Uitspraak · Civiel recht

Rechtbank Overijssel, 17 september 2024

ECLI:NL:RBOVE:2024:4811Zaaknummer 11172403 \ CV EXPL 24-1351

Instantie
Rechtbank Overijssel
Datum uitspraak
17 september 2024
Publicatiedatum
24 september 2024
Zaaknummer
11172403 \ CV EXPL 24-1351
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats
Almelo
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

De rechtbank bepaalt dat de zaak weer op de rol zal komen van dinsdag 1 oktober 2024 om beide partijen in de gelegenheid te stellen zich uit te laten over de voorgenomen ambtshalve verwijzing van de zaak naar de kamer voor handelszaken van deze rechtbank.

3 De beslissing

De kantonrechter:

3.1.

bepaalt dat de zaak weer op de rol zal komen van dinsdag 1 oktober 2024 om beide partijen in de gelegenheid te stellen zich uit te laten over de voorgenomen ambtshalve verwijzing van de zaak naar de kamer voor handelszaken van deze rechtbank,

3.2.

houdt iedere verdere beslissing aan.

Dit vonnis is gewezen door mr. drs. A.M. van Diggele, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 17 september 2024. (HGR)

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 De procedure
  2. 2 De beoordeling
  3. 3 De beslissing

RECHTBANK OVERIJSSEL

Team kanton en handelsrecht

Zittingsplaats Almelo

Zaaknummer: 11172403 \ CV EXPL 24-1351

Vonnis van 17 september 2024

in de zaak van

1 [partij A 1],

2. [partij A 2],

beiden wonende te [woonplaats],

eisende partij in conventie, gedaagde partij in reconventie,

gemachtigde: mr. S. Lemckert, ARAG SE,

tegen

de besloten vennootschap

[partij B] B.V.,

gevestigd te [vestigingsplaats],

gedaagde partij in conventie, verwerende partij in reconventie,

gemachtigde: mr. K.J.J. Kroeze.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding

- de conclusie van antwoord in conventie en eis in reconventie.

1.2.

Vervolgens heeft de rolrechter de zaak aangehouden om te beslissen of een mondelinge behandeling zal worden gelast.

2 De beoordeling

2.1.

Naar het voorlopig oordeel van de kantonrechter dient de onderhavige zaak, gelet op de waarde die de vordering vertegenwoordigt, verder te worden behandeld en beslist door de kamer voor handelszaken van deze rechtbank.

2.2.

Nu eisende partij de vordering niet heeft ingediend bij de kamer voor handelszaken, overweegt de kantonrechter de zaak op de voet van art. 71 lid 1 Rv ambtshalve te verwijzen naar die kamer, locatie Almelo.

2.3.

De kantonrechter zal, alvorens te beslissen of tot verwijzing wordt overgegaan, ieder van partijen in de gelegenheid stellen zich hierover uit te laten.

3 De beslissing

De kantonrechter:

3.1.

bepaalt dat de zaak weer op de rol zal komen van dinsdag 1 oktober 2024 om beide partijen in de gelegenheid te stellen zich uit te laten over de voorgenomen ambtshalve verwijzing van de zaak naar de kamer voor handelszaken van deze rechtbank,

3.2.

houdt iedere verdere beslissing aan.

Dit vonnis is gewezen door mr. drs. A.M. van Diggele, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 17 september 2024. (HGR)

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.