Uitspraak · Civiel recht

Rechtbank Noord-Nederland, 11 juni 2024

ECLI:NL:RBNNE:2024:3063Zaaknummer 10950230

Instantie
Rechtbank Noord-Nederland
Datum uitspraak
11 juni 2024
Publicatiedatum
13 augustus 2024
Zaaknummer
10950230
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig, Verstek
Zittingsplaats
Leeuwarden
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Geldvordering

De beslissing

De kantonrechter:

veroordeelt de gedaagde partij aan de eisende partij te betalen € 15.135,43, vermeerderd met de wettelijke rente over € 13.917,48 vanaf 14 februari 2024 tot de dag waarop deze vordering is voldaan;

veroordeelt de gedaagde partij in de proceskosten (inclusief nakosten), tot op heden aan de zijde van de eisende partij vastgesteld op:

- dagvaarding € 136,72;

- griffierecht € 706,00;

- salaris gemachtigde € 406,00;

- nakosten € 135,00;

te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als de gedaagde partij niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend;

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;

wijst af - voor zover nodig - het meer of anders gevorderde.

Dit vonnis is gewezen door mr. P. van Eijk en in het openbaar uitgesproken op 11 juni 2024.

Volledige tekst

RECHTBANK NOORD-NEDERLANDVonnis
Civiel recht LZ Kantonrechter
Zittingsplaats Leeuwarden
Zaaknummer: 10950230 CV EXPL 24-972
vonnis d.d. 11 juni 2024

in de zaak van

[eiser],

te [woonplaats],

eisende partij,

gemachtigde: Hettema & Van Bambost Juristen,

uw kenmerk: D/23/S49788,

tegen

Makkum Rent B.V.,

te Makkum,

gedaagde partij, procederend in persoon.

De procedure

De eisende partij heeft bij dagvaarding, op daarin geformuleerde gronden, gevorderd de gedaagde partij te veroordelen tot betaling van € 15.135,43 met rente en kosten.

De gedaagde partij heeft om uitstel verzocht teneinde zich tegen de vordering te verweren. Hoewel daartoe in de gelegenheid gesteld, heeft de gedaagde partij niet geconcludeerd voor antwoord.

De beoordeling

Het gevorderde komt de kantonrechter niet onrechtmatig of ongegrond voor zodat dit kan worden toegewezen als na te melden.

De gevorderde rente zal worden toegewezen over de (resterende) hoofdsom als na te melden.

De beslissing

De kantonrechter:

veroordeelt de gedaagde partij aan de eisende partij te betalen € 15.135,43, vermeerderd met de wettelijke rente over € 13.917,48 vanaf 14 februari 2024 tot de dag waarop deze vordering is voldaan;

veroordeelt de gedaagde partij in de proceskosten (inclusief nakosten), tot op heden aan de zijde van de eisende partij vastgesteld op:

- dagvaarding € 136,72;

- griffierecht € 706,00;

- salaris gemachtigde € 406,00;

- nakosten € 135,00;

te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als de gedaagde partij niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend;

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;

wijst af - voor zover nodig - het meer of anders gevorderde.

Dit vonnis is gewezen door mr. P. van Eijk en in het openbaar uitgesproken op 11 juni 2024.

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.