Uitspraak · Civiel recht

Rechtbank Overijssel, 4 augustus 2026

ECLI:NL:RBOVE:2026:4989Zaaknummer 12169149 \ CV EXPL 26-877

Instantie
Rechtbank Overijssel
Datum uitspraak
4 augustus 2026
Publicatiedatum
17 augustus 2026
Zaaknummer
12169149 \ CV EXPL 26-877
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats
Enschede
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Infomedics vordert betaling van een tandartsfactuur. Gedaagde zegt dat hij is verhuisd en geen brieven heeft ontvangen. De kantonrechter veroordeelt gedaagde in de hoofdsom en compenseert de proceskosten.

4 De beslissing

De kantonrechter

4.1.

veroordeelt [gedaagde] aan Infomedics te betalen een bedrag van € 54,21;

4.2.

compenseert de kosten van de procedure tussen partijen, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt;

4.3.

verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad;

4.4.

wijst af het meer of anders gevorderde.

Dit vonnis is gewezen door mr. A.M.S. Kuipers, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 4 augustus 2026. (PHR(O)

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 De procedure
  2. 2 Het geschil
  3. Wat vordert Infomedics?
  4. 3 De beoordeling
  5. 4 De beslissing

RECHTBANK OVERIJSSEL

Team kanton en handelsrecht

Zittingsplaats Enschede

Zaaknummer: 12169149 \ CV EXPL 26-877

Vonnis van 4 augustus 2026

in de zaak van

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid INFOMEDICS B.V.,

gevestigd en kantoorhoudende te Almere,

eisende partij, hierna te noemen Infomedics,

gemachtigde: Bosveld Incasso en Gerechtsdeurwaarders,

tegen

[gedaagde] ,wonende te [woonplaats],

gedaagde partij, hierna te noemen [gedaagde],

verschenen in persoon.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding,

- de conclusie van antwoord,

- de conclusie van repliek,

- de conclusie van dupliek.

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 Het geschil

Wat vordert Infomedics?

2.1.

[gedaagde] heeft een medische behandeling ondergaan bij [bedrijf] en [bedrijf] heeft de uit deze behandeling voortvloeiende vordering overgedragen aan Infomedics. Infomedics stelt dat zij de kosten voor de behandeling bij factuur van 13 februari 2025 aan [gedaagde] in rekening heeft gebracht en dat [gedaagde] deze factuur niet heeft voldaan. Omdat betaling van de factuur door [gedaagde], ondanks herinnering uitbleef, is Infomedics deze procedure gestart. Infomedics vordert, naast betaling van de openstaande factuur ook betaling van rente, buitengerechtelijke kosten en de proceskosten.

Wat vindt [gedaagde] ?

2.2.

[gedaagde] erkent dat hij behandeld is bij [bedrijf] en dat hij de betreffende factuur moet betalen. [gedaagde] stelt echter dat hij niet eerder in de gelegenheid is gesteld om de hoofdsom aan Infomedics te voldoen. [gedaagde] is in 2019 verhuisd en hij stelt dat hij destijds zijn nieuwe adresgegevens aan [bedrijf] heeft doorgegeven. [gedaagde] stelt dat hij nooit een factuur, herinnering of aanmaning heeft ontvangen en dat hij rauwelijks (zonder sommatie of waarschuwing) gedagvaard is. Achter de dagvaarding zit één brief (d.d. 21 juli 2025) met het juiste adres, maar [gedaagde] stelt dat hij ook deze brief niet heeft ontvangen.

2.3.

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.

3 De beoordeling

3.1.

De kantonrechter heeft ambtshalve beoordeeld of in de overeenkomst en/of de daarop van toepassing zijnde algemene voorwaarden bepalingen zijn opgenomen ten aanzien van de gevorderde hoofdsom, de gevorderde vergoeding voor gemaakte buitengerechtelijke incassokosten en/of de gevorderde vergoeding van rente, die zodanig afwijken van de wettelijke regelingen dat de consument daardoor aanzienlijk wordt benadeeld en door de kantonrechter vernietigd moeten worden. Dat is niet het geval.

3.2.

[gedaagde] erkent dat hij bij [bedrijf] is behandeld en de hoofdsom moet betalen. De gevorderde hoofdsom van € 54,21 (€ 271,04 - € 216,83 betaling zorgverzekering) zal daarom worden toegewezen. Het gaat in deze procedure om de vraag of [gedaagde] ook de buitengerechtelijke kosten en wettelijke rente moet betalen.

3.3.

[gedaagde] heeft onderbouwd dat hij in 2019 is verhuisd en sindsdien ingeschreven staat op een ander adres dan het adres waar de factuur en de aanmaningen naartoe zijn gestuurd. Alleen de laatste sommatiebrief, de zogenoemde 14-dagen-brief, die door de gemachtigde van Infomedics is verzonden op 21 juli 2025, is verzonden naar het adres waar [gedaagde] sinds 2019 woont. [gedaagde] heeft bij conclusie van antwoord gesteld dat hij destijds (in 2019) de juiste adresgegevens heeft doorgegeven aan [bedrijf].

3.4.

De kantonrechter constateert dat Infomedics in haar reactie op dit verweer de stelling van [gedaagde] niet, althans onvoldoende heeft betwist. Infomedics heeft ook geen navraag gedaan bij [bedrijf] naar de gestelde adreswijziging. Ook is niet onderzocht of in de periode gelegen tussen de verhuizing in 2019 en het versturen van de factuur in maart 2025 post naar [gedaagde] is verzonden en naar welk adres.

3.5.

De brief van 21 juli 2025 van de gemachtigde is de enige brief die naar het juiste adres van [gedaagde] is gestuurd. [gedaagde] heeft de ontvangst van deze brief uitdrukkelijk betwist. Infomedics heeft in haar conclusie van repliek gesteld dat de gemachtigde meerdere aanmaningen aan [gedaagde] heeft verzonden, echter heeft zij slechts de brief van 21 juli 2025 (waarvan de ontvangst is betwist) in deze procedure overgelegd. De kantonrechter is van oordeel dat Infomedics onvoldoende heeft gesteld en onderbouwd dat het aannemelijk is dat deze sommatie door [gedaagde] is ontvangen nu deze brief per gewone post is verstuurd. Dit betekent dat aangenomen dient te worden [gedaagde] geen correcte 14-dagen-brief heeft ontvangen en daarom zal de kantonrechter de gevorderde buitengerechtelijke kosten en de in deze brief aangekondigde wettelijke rente afwijzen.

3.6.

Het is de kantonrechter ook niet duidelijk waarom de gemachtigde na het versturen van de brief van 21 juli 2025 ruim zeven maanden heeft gewacht met het uitbrengen van de dagvaarding. De gemachtigde had in de tussenliggende periode [gedaagde] nogmaals (met aangetekend schrijven dan wel via de e-mail) kunnen aanschrijven en daarmee wellicht deze procedure kunnen voorkomen.

3.7.

Omdat beide partijen gedeeltelijk ongelijk[_2bc6652a-4b6c-4414-a206-79f43e7a19aa] krijgen, zullen de proceskosten tussen hen worden gecompenseerd, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt.

4 De beslissing

De kantonrechter

4.1.

veroordeelt [gedaagde] aan Infomedics te betalen een bedrag van € 54,21;

4.2.

compenseert de kosten van de procedure tussen partijen, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt;

4.3.

verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad;

4.4.

wijst af het meer of anders gevorderde.

Dit vonnis is gewezen door mr. A.M.S. Kuipers, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 4 augustus 2026. (PHR(O)

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.