3 De beslissing

De kantonrechter

3.1

wijst de vorderingen van Alektum af,

3.2

veroordeelt Alektum in de proceskosten, aan de zijde van [gedaagde] begroot op nihil.

Dit vonnis is gewezen door mr. R.F. van Aalst, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 13 oktober 2026.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.