Uitspraak · Verbintenissenrecht
Rechtbank Noord-Holland, 15 april 2026
ECLI:NL:RBNHO:2026:4126Zaaknummer 12028622 \ CV FORM 25-8647
- Instantie
- Rechtbank Noord-Holland
- Datum uitspraak
- 15 april 2026
- Publicatiedatum
- 24 juli 2026
- Zaaknummer
- 12028622 \ CV FORM 25-8647
- Rechtsgebied
- Civiel recht, Verbintenissenrecht
- Procedure
- Beschikking
- Zittingsplaats
- Haarlem
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Luchtvaart. EPGV. De passagiers vragen compensatie van de vervoerder voor een geannuleerde vlucht. De vervoerder voert aan dat de annulering het gevolg was van een buitengewone omstandigheid, namelijk slecht zicht vanwege een dichte stofmist op de luchthaven van aankomst. Het verweer slaagt en het verzoek wordt afgewezen.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Handel, Kanton en Insolventie
locatie Haarlem
Zaaknr./rolnr.: 12028622 \ CV FORM 25-8647
Uitspraakdatum: 15 april 2026
Beschikking van de kantonrechter in de zaak van:
1 [verzoeker 1], wonende te [plaats 1], Spanje
2. [verzoeker 2], wonende te [plaats 2]
verzoekende partijen
verder te noemen: de passagiers
gemachtigde: ProBe-ASP B.V., handelende onder de naam Aviclaim
tegen
de rechtspersoon naar buitenlands rechtTransportes Aereos Portugeses S.A.
gevestigd te Lissabon, Portugal
verwerende partij
verder te noemen: de vervoerder
gemachtigden: mr. J. Nooij en mr. N. van der Graaf (Russell Advocaten)
De zaak in het kort De passagiers vragen compensatie van de vervoerder voor een geannuleerde vlucht. De vervoerder voert aan dat de annulering het gevolg was van een buitengewone omstandigheid, namelijk slecht zicht vanwege een dichte stofmist op de luchthaven van aankomst. Het verweer slaagt en het verzoek wordt afgewezen.
1 Het procesverloop
Dit verloop blijkt uit:
- het vorderingsformulier (formulier A);
- het verweerschrift.
2 De feiten
De passagiers hebben met de vervoerder een vervoersovereenkomst gesloten. Op grond daarvan moest de vervoerder hen op 25 januari 2024 vervoeren van Amsterdam-Schiphol Airport, via Lissabon, Portugal, naar Praia, Kaapverdië, met vluchtcombinatie TP671 en TP1543.
De vervoerder heeft vlucht TP1543 van Lissabon naar Praia (hierna: de vlucht) geannuleerd.
De passagiers hebben daarom compensatie van de vervoerder verzocht.
De vervoerder heeft niet uitbetaald.
3 Het geschil
De passagiers verzoeken de vervoerder te veroordelen tot betaling van:
- € 1.200,00, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 25 januari 2024 tot aan de dag der algehele voldoening; - € 180,00 aan buitengerechtelijke incassokosten, te vermeerderen met wettelijke rente;- de proceskosten.
De passagiers baseren het verzoek op de Verordening (EG) nr. 261/2004 (hierna: de Verordening) en de rechtspraak van het Europese Hof van Justitie van de Europese Unie (hierna: het Hof). De passagiers stellen dat de vervoerder hen vanwege de annulering van de vlucht moet compenseren met een bedrag van € 600,- per persoon.[_4c194f08-7caf-464c-99e0-a6dd9d650293]
De vervoerder voert verweer. Hij voert aan dat de annulering het gevolg was van buitengewone omstandigheden. Deze konden ondanks het treffen van alle redelijke maatregelen niet voorkomen worden.[_ccee3454-2ce5-4019-8a25-c3d04a1ac5b0]
4 De beoordeling
De kantonrechter stelt ambtshalve vast dat hij bevoegd is om van het verzoek kennis te nemen.
Vast staat dat de vlucht is geannuleerd. In beginsel moet de vervoerder dan compenseren. Dit is anders als hij kan aantonen dat de annulering het gevolg is geweest van buitengewone omstandigheden die ondanks het treffen van alle redelijke maatregelen niet voorkomen konden worden. Volgens vaste rechtspraak van het Hof is een omstandigheid buitengewoon als deze niet inherent is aan de bedrijfsactiviteit van de vervoerder en hij daar ook geen invloed op kon uitoefenen.[_de9863c5-ecca-4a29-8e44-ff8136d09980]
Volgens de vervoerder was er op de dag van de vlucht sprake van zeer slecht zicht op de luchthaven van Praia. Dit werd veroorzaakt door een dichte stofmist vanwege de zogenaamde ‘Harmattan’. Dat is een windstroom vanuit de Sahara die veel zand met zich meebrengt. Onder deze omstandigheden was het niet verantwoord om te vliegen. Daarom moest de vlucht worden geannuleerd.
Het betoog slaagt. Naar het oordeel van de kantonrechter heeft de vervoerder voldoende concreet gesteld en onderbouwd dat de annulering het gevolg was van slecht zicht vanwege het weer. Weersomstandigheden die de vlucht verhinderen zijn niet inherent aan de bedrijfsactiviteit van de vervoerder en hij heeft daar ook geen invloed op. [_a22af6dc-1174-4c57-b421-d5993373d3be] Daarom was de annulering het gevolg van een buitengewone omstandigheid.
Resteert de vraag of de vervoerder alle redelijke maatregelen heeft getroffen om de vertraging door de annulering te voorkomen en te beperken. Het Hof heeft geoordeeld dat het in beginsel geen redelijke maatregel is als een passagier een dag later dan gepland aankomt met een alternatieve vlucht die door de vervoerder zelf werd uitgevoerd. In dat geval is het aan de vervoerder om te onderbouwen dat er geen andere mogelijkheid bestond voor een eerdere alternatieve vlucht die door hemzelf of door een andere luchtvaartmaatschappij werd uitgevoerd.[_1970015c-f4b4-42b6-83cf-627c330d4820]
Vast staat dat de passagiers zijn omgeboekt naar een alternatieve vlucht waarmee zij met een vertraging van meer dan een dag op de eindbestemming zijn aangekomen, zodat deze omboeking in beginsel geen redelijke maatregel is. Naar het oordeel van de kantonrechter heeft de vervoerder echter voldoende concreet gesteld en onderbouwd dat er geen mogelijkheid was voor een eerdere vlucht. Voor zover de passagiers bedoelden aan te voeren dat er een eerdere vlucht voor hen beschikbaar was, had het op hun weg gelegen om dit concreter te maken, bijvoorbeeld door concreet te stellen welke vlucht dat was. Omdat zij dit hebben nagelaten, hebben zij onvoldoende gemotiveerd betwist dat zij zijn omgeboekt op het eerst beschikbare alternatief. Niet valt in te zien wat er onder deze omstandigheden meer of anders van de vervoerder kon worden verwacht. Daarmee heeft hij alle redelijke maatregelen getroffen. Het verzoek zal worden afgewezen.
De proceskosten komen voor rekening van de passagiers omdat zij ongelijk krijgen. Ook de nakosten komen voor rekening van de passagiers, voor zover deze kosten daadwerkelijk door de vervoerder worden gemaakt. De verzochte rente is toewijsbaar met ingang van de datum gelegen 14 dagen na betekening van deze beschikking.
5 De beslissingDe kantonrechter:
wijst het verzochte af;
veroordeelt de passagiers tot betaling van de proceskosten die aan de kant van de vervoerder tot en met vandaag worden begroot op € 217,00 aan salaris gemachtigde, en veroordeelt de passagiers tot betaling van € 108,50 aan nakosten voor zover deze kosten daadwerkelijk door de vervoerder worden gemaakt,vermeerderd met de wettelijke rente over deze bedragen vanaf de datum gelegen 14 dagen na betekening van deze beschikking tot aan de dag van de algehele voldoening.
Deze beschikking is gegeven door mr. M.W. Koenis, kantonrechter, en op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.
De griffier De kantonrechter
Tegen deze beschikking staat geen hoger beroep open
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.