Uitspraak · Verbintenissenrecht
Rechtbank Noord-Holland, 11 maart 2026
ECLI:NL:RBNHO:2026:3874Zaaknummer 11574989 \ CV 25-1489
- Instantie
- Rechtbank Noord-Holland
- Datum uitspraak
- 11 maart 2026
- Publicatiedatum
- 24 juli 2026
- Zaaknummer
- 11574989 \ CV 25-1489
- Rechtsgebied
- Civiel recht, Verbintenissenrecht
- Procedure
- Bodemzaak
- Zittingsplaats
- Haarlem
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Luchtvaart; Annulering. De vervoerder voert aan dat de annulering het gevolg was van buitengewone omstandigheden, namelijk slechter weersomstandigheden (cycloon Gabriëlle). Het betoog van de vervoerder slaagt. De vordering wordt afgewezen.
5 De beslissing
De kantonrechter:
wijst de vordering af;
veroordeelt de passagier tot betaling van de proceskosten, die tot en met vandaag voor de vervoerder worden vastgesteld op een bedrag van € 288,00 aan salaris van de gemachtigde van de vervoerder en veroordeelt de passagier tot betaling van € 72,00 aan nakosten voor zover deze kosten daadwerkelijk door de vervoerder worden gemaakt.
verklaart dit vonnis – voor wat de proceskostenveroordeling betreft – uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. S.N. Schipper, kantonrechter en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van bovengenoemde datum in aanwezigheid van de griffier.
De griffier De kantonrechter
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Handel, Kanton en Insolventie
locatie Haarlem
Zaaknr./rolnr.: 11574989 \ CV EXPL 25-1489
Uitspraakdatum: 11 maart 2026
Vonnis van de kantonrechter in de zaak van:
[eiser]
wonende te [plaats]
eiser
hierna te noemen: de passagier
gemachtigde: [gemachtigde] (ProBe-ASP B.V.)
tegen
de vennootschap naar buitenlands recht
Korean Air
gevestigd te Seoel (Zuid-Korea)
gedaagde
hierna te noemen: de vervoerder
gemachtigde: mr. M. Lustenhouwer en mr. D.H.A. Delger (AKD advocaten)
De zaak in het kort
De passagier heeft van de vervoerder compensatie gevraagd voor een geannuleerde vlucht. De vervoerder voert aan dat de annulering het gevolg was van buitengewone omstandigheden, namelijk slechter weersomstandigheden (cycloon Gabriëlle). Het betoog van de vervoerder slaagt. De vordering wordt afgewezen.
1 Het procesverloop
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding:
- de conclusie van antwoord;
- de conclusie van repliek;
- de conclusie van dupliek.
Ten slotte is vonnis bepaald.
2 De feiten
De passagier heeft een vervoersovereenkomst gesloten. Op grond daarvan moest de vervoerder hem op 11 februari 2023 vervoeren van Amsterdam-Schiphol Airport, via Incheon International Airport, Seoel (Zuid-Korea), naar Auckland International Airport (Nieuw-Zeeland), met vluchtnummers KE926 en KE411.
De passagier is met een vertraging van meer dan drie uur aangekomen op de eindbestemming.
De passagier heeft daarom compensatie van de vervoerder gevorderd.
De vervoerder heeft niet uitbetaald.
3 Het geschil
De passagier vordert dat de vervoerder, bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis, veroordeeld zal worden tot betaling van:- € 600,00, vermeerderd met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf de dag van de vlucht tot aan de dag der algehele voldoening;- € 90,00, aan buitengerechtelijke incassokosten, te vermeerderen met wettelijke rente;- de proceskosten, te vermeerderen met wettelijke rente;
- en de nakosten.
De passagier baseert zijn vordering op de Verordening (EG) nr. 261/2004 (hierna: de Verordening) en de rechtspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie (hierna: het Hof). De passagier stelt dat de vervoerder hem vanwege de vertraging van de vlucht moet compenseren met een bedrag van € 600,00 (artikel 7 van de Verordening).
De vervoerder voert verweer. Hij voert aan dat de vertraging van de vlucht gevolg was van buitengewone omstandigheden. Deze konden ondanks het treffen van alle redelijke maatregelen niet voorkomen worden (artikel 5 lid 3 van de Verordening).
4 De beoordeling
De kantonrechter stelt ambtshalve vast dat hij bevoegd is om van de vordering kennis te nemen.
Langdurige vertraging of annulering
Tussen partijen is ten eerste in het geschil of de vlucht voor de passagier als geannuleerd kan worden beschouwd. De kantonrechter is van oordeel dat deze vraag bevestigend moet worden beantwoord. Hij overweegt daartoe als volgt.
Het Hof heeft op 21 december 20211 geoordeeld dat de Verordening in twee duidelijk onderscheiden categorieën van vluchten voorziet, namelijk ‘geannuleerde’ en ‘vertraagde’ vluchten. De indeling in de ene of de andere categorie is daarbij niet afhankelijk van de enkele omstandigheid dat de latere vertrektijd van de vlucht vooraf is aangekondigd. Dit betekent dat een vlucht slechts als ‘geannuleerd’ kan worden beschouwd, indien sprake is van een omboeking naar een vlucht waarvan de oorspronkelijke planning verschilt van die van de oorspronkelijk geplande vlucht. De vervoerder voert eerst aan dat er sprake is van een langdurige vertragingen, maar veranderd van standpunt bij conclusie van dupliek. Vaststaat dat de oorspronkelijke vlucht op de geplande datum wegens een orkaan niet is uitgevoerd. Na drie dagen was het mogelijk voor de vervoerder om een ‘rescue flight’ in te zetten om de gestrande passagiers naar de eindbestemming te vervoeren. De kantonrechter oordeelt als volgt. In dit geval is de vlucht onder hetzelfde vluchtnummer en met dezelfde planning uitgevoerd, echter maakt dat niet dat er sprake is van een langdurige vertraging. De ‘rescue flight’ is geen voortzetting van de oorspronkelijke vlucht, maar moet aangemerkt worden als vervangend vervoer. De vlucht dient daarom als geannuleerd te worden beschouwd.
Stelplicht, bewijslast en substantiëringsplicht
De vervoerder heeft aangevoerd dat er bij de dagvaarding geen producties zijn overgelegd. De passagier heeft ook niet voldaan aan de stelplicht. Gesteld noch gebleken is dat de passagier zich tijdig heeft gemeld voor vlucht KE926. Daarnaast heeft de passagier niks gesteld over de vliegtijden of de feitelijke gang van zaken over de vertraging. De stelling van de passagier dat de vlucht KE926 vertraagd werd uitgevoerd is ook onvoldoende. Ook heeft passagier niet voldaan aan de substantiëringsplicht, omdat hij niet is ingegaan op het verweer van de vervoerder in de dagvaarding.
De kantonrechter oordeelt als volgt. De passagier heeft bij conclusie van repliek de producties van de dagvaarding overgelegd, waaronder de boekingsbevestiging. Hiermee heeft de passagier aangetoond dat hij een bevestigde boeking had voor de vlucht. Het verweer van de vervoerder dat passagier niet heeft aangetoond dat hij zich tijdig bij de gate heeft gemeld is volgens passagier onbegrijpelijk. De kantonrechter gaat mee in de stelling van de passagier dat indien er sprake was van een ‘no show’ de vervoerder de vordering in het buitengerechtelijke traject had afgewezen. De vervoerder is ook niet geschaad in zijn verdediging en heeft reed inhoudelijk verweer gevoerd. Daarnaast heeft de passagier de eis gewijzigd. Hij stelt dat vlucht KE411 vertraagd is uitgevoerd, in plaats van vlucht KE926. Nu de kantonrechter heeft geoordeeld dat vlucht KE411 als geannuleerd dient te worden beschouwd, wordt er niet ingegaan op dit verweer.
Vast staat dat de vlucht is geannuleerd. In beginsel moet de vervoerder dan compenseren. Dit is anders als de vervoerder kan aantonen dat de annulering het gevolg is geweest van buitengewone omstandigheden die ondanks het treffen van alle redelijke maatregelen niet voorkomen konden worden.
Buitengewone omstandigheden
De vervoerder heeft aangevoerd dat vlucht KE411 is geannuleerd door buitengewone omstandigheden. Deze vlucht moest geannuleerd worden vanwege extreme weersomstandigheden (cycloon Gabrielle). De cycloon bleef zich rondom luchthaven Auckland te begeven. Ter onderbouwing heeft de vervoerder nieuwsberichten en afbeeldingen overgelegd. De vervoerder heeft daarom besloten om de vlucht te annuleren. Feit van algemene bekendheid is dat een cycloon of orkaan zorgt voor een (ernstig) vliegveiligheidsprobleem. Meerdere vluchten zijn die dag geannuleerd. De slechte weersomstandigheden zijn niet inherent aan de normale uitoefening van de activiteiten van de vervoerder. De vervoerder kon geen invloed uitoefenen op deze omstandigheden.
De passagier betwist dit. De vervoerder moet aantonen dat er een causale verband is tussen de gestelde omstandigheden en de vlucht in kwestie. De vervoerder heeft geen stukken overgelegd waaruit blijkt dat de weersomstandigheden direct gevolg hadden op de vlucht in kwestie. Hij heeft enkel nieuwsberichten en berichten van sociale media overgelegd. De stukken zijn ook niet als productie overgelegd, waardoor de authenticiteit van de stukken niet gecontroleerd kan worden. De vervoerder heeft geen berichten van de luchtverkeersleiding of METAR of TAF berichten overgelegd. Het verweer van de vervoerder is niet voldoende onderbouwd. Verder stelt de passagier dat de vlucht eerder uitgevoerd had kunnen worden. Luchtverkeer was namelijk al mogelijk vanaf 14 februari om 18:30 uur UTC. Echter is de passagier omgeboekt naar een vlucht op 15 februari om 09:07 uur UTC. De passagier betwist dat het vrijmaken van een toestel 14 uur en 37 minuten in beslag neemt. De vervoerder dient de causale verband aan te tonen tussen de gehele vertraging en de buitengewone omstandigheden.
De vervoerder voert aan dat de passagier niet heeft betwist dat de omstandigheden een vliegveiligheidsprobleem is en dat deze omstandigheden niet inherent zijn aan de normale activiteiten van de vervoerder. De passagier betwist alleen het causale verband. Rondom de datum van de vlucht begaf de cycloon zich recht boven het eiland. De vervoerder vliegt hier niet doorheen en neemt geen risico waar het gaat om de vliegveiligheid. De vervoerder heeft geen METAR of TAF rapport overgelegd, omdat een cycloon daar niet goed uit te halen is. Daarnaast laten deze rapporten de weersomstandigheden recht boven de luchthaven zien en op lage hoogte. Piloten gebruiken deze rapporten voor het opstijgen en landen op de luchthaven. Bovendien geeft de METAR de daadwerkelijke waargenomen weer en de vlucht is geannuleerd op basis van verwachtingen. Overigens blijkt uit het TAF dat er sprake was van een harde grondwind, windstoten van tussen 30 en 40 knopen en zeer beperkt zicht. Op 12 februari was het volstrekt onduidelijk wanneer luchtverkeer weer mogelijk was. Luchtverkeer kwam vanaf 14 februari weer langzaam op gang, maar dat betekent niet dat luchtverkeer weer mogelijk was. Luchthaven Auckland moest nog herstellen en de gestrande passagiers op de luchthaven moesten eerst vertrekken om ruimte te maken voor aankomende vluchten. Het inplannen van de ‘rescue flight’, inclusief toestel, bemanning en toestemming krijgen om te mogen vliegen, kosten ook tijd. De passagiers moesten ook worden geïnformeerd en in de gelegenheid worden gesteld om van de accommodatie naar de luchthaven te komen. Nu de passagier niet heeft betwist dat luchtverkeer tot de ochtend van 15 februari net mogelijk was, is het causale verband ook aangetoond.
De kantonrechter gaat mee in het verweer van de vervoerder. De vervoerder heeft met de door hem overgelegde stukken en zijn toelichting daarop, voldoende onderbouwd dat er omstreeks het geplande vertrek van de vlucht sprake was van dusdanig gevaarlijke weersomstandigheden (cycloon Gabriellë) dat hij genoodzaakt was de vlucht te annuleren. De passagier heeft ook niet betwist dat er sprake was van slechte weersomstandigheden rondom de uitvoering van de vlucht. Gelet op de omstandigheden, heeft de vervoerder voldoende toegelicht dat hij de ‘rescue flight’ niet gelijk kon uitvoeren. Het causale verband tussen de omstandigheden en de annulering is hiermee aangetoond. Het betoog van de vervoerder slaagt.
Redelijke maatregelen
Resteert de vraag of de vervoerder alle redelijke maatregelen heeft getroffen. Uit het arrest van het Hof van 11 juni 2020 (C-74/19) volgt dat het in beginsel geen redelijke maatregel is, indien de passagier met een door de vervoerder zelf uitgevoerde alternatieve vlucht de dag na de oorspronkelijk vastgestelde dag aankomt. Dit is anders indien er geen enkele andere mogelijkheid voor een rechtstreekse of indirecte alternatieve vlucht bestond met een door haarzelf of door een andere luchtvaartmaatschappij uitgevoerde vlucht die op een minder laat tijdstip aankwam dan de volgende vlucht van de betrokken luchtvaartmaatschappij, of dat het organiseren van een dergelijke alternatieve vlucht voor die laatste een onaanvaardbaar offer betekende gelet op de mogelijkheden van haar onderneming op het relevante tijdstip. Hierbij gaat de kantonrechter, voor de interpretatie van het hiervoor genoemde woord ‘dag’, uit van een tijdruimte en voor de uitleg ervan wordt aangesloten bij de algemeen geaccepteerde uitleg, zijnde een tijdsduur van 24 uur. De vervoerder voert aan dat hij de passagier heeft omgeboekt nadat er enige mate van zekerheid was dat vluchten weer uitgevoerd mochten worden. Er waren geen stoelen beschikbaar op andere vluchten. De vervoerder heeft daarom een ‘rescue flight’ ingezet. Het was niet realistisch om een toestel, bemanning en de passagiers gereed te houden om bij eerste teken van groen licht te vertrekken. De vervoerder heeft binnen 24 uur na groen licht een ‘rescue flight’ ingezet om de passagier naar de eindbestemming te vervoeren. De kantonrechter oordeelt dat de vervoerder met zijn toelichting voldoende inzichtelijk heeft gemaakt dat hij alle redelijke maatregelen heeft getroffen. Het betoog van de vervoerder slaagt. De vordering van de passagier zal daarom worden afgewezen.
De passagier zal in het ongelijk worden gesteld. Daarom zal hij worden veroordeeld in de kosten van de procedure. Ook de nakosten worden toegewezen, voor zover deze kosten daadwerkelijk door de passagier worden gemaakt.
5 De beslissing
De kantonrechter:
wijst de vordering af;
veroordeelt de passagier tot betaling van de proceskosten, die tot en met vandaag voor de vervoerder worden vastgesteld op een bedrag van € 288,00 aan salaris van de gemachtigde van de vervoerder en veroordeelt de passagier tot betaling van € 72,00 aan nakosten voor zover deze kosten daadwerkelijk door de vervoerder worden gemaakt.
verklaart dit vonnis – voor wat de proceskostenveroordeling betreft – uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. S.N. Schipper, kantonrechter en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van bovengenoemde datum in aanwezigheid van de griffier.
De griffier De kantonrechter
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.