Uitspraak · Verbintenissenrecht
Rechtbank Noord-Holland, 1 april 2026
ECLI:NL:RBNHO:2026:3521Zaaknummer 11658974 \ CV EXPL 25-2489
- Instantie
- Rechtbank Noord-Holland
- Datum uitspraak
- 1 april 2026
- Publicatiedatum
- 9 juli 2026
- Zaaknummer
- 11658974 \ CV EXPL 25-2489
- Rechtsgebied
- Civiel recht, Verbintenissenrecht
- Procedure
- Bodemzaak
- Zittingsplaats
- Haarlem
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Luchtvaart. De passagiers hebben compensatie van de vervoerder gevorderd voor een langdurig vertraagde vlucht. De vervoerder voert aan dat de vertraging van de vlucht het gevolg was van buitengewone omstandigheden, namelijk een IT-storing waardoor het personeel niet tijdig aan de vlucht gekoppeld kon worden. Het verweer van de vervoerder slaagt en de vorderingen van de passagiers worden afgewezen.
5 De beslissing
De kantonrechter:
wijst de vordering af;
veroordeelt de passagiers tot betaling van de proceskosten, die tot en met vandaag voor de vervoerder worden vastgesteld op een bedrag van € 506,00 aan salaris van de gemachtigde van de vervoerder,en veroordeelt de passagiers tot betaling van € 126,50 aan nakosten voor zover deze kosten daadwerkelijk door de vervoerder worden gemaakt, te vermeerderen, als betekening plaatsvindt, met de kosten van betekening van dit vonnis;
verklaart dit vonnis – voor wat de proceskostenveroordeling betreft – uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. S.N. Schipper, kantonrechter, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van bovengenoemde datum in aanwezigheid van de griffier.
De griffier De kantonrechter
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Handel, Kanton en Insolventie
locatie Haarlem
Zaaknr./rolnr.: 11658974 \ CV EXPL 25-2489
Uitspraakdatum: 1 april 2026
Vonnis van de kantonrechter in de zaak van:
1 [eiser 1]
2. [eiser 2]
3. [eiser 3]
allen wonende te [plaats]
eisers
hierna gezamenlijk te noemen: de passagiers
gemachtigde: [gemachtigde] (ProBe-ASP B.V., handelende onder de naam Aviclaim)
tegen
de vennootschap naar buitenlands recht
Delta Air Lines Inc.
gevestigd te Wilmington, Verenigde Staten
gedaagde
hierna te noemen: de vervoerder
gemachtigde: mr. M. Lustenhouwer (AKD N.V.)
De zaak in het kort
De passagiers hebben compensatie van de vervoerder gevorderd voor een langdurig vertraagde vlucht. De vervoerder voert aan dat de vertraging van de vlucht het gevolg was van buitengewone omstandigheden, namelijk een IT-storing waardoor het personeel niet tijdig aan de vlucht gekoppeld kon worden. Het verweer van de vervoerder slaagt en de vorderingen van de passagiers worden afgewezen.
1 Het procesverloop
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding:
- de conclusie van antwoord;
- de conclusie van repliek;
- de conclusie van dupliek;- de akte eisers.
Ten slotte is vonnis bepaald.
2 De feiten
De passagiers hebben een vervoersovereenkomst gesloten. Op grond daarvan moest de vervoerder hen op 20 juli 2024 vervoeren van Amsterdam-Schiphol Airport, via Atlanta, Verenigde Staten, naar Cancun, Mexico, met vluchtcombinatie DL73 en DL1939.
De vervoerder heeft vlucht DL1939 van Atlanta naar Cancun (hierna: de vlucht) vertraagd uitgevoerd. De passagiers zijn met een vertraging van meer dan drie uur aangekomen op de eindbestemming.
De passagiers hebben daarom compensatie van de vervoerder gevorderd.
De vervoerder heeft niet uitbetaald.
3 Het geschil
De passagiers vorderen dat de vervoerder, bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis, veroordeeld zal worden tot betaling van:- € 2.400,00, vermeerderd met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf de dag van vertraging van de vlucht tot aan de dag der algehele voldoening;- € 360,00 aan buitengerechtelijke incassokosten, te vermeerderen met wettelijke rente;- de proceskosten, te vermeerderen met wettelijke rente;- de nakosten.
De passagiers baseren hun vordering op de Verordening (EG) nr. 261/2004 (hierna: de Verordening) en de rechtspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie (hierna: het Hof). De passagiers stellen dat passagiers sub 1 en sub 2 het eventuele vorderingsrecht van hun minderjarige kind aan zichzelf hebben overgedragen. Zij stellen dat de vervoerder hen vanwege de vertraging van de vlucht moet compenseren met een bedrag van € 600,- per persoon.[_eac7e3cb-7e5e-46dd-96f1-f54dacf4e19c]
De vervoerder voert verweer. Hij voert onder meer aan dat de vertraging van de vlucht het gevolg was van buitengewone omstandigheden. Deze konden ondanks het treffen van alle redelijke maatregelen niet voorkomen worden.[_d226538e-c807-404f-a2ab-9501f7dc6a21]
4 De beoordeling
De kantonrechter stelt ambtshalve vast dat hij bevoegd is om van de vordering kennis te nemen.
Vast staat dat de passagiers met een vertraging van meer dan drie uur op de eindbestemming zijn aangekomen. In beginsel moet de vervoerder dan compenseren. Dit is anders als de vervoerder kan aantonen dat de annulering het gevolg is geweest van buitengewone omstandigheden die ondanks het treffen van alle redelijke maatregelen niet voorkomen konden worden. Volgens vaste rechtspraak van het Hof is een omstandigheid buitengewoon als deze niet inherent is aan de bedrijfsactiviteit van de vervoerder en hij daar ook geen invloed op kan uitoefenen.[_1561679f-e0b7-42b7-9264-bb9b5a008c7f]
De vervoerder voert aan dat de vertraging van de vlucht te wijten was aan een IT-storing. Deze werd veroorzaakt door een verkeerde update van het Amerikaanse IT-bedrijf Crowdstrike. Er was op de dag van de vlucht met name een storing in het zogenaamde ‘crew tracking systeem’. Hierdoor kon de bemanning niet aan de vlucht gekoppeld kon worden. Dit leidde ertoe dat de vlucht met een vertraging van 5 uur en 58 minuten kon vertrekken en met een vertraging van 5 uur en 41 minuten op de eindbestemming is aangekomen. Ter onderbouwing heeft hij een vluchtrapport overgelegd en verwijst hij naar nieuwsberichten. De passagiers betwisten dit.
Naar het oordeel van de kantonrechter heeft de vervoerder met de door hem overgelegde stukken en zijn toelichting daarop voldoende concreet gesteld en onderbouwd dat de vertraging van de vlucht het gevolg was van de IT-storing in het ‘crew tracking systeem’. Er was sprake van een storing in een systeem dat niet beperkt bleef tot één vliegtuig en afkomstig was van een derde, in dit geval Crowdstrike. Daarom is dit niet een omstandigheid die inherent is aan de bedrijfsactiviteit van de vervoerder. Daarnaast heeft de vervoerder concreet gesteld en onderbouwd dat hij geen invloed kon uitoefenen op deze storing. Daarmee was de vertraging van de vlucht het gevolg van een buitengewone omstandigheid.
Resteert de vraag of de vervoerder alle redelijke maatregelen heeft getroffen om de vertraging te voorkomen en te beperken. De vervoerder stelt dat hij de storing niet kon voorkomen maar dat hij zo snel mogelijk heeft gewerkt aan het oplossen daarvan. Vervolgens is de vlucht zo snel mogelijk uitgevoerd.
Het verweer slaagt. Niet valt in te zien wat er in deze omstandigheden meer of anders van de vervoerder mocht worden verwacht. De passagiers hebben in dit verband ook niets concreets aangevoerd. Daarmee heeft hij alle redelijke maatregelen getroffen. De vorderingen van de passagiers zullen worden afgewezen.
De passagiers zullen in het ongelijk worden gesteld. Daarom zullen zij worden veroordeeld in de kosten van de procedure. Ook de nakosten komen voor rekening van de passagiers, voor zover deze kosten daadwerkelijk door de vervoerder worden gemaakt, te vermeerderen, als betekening plaatsvindt, met de kosten van betekening van dit vonnis.
5 De beslissing
De kantonrechter:
wijst de vordering af;
veroordeelt de passagiers tot betaling van de proceskosten, die tot en met vandaag voor de vervoerder worden vastgesteld op een bedrag van € 506,00 aan salaris van de gemachtigde van de vervoerder,en veroordeelt de passagiers tot betaling van € 126,50 aan nakosten voor zover deze kosten daadwerkelijk door de vervoerder worden gemaakt, te vermeerderen, als betekening plaatsvindt, met de kosten van betekening van dit vonnis;
verklaart dit vonnis – voor wat de proceskostenveroordeling betreft – uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. S.N. Schipper, kantonrechter, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van bovengenoemde datum in aanwezigheid van de griffier.
De griffier De kantonrechter
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.