Uitspraak · Civiel recht

Rechtbank Overijssel, 4 april 2023

ECLI:NL:RBOVE:2023:1439Zaaknummer C/08/273728 / FA RK 21-2855

Instantie
Rechtbank Overijssel
Datum uitspraak
4 april 2023
Publicatiedatum
17 juli 2025
Zaaknummer
C/08/273728 / FA RK 21-2855
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
Zittingsplaats
Zwolle
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Tussentijdse regiezitting over instrument verklarende analyse van het Ondersteuningsteam. De verklarende analyse is een procesinterventie maar is geen beslisdiagnostiek, aldus de informatie van het OT. De verklarende analyse bevat twee uitspraken die in de ogen van de rechtbank lijken te duiden op beslisdiagnostiek. De rechtbank acht het onjuist om op voorhand dergelijke uitspraken te doen. De rechtbank vindt het voorts niet stroken met het eerder beschreven doel van de verklarende analyse dat de verruiming van de omgang in de verklarende analyse wordt besproken alsof dit een procesinterventie is die daar integraal deel van uit maakt. De verklarende analyse staat echter los van een uitbreiding van de omgang. De rechtbank maakt zich zorgen of de gevolgen van de uitbreiding van de omgang voor de kinderen wel voldoende in beeld zijn en over wat de verruimde omgang tegen de achtergrond van een onzeker perspectief doet met de kinderen en de ouders en gezinsouders. De rechtbank wenst onder andere geïnformeerd te worden over de voor de kinderen in te zetten hulpverlening.

De rechtbank:

4.1.

verzoekt de huidige GI uiterlijk op 17 april 2023 aan de rechtbank inlichtingen te verschaffen over:

  • de voor de kinderen in te zetten hulpverlening die bedoeld is om hun stem te laten horen en hen te ondersteunen in het proces van vallen en opstaan;
  • het overzicht van geplande gesprekken tussen ouders en gezinshuisouders;
4.2.

verzoekt de huidige GI uiterlijk op 23 mei 2023 aan de rechtbank inlichtingen te verschaffen over de hiervoor onder 3.9. en 3.10. gestelde vragen;

4.3.

verzoekt alle betrokkenen uiterlijk op 23 mei 2023 aan de rechtbank inlichtingen te verschaffen over de laatste stand van zaken in deze procedure en eventuele nadere stukken/verslagen over te leggen;

4.4.

verzoekt de raad, voor het geval de rechtbank na de vervolgzitting van 6 juni 2023 een onderzoek naar het herstel van het gezag van de ouders noodzakelijk vindt, de zaak alvast aan te melden voor raadsonderzoek;

4.5.

bepaalt dat de zaak verder wordt behandeld tijdens de mondelinge behandeling van de meervoudige kamer op 6 juni 2023 om 13.30 uur in het gerechtsgebouw aan de Schuurmanstraat te Zwolle, waarvoor alle betrokkenen bij deze zijn opgeroepen (waarbij de vorige GI in beginsel geen informant meer is);

4.6.

houdt iedere verdere beslissing aan.

Deze beschikking is gegeven door mr. drs. H.F.J.M. Schröder, mr. M. van Bruggen en mr. A.M. Mensink, kinderrechters, en in het openbaar uitgesproken op 4 april 2023 in tegenwoordigheid van mr. A.H. Wiersma, griffier.

Een afschrift van deze beschikking wordt gezonden aan de raad voor de kinderbescherming en de in deze beschikking vermelde gegevens worden door de raad opgenomen in zijn registratie.

Tegen deze beschikking kan - uitsluitend door tussenkomst van een advocaat - hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden:

  • door verzoeker en door degene(n) aan wie een afschrift van de beschikking (vanwege de griffier) is verstrekt of verzonden: binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;
  • door andere belanghebbenden: binnen drie maanden na betekening daarvan of nadat de beschikking hun op andere wijze bekend is geworden.

[Afbeelding]

[Afbeelding]

[Afbeelding]

[Afbeelding]

[Afbeelding]

[Afbeelding]

[Afbeelding]

[Afbeelding]

[Afbeelding]

[Afbeelding]

[Afbeelding]

[Afbeelding]

[Afbeelding]

[Afbeelding]

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 Het verdere procesverloop
  2. 2 De feiten
  3. 3 De verdere beoordeling
  4. 4 De beslissing

RECHTBANK OVERIJSSEL

locatie Zwolle

team familie- en jeugdrecht

zaaknummer: C/08/273728 / FA RK 21-2855

beschikking van 4 april 2023

inzake

[de vader],

verder te noemen: de vader, en

[de moeder],

verder te noemen: de moeder,

beiden wonende te [woonplaats 1],

verzoekers,

advocaten: mr. M. Alta te Hoogeveen en mr. M. Krol te Rotterdam.

Als belanghebbenden zijn aangemerkt:

de Raad voor de Kinderbescherming,

gevestigd te Zwolle,

verder te noemen: de raad,

de gecertificeerde instelling

Jeugdbescherming Gelderland, regio Noord,

gevestigd te Apeldoorn,

verder te noemen: de huidige GI.

Als informanten zijn aangemerkt:

de gecertificeerde instelling

Leger des Heils Jeugdbescherming & Jeugdreclassering,

gevestigd te Zwolle,

verder te noemen: de vorige GI, en

de heer en mevrouw [betrokkene 1],

wonende te [woonplaats 2],

verder te noemen: de gezinshuisouders,

Omega Groep,

gevestigd te Zwolle,

verder te noemen: Omega,

Ondersteuningsteam uithuisplaatsingen toeslagenaffaire

verder te noemen: OT,

E. Loykens,

klinisch psycholoog verbonden aan Molendrift,

gevestigd te Groningen.

1 Het verdere procesverloop

1.1.

De rechtbank heeft op 21 juli 2022 een beschikking gegeven in deze zaak, waarbij iedere beslissing is aangehouden.

1.2.

De rechtbank heeft daarna kennisgenomen van de volgende stukken:

- een op 2 december 2022 binnengekomen brief van mr. Alta van die datum;

- een op 9 december 2022 binnengekomen brief met bijlage (de verklarende analyse juni-oktober 2022) van mr. Alta van 4 januari 2023;

- een op 5 januari 2023 binnengekomen brief van Omega van 4 januari 2023;

- een op 5 januari 2023 binnengekomen brief van mr. Alta van die datum;

- een op 11 januari 2023 binnengekomen brief van de vorige GI van die datum;

- een op 26 januari 2023 binnengekomen brief van mr. Alta van die datum;

- een op 23 februari 2023 binnengekomen brief van Omega van die datum;

- een op 23 februari 2023 binnengekomen brief van het OT van die datum;

- een op 24 februari 2023 binnengekomen brief van E. Loykens van die datum;

- een op 27 februari 2023 binnengekomen brief van mr. Alta van die datum;

- een op 2 maart 2023 binnengekomen brief van de huidige GI van die datum;

- een op 14 maart 2023 binnengekomen brief van mr. Alta van die datum met bijlage;

- een op 15 maart 2023 binnengekomen brief van het OT van die datum.

1.3.

Op 20 maart 2023 heeft een regiezitting van de meervoudige kamer met gesloten deuren plaatsgevonden. Ter zitting zijn verschenen:

- de ouders, beiden bijgestaan door mr. Alta;- [belanghebbende 1] en [belanghebbende 2], namens de raad;

- [betrokkene 2] namens de vorige GI;

- [belanghebbende 3] en [belanghebbende 4] namens de huidige GI;

- [betrokkene 1];

- [betrokkene 3] en [betrokkene 4] namens Omega;

- [betrokkene 5], procesbegeleider, en [betrokkene 6], teammanager, namens het OT;

- E. Loykens.

2 De feiten

2.1.

Voor de feiten wordt verwezen naar genoemde beschikking van 21 juli 2022.

2.2.

Bij beschikking van de rechtbank van 23 december 2022 is het Leger des Heils Jeugdbescherming & Reclassering te Zwolle ontslagen van de voogdij over [kind 1] en [kind 2] en Jeugdbescherming Gelderland, regio Noord, gevestigd te Apeldoorn, tot voogd benoemd over [kind 1] en [kind 2].

3 De verdere beoordeling

3.1.

In deze zaak heeft de rechtbank in haar vorige beschikking van 21 juli 2022 gelet op de consensus onder partijen (en alle betrokkenen) over het initiatief van het OT om een verklarende analyse in te zetten, partijen die gelegenheid gegeven tot het opstellen van een verklarende analyse, inclusief het perspectief, op de voorwaarde dat de kinderen dit proces aan kunnen.

3.2.

Daarna heeft de rechtbank over het instrument verklarende analyse een brief van het OT ontvangen gericht aan alle rechters en raadsheren van 21 november 2022 (bijlage 1). Ook heeft de rechtbank ambtshalve kennisgenomen van de eerste leerrapportage Signa-leren van september 2022 waarin uitvoerig wordt ingegaan op dit instrument (bijlage 2). Uit deze brief en de leerrapportage blijkt dat de verklarende analyse wordt ingezet om de negatieve én de positieve cirkel te beschrijven van het betreffende gezin. Beschreven wordt dat het belangrijk is dat alle partijen oordeelloos samen optrekken. Gaandeweg komt er nieuwe informatie bij die maakt dat oorzaak en oplossing beter te begrijpen zijn. Ook professionals nemen volgens genoemde documenten deel aan het proces, waardoor de (vaak gespannen) samenwerking met ouders ook kan verbeteren. De verklarende analyse is dus ook een procesinterventie maar is geen beslisdiagnostiek (ingericht om beslissingen te kunnen nemen in juridische procedures), aldus de informatie van het OT. Daarvoor wordt verwezen naar de Raad voor de Kinderbescherming.

3.3.

Tegen deze achtergrond heeft rechtbank op de regiezitting van 20 maart 2023 procesmatig gekeken naar de in deze zaak overgelegde verklarende analyse van oktober 2022 opgesteld door Molendrift. De rechtbank heeft op basis hiervan ter zitting vragen gesteld en gesproken met alle betrokkenen.

3.4.

De rechtbank heeft in de eerste plaats aandacht besteed aan enkele in het oog springende passages in de verklarende analyse. De verklarende analyse bevat twee uitspraken die in de ogen van de rechtbank lijken te duiden op beslisdiagnostiek:

- “ Wij (rechtbank: opstellers van de verklarende analyse) hebben dan ook geen reden om aan te nemen dat de ouders niet in staat zouden zijn om het gezag uit te oefenen” (pagina 13).

- “ Vanuit het recht op gezinshereniging zal bij een moeilijke afweging de balans door moeten slaan naar de ouders” (pagina 13).

3.5.

De rechtbank acht het onjuist om op voorhand dergelijke uitspraken te doen. Bovendien heeft mevrouw Loykens tijdens de regiezitting bevestigd dat de verklarende analyse een verkenning op haalbaarheid moet zijn onder het intussen volledig openhouden van het perspectief van de kinderen, dus zonder een keuze of voorkeur voor kinderen bij de ouders of gezinshuisouders.

3.6.

De rechtbank heeft in haar beschikking van 21 juli 2022 overwogen dat zij ervan uit gaat dat als daartoe aanleiding wordt gezien, de GI de omgang in overleg met de ouders en de gezinshuisouders kan verruimen. De rechtbank heeft geconstateerd dat tijdens het opstellen van de verklarende analyse al is ingezet op een verruiming van de omgangsregeling tussen de kinderen en de ouders en dat Omega en de pleegouders, en hun zorgen over de signalen die de kinderen gaven, hierin niet of onvoldoende zijn betrokken. De rechtbank vindt het niet stroken met het eerder beschreven doel van de verklarende analyse dat de verruiming van de omgang in de verklarende analyse wordt besproken alsof dit een procesinterventie is die daar integraal deel van uit maakt. De verklarende analyse (die tevens fungeert als procesinterventie omdat door deelname van professionals aan het proces de samenwerking met de ouders kan verbeteren) staat echter los van een uitbreiding van de omgang.

3.7.

De rechtbank maakt zich op basis van de overgelegde reacties en de bespreking ter zitting zorgen of de gevolgen van de uitbreiding van de omgang voor de kinderen wel voldoende in beeld zijn. Ook is de rechtbank bezorgd over wat de verruimde omgang tegen de achtergrond van een onzeker perspectief doet met de kinderen en de ouders en gezinsouders. De rechtbank vraagt zich af of ouders en gezinshuisouders hierover met elkaar voldoende in gesprek zijn, nu er in de afgelopen tien maanden slechts twee gesprekken hebben plaatsgevonden tussen de ouders en de gezinshuisouders. Weliswaar heeft op 7 maart 2023 in de ogen van alle betrokkenen een goed gesprek plaatsgevonden, maar dit kan naar het oordeel van de rechtbank niet anders worden gezien dan als een zeer noodzakelijke inhaalslag gelet op de eerdere kritische signalen van Omega hierover en de verklaring van gezinshuisouders dat zij eerder in het proces bijna op het punt waren beland om hun medewerking aan het proces te staken.

3.8.

Om die reden heeft de rechtbank tijdens de regiezitting, vooruitlopend op deze tussenbeschikking, als voorlopig oordeel over de procesmatige kant van de verklarende analyse, uitgesproken dat zij door de huidige GI, in samenwerking met het OT, binnen vier weken wil worden geïnformeerd over de voor de kinderen in te zetten hulpverlening die bedoeld is om hun stem te laten horen en hen te ondersteunen in het proces van vallen en opstaan.

3.9.

De rechtbank wil verder uiterlijk twee weken voor de inhoudelijke vervolgzitting van 6 juni 2023 worden geïnformeerd over:

a. wat geven de kinderen aan over de verruimde omgang?

b. hoe reageren de kinderen op de onzekerheid met betrekking tot het perspectief en kunnen zij die onzekerheid aan?

3.10.

Daarnaast wil de rechtbank binnen vier weken een overzicht ontvangen van geplande gesprekken tussen de ouders en gezinshuisouders en uiterlijk twee weken voor de vervolgzitting geïnformeerd worden over:

c. welke onderwerpen hebben de ouders en gezinshuisouders besproken?

d. welke afspraken hebben de ouders en gezinshuisouders (naar aanleiding hiervan) met elkaar gemaakt?

e. op welke manier zijn de ouders en gezinshuisouders met elkaar in gesprek (hoe verlopen de gesprekken)?

3.11.

Alleen onder de conditie dat ruimhartig aan het hiervoor onder 3.8. tot en met 3.10. gevraagde wordt voldaan, is de rechtbank bereid vooralsnog de onzekerheid voor de kinderen over het perspectief voort te laten bestaan.

3.12.

Om proceseconomische redenen en uitdrukkelijk los van de uitkomsten van de inspanningen in de komende maanden en de vervolgzitting, gelast de rechtbank in dit specifieke geval, de raad reeds nu om deze zaak aan te melden voor een raadsonderzoek naar de wenselijkheid van het herstel van het gezag van de ouders over de kinderen. Dit zodat een eventueel raadsonderzoek te zijner tijd geen onnodige vertraging oplevert.

3.13.

De rechtbank houdt iedere verdere beslissing aan zoals hierna vermeld.

4 De beslissing

De rechtbank:

4.1.

verzoekt de huidige GI uiterlijk op 17 april 2023 aan de rechtbank inlichtingen te verschaffen over:

  • de voor de kinderen in te zetten hulpverlening die bedoeld is om hun stem te laten horen en hen te ondersteunen in het proces van vallen en opstaan;
  • het overzicht van geplande gesprekken tussen ouders en gezinshuisouders;
4.2.

verzoekt de huidige GI uiterlijk op 23 mei 2023 aan de rechtbank inlichtingen te verschaffen over de hiervoor onder 3.9. en 3.10. gestelde vragen;

4.3.

verzoekt alle betrokkenen uiterlijk op 23 mei 2023 aan de rechtbank inlichtingen te verschaffen over de laatste stand van zaken in deze procedure en eventuele nadere stukken/verslagen over te leggen;

4.4.

verzoekt de raad, voor het geval de rechtbank na de vervolgzitting van 6 juni 2023 een onderzoek naar het herstel van het gezag van de ouders noodzakelijk vindt, de zaak alvast aan te melden voor raadsonderzoek;

4.5.

bepaalt dat de zaak verder wordt behandeld tijdens de mondelinge behandeling van de meervoudige kamer op 6 juni 2023 om 13.30 uur in het gerechtsgebouw aan de Schuurmanstraat te Zwolle, waarvoor alle betrokkenen bij deze zijn opgeroepen (waarbij de vorige GI in beginsel geen informant meer is);

4.6.

houdt iedere verdere beslissing aan.

Deze beschikking is gegeven door mr. drs. H.F.J.M. Schröder, mr. M. van Bruggen en mr. A.M. Mensink, kinderrechters, en in het openbaar uitgesproken op 4 april 2023 in tegenwoordigheid van mr. A.H. Wiersma, griffier.

Een afschrift van deze beschikking wordt gezonden aan de raad voor de kinderbescherming en de in deze beschikking vermelde gegevens worden door de raad opgenomen in zijn registratie.

Tegen deze beschikking kan - uitsluitend door tussenkomst van een advocaat - hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden:

  • door verzoeker en door degene(n) aan wie een afschrift van de beschikking (vanwege de griffier) is verstrekt of verzonden: binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;
  • door andere belanghebbenden: binnen drie maanden na betekening daarvan of nadat de beschikking hun op andere wijze bekend is geworden.

[Afbeelding]

[Afbeelding]

[Afbeelding]

[Afbeelding]

[Afbeelding]

[Afbeelding]

[Afbeelding]

[Afbeelding]

[Afbeelding]

[Afbeelding]

[Afbeelding]

[Afbeelding]

[Afbeelding]

[Afbeelding]

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.