Uitspraak · Civiel recht

Rechtbank Noord-Nederland, 2 september 2025

ECLI:NL:RBNNE:2025:5926Zaaknummer 11840049 CV EXPL 25-4887

Instantie
Rechtbank Noord-Nederland
Datum uitspraak
2 september 2025
Publicatiedatum
18 juni 2026
Zaaknummer
11840049 CV EXPL 25-4887
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Verstek
Zittingsplaats
Groningen
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Verstekvonnis: vordering an subsidieadviesbureau tot betaling van 20% van subsidiebedragen toegewezen.

3 De beslissing

De kantonrechter:

3.1.

veroordeelt de gedaagde partij om aan de eisende partij te betalen € 12.973,55, vermeerderd met de wettelijke handelsrente over € 10.890,00 vanaf 7 augustus 2025 tot de dag van betaling;

3.2.

veroordeelt de gedaagde partij in de proceskosten (inclusief nakosten), tot op heden aan de zijde van de eisende partij vastgesteld op: dagvaarding € 122,35, griffierecht

€ 1461,00, salaris gemachtigde € 406,00 en nakosten € 135,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als de gedaagde partij niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend;

3.3.

verklaart dit vonnis - tot zover - uitvoerbaar bij voorraad;

3.4.

wijst af - voor zover nodig - het meer of anders gevorderde.

Dit vonnis is gewezen door mr. M. Haisma en in het openbaar uitgesproken op

2 september 2025.

typ: SDN

coll:

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 De procedure
  2. 2 De beoordeling
  3. 3 De beslissing

RECHTBANK NOORD-NEDERLAND

Civiel recht

Kantonrechter

Zittingsplaats Groningen

Zaaknummer: 11840049 CV EXPL 25-4887

Verstekvonnis van 2 september 2025

in de zaak van

[eiser] B.V.,

te [vestigingsplaats],

eisende partij,

gemachtigde: [gemachtigde],

kenmerk gemachtigde: [kenmerk],

tegen

Life2Ledger B.V.,

te Groningen,

gedaagde partij,

niet in het geding verschenen.

1 De procedure

1.1.

De eisende partij heeft bij dagvaarding, op de daarin geformuleerde gronden, gevorderd dat de gedaagde partij veroordeeld wordt om aan de eisende partij te betalen

€ 12.973,55, vermeerderd met rente en kosten.

1.2.

Tegen de gedaagde partij is verstek verleend.

2 De beoordeling

2.1.

Het gevorderde komt de kantonrechter niet onrechtmatig of ongegrond voor en zal daarom worden toegewezen.

2.2.

De gedaagde partij zal als de in het ongelijk te stellen partij in de proceskosten (inclusief nakosten) worden veroordeeld.

3 De beslissing

De kantonrechter:

3.1.

veroordeelt de gedaagde partij om aan de eisende partij te betalen € 12.973,55, vermeerderd met de wettelijke handelsrente over € 10.890,00 vanaf 7 augustus 2025 tot de dag van betaling;

3.2.

veroordeelt de gedaagde partij in de proceskosten (inclusief nakosten), tot op heden aan de zijde van de eisende partij vastgesteld op: dagvaarding € 122,35, griffierecht

€ 1461,00, salaris gemachtigde € 406,00 en nakosten € 135,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als de gedaagde partij niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend;

3.3.

verklaart dit vonnis - tot zover - uitvoerbaar bij voorraad;

3.4.

wijst af - voor zover nodig - het meer of anders gevorderde.

Dit vonnis is gewezen door mr. M. Haisma en in het openbaar uitgesproken op

2 september 2025.

typ: SDN

coll:

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.