Uitspraak · Verbintenissenrecht
Rechtbank Noord-Holland, 1 juli 2026
ECLI:NL:RBNHO:2026:8454Zaaknummer 12099854 \ CV FORM 26-964
- Instantie
- Rechtbank Noord-Holland
- Datum uitspraak
- 1 juli 2026
- Publicatiedatum
- 20 augustus 2026
- Zaaknummer
- 12099854 \ CV FORM 26-964
- Rechtsgebied
- Civiel recht, Verbintenissenrecht
- Procedure
- Beschikking
- Zittingsplaats
- Haarlem
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Luchtvaart. EPGV. De passagiers verzoeken compensatie voor een vertraagde vlucht. De vervoerder doet een beroep op buitengewone omstandigheden; de luchtverkeersleiding legde voorafgaand aan een eerdere vlucht en voorafgaand aan de vlucht in kwestie een latere vertrektijd op. Het verweer slaagt. Het verzoek wordt afgewezen.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Handel, Kanton en Insolventie
locatie Haarlem
Zaaknr./rolnr.: 12099854 \ CV FORM 26-964
Uitspraakdatum: 1 juli 2026
Beschikking van de kantonrechter in de zaak van:
1 [verzoeker 1]
2. [verzoeker 2]
beiden wonende te [plaats]
verzoekende partijen
verder te noemen: de passagiers
gemachtigde: mr. R.A.C. Telkamp (EUclaim B.V.)
tegen
de rechtspersoon naar buitenlands recht
Italia Trasporto Aereo S.p.A.
gevestigd te Rome, Italië
verwerende partij
verder te noemen: de vervoerder
gemachtigden: mr. L. Rietveld en mr. J.B. Pott (Heussen)
De zaak in het kort De passagiers verzoeken compensatie voor een vertraagde vlucht. De vervoerder doet een beroep op buitengewone omstandigheden; de luchtverkeersleiding legde voorafgaand aan een eerdere vlucht en voorafgaand aan de vlucht in kwestie een latere vertrektijd op. Het verweer slaagt. Het verzoek wordt afgewezen.
1 Het procesverloop
Dit verloop blijkt uit:
- het vorderingsformulier (formulier A);
- het antwoordformulier (formulier C).
2 De feiten
De passagiers hebben een vervoersovereenkomst gesloten. Op grond daarvan moest de vervoerder hen op 25 juni 2024 vervoeren van Palermo, Italië, via Milaan, Italië, naar Amsterdam-Schiphol Airport, met vluchtcombinatie AZ1786 en AZ112.
De vervoerder heeft vlucht AZ1786 van Palermo naar Milaan (hierna: de vlucht) vertraagd uitgevoerd. De passagiers hebben de aansluitende vlucht gemist. Zij zijn omgeboekt naar een alternatieve vlucht waarmee zij met een vertraging van meer dan drie uur op de eindbestemming zijn aangekomen.
De passagiers hebben daarom compensatie van de vervoerder verzocht.
De vervoerder heeft niet uitbetaald.
3 Het geschil
De passagiers verzoeken de vervoerder te veroordelen tot betaling van:
- € 800,00, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 25 juni 2024 tot aan de dag der algehele voldoening; - € 145,20 aan buitengerechtelijke incassokosten, te vermeerderen met wettelijke rente;- de proceskosten en de nakosten, te vermeerderen met wettelijke rente.
De passagiers baseren het verzoek op de Verordening (EG) nr. 261/2004 (hierna: de Verordening) en de rechtspraak van het Europese Hof van Justitie van de Europese Unie (hierna: het Hof). De passagiers stellen dat de vervoerder hen vanwege de vertraging van de vlucht moet compenseren met een bedrag van € 400,- per persoon.[_51215034-831a-4f15-8678-8ad037860725]
De vervoerder voert verweer. Hij voert aan dat de vertraging het gevolg was van (de doorwerking van) buitengewone omstandigheden. Deze konden ondanks het treffen van alle redelijke maatregelen niet voorkomen worden.[_5d751b75-9ead-4af9-b64a-f521345920b9]
4 De beoordeling
De kantonrechter stelt ambtshalve vast dat hij bevoegd is om van het verzoek kennis te nemen.
De passagiers zijn met een vertraging van meer dan drie uur op de eindbestemming aangekomen. In beginsel moet de vervoerder dan compenseren. Dit is anders als hij kan aantonen dat de vertraging het gevolg is geweest van (de doorwerking van) buitengewone omstandigheden die ondanks het treffen van alle redelijke maatregelen niet voorkomen konden worden. Volgens vaste rechtspraak van het Hof is een vertragingsoorzaak buitengewoon als deze niet inherent is aan de bedrijfsactiviteit van een luchtvaartmaatschappij en de luchtvaartmaatschappij daar ook geen invloed op kon uitoefenen.[_1583f25a-de5e-41fa-a236-364d6181746b]
De vervoerder voert aan dat de vlucht onderdeel was van de rotatievlucht Milaan – Palermo – Milaan (vluchtnummers AZ1787 en AZ1786). Voorafgaand aan het vertrek van vlucht AZ1787 van Milaan naar Palermo legde de luchtverkeersleiding een latere vertrektijd op. Hierdoor is vlucht AZ1787 met een vertraging van 30 minuten vertraging vertrokken en met 33 minuten vertraging aangekomen.
De vertraging van vlucht AZ1787 werkte met 42 minuten door op de vlucht in kwestie. Vervolgens legde de luchtverkeersleiding ook voorafgaand aan het vertrek van de vlucht in kwestie een latere vertrektijd op. Dit zorgde voor een aanvullende vertrekvertraging van 30 minuten. Daardoor vertrok de vlucht in kwestie met 1 uur en 12 minuten en kwam deze 1 uur en 4 minuten later aan. Hierdoor misten de passagiers de aansluitende vlucht. Ter onderbouwing heeft hij onder meer schermafbeeldingen van een systeem van de luchtverkeersleiding overgelegd.
Naar het oordeel van de kantonrechter heeft de vervoerder voldoende concreet gesteld en onderbouwd dat vlucht AZ1787 van Milaan naar Palermo met 30 minuten vertraging is vertrokken vanwege een latere opgelegde vertrektijd door de luchtverkeersleiding. Als de luchtverkeersleiding een toestel een latere vertrektijd oplegt, heeft dit niet de mogelijkheid om toch eerder te vertrekken. De instructies van de luchtverkeersleiding moeten namelijk altijd worden opgevolgd. Dit is niet inherent aan de bedrijfsactiviteit van de vervoerder en hij heeft daar ook geen invloed op. Dit gedeelte van de vertraging van vlucht AZ1787 was dan ook het gevolg van een buitengewone omstandigheid. Onderweg is de vertraging met drie minuten opgelopen. De vervoerder heeft niet toegelicht wat de oorzaak hiervan was, zodat niet geoordeeld kan worden dat dit eveneens werd veroorzaakt door een buitengewone omstandigheid. Al met al waren 30 minuten van de vertraging van vlucht AZ1787 daarmee het gevolg van een buitengewone omstandigheid.
De vervoerder stelt dat de vertraging van vlucht AZ1787 voor de duur van 42 minuten doorwerkte op de vlucht in kwestie. Hij heeft niet toegelicht waarom de vertraging tussen de twee vluchten is opgelopen van 33 naar 42 minuten. Daarom kan voor dit gedeelte van de vertraging evenmin worden geoordeeld dat sprake was van buitengewone omstandigheid. Daarmee was 30 minuten van de vertraging van de vlucht het gevolg van de doorwerking van de vertraging van vlucht AZ1787 vanwege de buitengewone omstandigheden. De vervoerder heeft voldoende concreet gesteld en onderbouwd dat de vlucht in kwestie vervolgens met 30 minuten aanvullende vertraging is vertrokken vanwege een latere opgelegde vertrektijd door de luchtverkeersleiding. Zoals hiervoor overwogen geldt dit als een buitengewone omstandigheid. Dit betekent dat de vertraging van de vlucht voor de duur van een uur het gevolg was van (de doorwerking van) een buitengewone omstandigheid.
Omdat de vertraging van de vlucht deels door buitengewone en deels door andere omstandigheden is veroorzaakt, moet worden beoordeeld of de passagiers de aansluitende vlucht zouden hebben gehaald als de buitengewone omstandigheden zich niet hadden voorgedaan. De passagiers zijn om 17:24 uur in Milaan aangekomen. Zonder de buitengewone omstandigheden - die een uur vertraging hebben opgeleverd - zou de vlucht dus om 16:24 uur zijn aangekomen. De aansluitende vlucht naar Amsterdam vertrok om 17:05 uur.
De vervoerder stelt dat de minimumoverstaptijd (‘MCT’) op de luchthaven van Milaan voor een overstap op een binnenlandse vlucht 20 minuten bedraagt. Hij stelt dat deze overstaptijd wordt vastgesteld aan de hand van de officiële richtlijnen en door de nationale autoriteiten. De passagiers hebben dit onvoldoende gemotiveerd betwist. Weliswaar voeren zij aan dat de minimumoverstaptijd 45 minuten zou bedragen, maar zij hebben dit op geen enkele manier toelicht of gemotiveerd. Daarmee heeft de vervoerder voldoende concreet gesteld en onderbouwd dat de minimumoverstaptijd 20 minuten bedraagt. Dit betekent dat indien de buitengewone omstandigheden zich niet hadden voorgedaan, de passagiers de aansluitende vlucht hadden kunnen halen. Daarmee was de uiteindelijke vertraging van de passagiers op de eindbestemming het gevolg van de buitengewone omstandigheden.
Resteert de vraag of de vervoerder alle redelijke maatregelen heeft getroffen om de vertraging te voorkomen en te beperken. De vervoerder stelt in dit verband dat hij de vertraging heeft beperkt door de passagiers na het missen van de aansluiting om te boeken naar de snelst mogelijke alternatieve vlucht naar de eindbestemming. De passagiers hebben dit niet weersproken.
Het verweer slaagt. Niet valt in te zien wat er in deze situatie meer of anders van de vervoerder had mogen worden verwacht. De passagiers hebben in dit verband ook niets aangevoerd. Daarmee heeft hij alle redelijke maatregelen getroffen. Het verzoek zal worden afgewezen.
De proceskosten komen voor rekening van de passagiers omdat zij ongelijk krijgen. Ook de nakosten komen voor rekening van de passagiers, voor zover deze kosten daadwerkelijk door de vervoerder worden gemaakt.
5 De beslissingDe kantonrechter:
wijst het verzochte af;
veroordeelt de passagiers tot betaling van de proceskosten die aan de kant van de vervoerder tot en met vandaag worden begroot op € 144,00 aan salaris gemachtigde en veroordeelt de passagiers tot betaling van € 72,00 aan nakosten voor zover deze kosten daadwerkelijk door de vervoerder worden gemaakt;
verklaart de veroordelingen in deze beschikkingen uitvoerbaar bij voorraad.
Deze beschikking is gegeven door mr. S.N. Schipper, kantonrechter, en op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.
De griffier De kantonrechter
Tegen deze beschikking staat geen hoger beroep open
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.