Uitspraak · Bestuursstrafrecht

Rechtbank Noord-Nederland, 11 maart 2025

ECLI:NL:RBNNE:2025:1278Zaaknummer 24-1195

Instantie
Rechtbank Noord-Nederland
Datum uitspraak
11 maart 2025
Publicatiedatum
8 april 2025
Zaaknummer
24-1195
Rechtsgebied
Bestuursrecht, Bestuursstrafrecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats
Leeuwarden
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Wahv. '19 km per uur harder rijden dan mag binnen de bebouwde kom'. Ongegrond beroep. Betwisting H1 bebording. Verbalisant was ter plaatse en heeft verklaard dat hij de bebording voorafgaand aan de controle heeft gecontroleerd.

Conclusie

De kantonrechter verklaart het beroep ongegrond.

Waarvan proces-verbaal,

mr. R. Krikke, griffier mr. C.H. de Groot, kantonrechter

Rechtsmiddel

Als u het met de beslissing op uw beroep niet eens bent, dan kunt u binnen zes weken na de hieronder vermelde datum van toezending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het

gerechtshof Arnhem - Leeuwarden, maar alleen als:

a. de u opgelegde administratieve boete meer dan € 110,00 bedraagt, of

b. uw beroep niet-ontvankelijk is verklaard omdat u geen (of niet op tijd) zekerheid heeft gesteld.

Het (hoger) beroepschrift moet worden ingediend bij de rechtbank Noord-Nederland, Afdeling Bestuursrecht, locatie Groningen (Postbus 150, 9700 AD Groningen). U dient daarbij het zaaknummer te vermelden.

De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure, tenzij door u bij het (hoger) beroepschrift uitdrukkelijk om een zitting is gevraagd.

Afschrift verzonden aan partijen op:

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. Inleiding
  2. Beoordeling door de kantonrechter
  3. Beslissing
  4. Conclusie
  5. Rechtsmiddel

RECHTBANK NOORD-NEDERLAND

Zittingsplaats Leeuwarden

Bestuursrecht

beschikkingsnummer: 258248499

zaaknummer: 11147696 BU VERZ 24-1195

proces-verbaal van de mondelinge uitspraak gedaan op de openbare zitting van 11 maart 2025

in de zaak van

[betrokkene] (hierna: betrokkene),

gevestigd in [vestigingsplaats],

gemachtigde: mr. I.N.D.J. Rissema, Fixiq Legal.

Inleiding

1. Aan betrokkene is een boete opgelegd op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv). De verkeersovertreding waarvoor de boete is opgelegd is: ‘19 km per uur harder rijden dan mag binnen de bebouwde kom’, verricht op 28 mei 2023, om 16:31 uur, op de [locatie] in Hommerts, met een personenauto, met kenteken [kenteken]. De opgelegde boete bedraagt € 213,00 (inclusief administratiekosten).

1.1.

Betrokkene heeft tegen de boete beroep ingesteld bij de officier van justitie. Deze heeft het beroep ongegrond verklaard. Tegen die beslissing heeft betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.

1.2.

De kantonrechter heeft het beroep op 11 maart 2025 op de zitting behandeld. Daarbij waren aanwezig: mr. P. Belopavlovic als vertegenwoordiger van de officier van justitie (hierna: de vertegenwoordiger).

1.3.

Na afloop van de zitting heeft de kantonrechter onmiddellijk uitspraak gedaan.

Beoordeling door de kantonrechter

Beslissing

2. De kantonrechter beoordeelt het beroep aan de hand van de beroepsgronden van betrokkene. Hij oordeelt dat het beroep ongegrond is. De kantonrechter zal hierna uitleggen waarom hij dat doet.

Standpunten

3. Gemachtigde voert aan dat betrokkene de gedraging ontkent en stelt, onder verwijzing naar een rijroute, dat betrokkene geen H1 bebording is gepasseerd.

4. De vertegenwoordiger stelt zich ter zitting op het standpunt dat sprake is van drie toegangswegen met H1 bebording. De vertegenwoordiger wijst daarnaast op aanvullend proces-verbaal en verzoekt de kantonrechter het beroep ongegrond te verklaren.

Overwegingen

5. In Wahv-zaken biedt de verklaring van de verbalisant in beginsel een voldoende grondslag voor de vaststelling dat de gedraging is verricht. Dat is anders indien de betrokkene voor zijn zaak specifieke feiten en omstandigheden aanvoert, die aanleiding geven te twijfelen aan de juistheid van één of meer onderdelen van de verklaring dan wel indien uit het dossier zulke feiten en omstandigheden blijken.

5.1

Uit de verklaring van de verbalisant zoals opgenomen in het zaaksoverzicht blijkt onder andere dat de gedraging langs elektronische weg is geconstateerd en digitaal is vastgelegd met behulp van een voor de meting getest, goedgekeurd en op de voorgeschreven wijze gebruikt snelheidsmeetmiddel. Uit de verklaring blijkt dat de gemeten (afgelezen) snelheid 72 km per uur was, de werkelijke (gecorrigeerde) snelheid 69 km per uur en de toegestane snelheid 50 km per uur. Uit het aanvullend proces-verbaal blijkt dat de verbalisant op de dag van de constatering, voorafgaande van de controle, de bebording heeft gecontroleerd. De verbalisant verklaart dat de bebording zichtbaar aanwezig was aan beide zijden van de rijbanen, ter hoogte van perceel 2.

5.2

De verbalisant was in onderhavig geval ter plaatse en heeft verklaard dat hij de bebording voorafgaand heeft gecontroleerd. Hierbij heeft de verbalisant de locatie van de borden gespecificeerd. De kantonrechter ziet in wat de gemachtigde heeft aangevoerd geen aanleiding om aan de betrouwbaarheid van deze verklaring te twijfelen. Gelet hierop kan genoegzaam worden vastgesteld dat ten tijde van de gedraging de relevante bebording aanwezig was.

5.3

Naar oordeel van de kantonrechter kan op basis van de beschikbare gegevens voldoende worden vastgesteld dat de gedraging door betrokkene is verricht. In het door betrokkene gevoerde verweer zijn geen omstandigheden gelegen die aanleiding geven tot een wijziging van de sanctie. De sanctie is terecht opgelegd. Voor een proceskostenvergoeding bestaat geen aanleiding.

Conclusie

De kantonrechter verklaart het beroep ongegrond.

Waarvan proces-verbaal,

mr. R. Krikke, griffier mr. C.H. de Groot, kantonrechter

Rechtsmiddel

Als u het met de beslissing op uw beroep niet eens bent, dan kunt u binnen zes weken na de hieronder vermelde datum van toezending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het

gerechtshof Arnhem - Leeuwarden, maar alleen als:

a. de u opgelegde administratieve boete meer dan € 110,00 bedraagt, of

b. uw beroep niet-ontvankelijk is verklaard omdat u geen (of niet op tijd) zekerheid heeft gesteld.

Het (hoger) beroepschrift moet worden ingediend bij de rechtbank Noord-Nederland, Afdeling Bestuursrecht, locatie Groningen (Postbus 150, 9700 AD Groningen). U dient daarbij het zaaknummer te vermelden.

De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure, tenzij door u bij het (hoger) beroepschrift uitdrukkelijk om een zitting is gevraagd.

Afschrift verzonden aan partijen op:

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.