Uitspraak · Bestuursstrafrecht

Rechtbank Noord-Nederland, 13 december 2024

ECLI:NL:RBNNE:2024:5326Zaaknummer 11236731 BU VERZ 24-1681

Instantie
Rechtbank Noord-Nederland
Datum uitspraak
13 december 2024
Publicatiedatum
27 februari 2025
Zaaknummer
11236731 BU VERZ 24-1681
Rechtsgebied
Bestuursrecht, Bestuursstrafrecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats
Assen
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Rijden op het trottoir. Ontheffing uit 1983. De gemeente heeft in 2023 alle verleende ontheffingen ongeldig verklaard, maar betrokkene was daar niet van op de hoogte.

Volledige tekst

RECHTBANK NOORD-NEDERLAND

Zittingsplaats Assen

Bestuursrecht

beschikkingsnummer: 262863346

zaaknummer: 11236731 BU VERZ 24-1681

Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak gedaan op de openbare zitting van 13 december 2024 op het beroep inzake de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv), ingediend door

[betrokkene] (hierna: de betrokkene),

wonende in [woonplaats].

Zitting hebben

als kantonrechter: mr. P.G. Wijtsma

als griffier: mr. M. Hidding

Betrokkene is op de zitting verschenen. Als vertegenwoordiger van de officier van justitie is verschenen mr. P. Belopavlovic (hierna: de vertegenwoordiger).

De verweten gedraging betreft ‘rijden op het trottoir, voetpad, fietspad, fiets/bromfietspad of het ruiterpad (niet de rijbaan gebruiken)’, verricht op 27 november 2023, om 14:25 uur, in de Weierspoort, Assen, met een personenauto, met kenteken [kenteken]. De opgelegde sanctie bedraagt € 169,00 (inclusief administratiekosten).

Betrokkene voert aan dat hij een permanente ontheffing heeft van het inrijverbod, omdat hij al sinds 1983 invalide is. Hij heeft geen bericht gekregen dat zijn ontheffing niet meer geldig is. Ook heeft de officier van justitie niets gezegd over de ontheffing. Daarnaast heeft hij een invalidenparkeerkaart. Hij heeft een kopie overgelegd van de invalidenparkeerkaart en de ontheffing.

De kantonrechter sluit het onderzoek en doet onmiddellijk mondeling uitspraak. Hij overweegt daarbij als volgt:

Betrokkene betwist de gedraging. In zaken op grond van de Wahv is de verklaring van de verbalisant in het zaakoverzicht in beginsel voldoende voor het vaststellen van de gedraging, tenzij concrete omstandigheden worden aangevoerd die aanleiding geven tot twijfel.

De verbalisant verklaart in het zaakoverzicht dat voor het voertuig van betrokkene geen ontheffing was afgegeven op het moment van de gedraging. Uit de door betrokkene overgelegde ontheffing blijkt weliswaar dat burgemeester en wethouders van Assen op 3 mei 1983 een ontheffing aan [betrokkene] hebben verleend van het inrijverbod van een voetgangersgebied. De vertegenwoordiger heeft op de zitting echter aangegeven dat de gemeente Assen in 2023 de vóór 2023 verleende ontheffingen ongeldig heeft verklaard. Betrokkene is een aantal keren verhuisd, waardoor hij geen bericht heeft gekregen dat zijn vergunning niet meer geldig was. Daarnaast woont hij niet in Assen en heeft hij daardoor het Asser gemeenteblad niet gelezen. Verder is de ontheffing, vermoedelijk doordat deze is afgegeven in 1983, nooit in een computersysteem geregistreerd. Betrokkene heeft op de zitting aangegeven dat hij een nieuwe ontheffing gaat aanvragen. Gelet op deze omstandigheden moet deze bekeuring van tafel.

De kantonrechter:

- verklaart het beroep tegen de beslissing van de officier van justitie gegrond;- vernietigt die beslissing;- verklaart het beroep tegen de inleidende beschikking gegrond;- vernietigt die inleidende beschikking;- bepaalt dat betrokkene het bedrag van de zekerheidstelling terugkrijgt.

Waarvan proces-verbaal,

de griffier is verhinderd om kantonrechter,

dit proces-verbaal te ondertekenen.

Rechtsmiddel

Als u het met de beslissing op uw beroep niet eens bent, dan kunt u binnen zes weken na de hieronder vermelde datum van toezending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het

gerechtshof Arnhem - Leeuwarden, maar alleen als:

a. de u opgelegde administratieve sanctie meer dan € 110,00 bedraagt, of

b. uw beroep niet-ontvankelijk is verklaard omdat u geen (of niet op tijd) zekerheid heeft gesteld.

Het (hoger) beroepschrift moet worden ingediend bij de rechtbank Noord-Nederland, Afdeling Bestuursrecht, locatie Groningen (Postbus 150, 9700 AD Groningen). U dient daarbij het zaaknummer te vermelden.

De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure, tenzij door u bij het (hoger) beroepschrift uitdrukkelijk om een zitting is gevraagd.

Afschrift verzonden aan partijen op:

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.