Uitspraak · Civiel recht
Rechtbank Noord-Nederland, 2 december 2020
ECLI:NL:RBNNE:2020:5023Zaaknummer C/18/201915 / PR RK 20-330
- Instantie
- Rechtbank Noord-Nederland
- Datum uitspraak
- 2 december 2020
- Publicatiedatum
- 2 februari 2021
- Zaaknummer
- C/18/201915 / PR RK 20-330
- Rechtsgebied
- Civiel recht
- Procedure
- Eerste aanleg - meervoudig, Rekestprocedure, Wraking
- Zittingsplaats
- Groningen
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Wraking na afdoening procedure. Verzoek niet-ontvankelijk
De rechtbank:
verklaart verzoeker niet-ontvankelijk in zijn verzoek tot wraking;
beveelt de onmiddellijke mededeling van deze beslissing aan verzoeker
Deze beslissing is gegeven door mrs. Th.A. Wiersma, voorzitter, P.J. Duinkerken en A.M.A.M Kager, rechters, in tegenwoordigheid van de griffier en in het openbaar uitgesproken op 2 december 2020.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
beslissing
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
Locatie Groningen
MEERVOUDIGE KAMER
Zaaknummer / rolnummer: C/18/201915 / PR RK 20-330
Beslissing van 2 december 2020
Beslissing op het verzoek tot wraking ingevolge artikel 36 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (hierna: Rv) van
[naam],
wonende te [woonplaats],
verzoeker.
1 Procesverloop
Bij brief van 26 oktober 2020 heeft verzoeker een verzoek tot wraking gedaan van mr. B. van den Bosch, rechter in deze rechtbank. Bij brief van dezelfde datum heeft [naam] namens verzoeker de feiten en omstandigheden die aan het verzoek ten grondslag liggen, nader uiteengezet.Uit het verzoekschrift blijkt dat verzoeker zijn verzoek doet in de procedure met zaak-/rolnummer 8351547 EJ VERZ 20-4. Dat betreft een herroepingsverzoek in de procedure met zaak-/rolnummer 7278876 CV EXCL 19-9810.
2 Beoordeling
De zaak waarin het verzoek tot wraking is gedaan is op 13 juli 2020 ingetrokken en daarmee is de procedure geëindigd. Dat betekent dat er op 26 oktober 2020, de datum van het onderhavige wrakingsverzoek, niet langer sprake was van “een rechter die de zaak behandelt” in de zin van artikel 36 Rv. Nu niet aan dit formele vereiste voor wraking is voldaan zal verzoeker in zijn verzoek niet-ontvankelijk moeten worden verklaard. Tot een mondelinge behandeling behoeft derhalve niet te worden overgegaan.
3 Beslissing
De rechtbank:
verklaart verzoeker niet-ontvankelijk in zijn verzoek tot wraking;
beveelt de onmiddellijke mededeling van deze beslissing aan verzoeker
Deze beslissing is gegeven door mrs. Th.A. Wiersma, voorzitter, P.J. Duinkerken en A.M.A.M Kager, rechters, in tegenwoordigheid van de griffier en in het openbaar uitgesproken op 2 december 2020.
Wetsartikelen in deze uitspraak
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.