Uitspraak · Verbintenissenrecht

Rechtbank Noord-Holland, 1 april 2026

ECLI:NL:RBNHO:2026:3496Zaaknummer 11546381 \ CV EXPL 25-1018

Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Datum uitspraak
1 april 2026
Publicatiedatum
9 juli 2026
Zaaknummer
11546381 \ CV EXPL 25-1018
Rechtsgebied
Civiel recht, Verbintenissenrecht
Procedure
Bodemzaak
Zittingsplaats
Haarlem
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Luchtvaart. AirHelp heeft namens een passagier compensatie van de vervoerder gevorderd voor een geannuleerde vlucht. De vervoerder voert aan dat de annulering het gevolg was van buitengewone omstandigheden, namelijk een IT-storing waardoor het personeel niet aan de vlucht gekoppeld kon worden. Het verweer van de vervoerder slaagt en de vordering van AirHelp wordt afgewezen.

5 De beslissing

De kantonrechter:

5.1.

wijst de vordering af;

5.2.

veroordeelt AirHelp tot betaling van de proceskosten, die tot en met vandaag voor de vervoerder worden vastgesteld op een bedrag van € 288,00 aan salaris van de gemachtigde van de vervoerder,en veroordeelt AirHelp tot betaling van € 72,00 aan nakosten voor zover deze kosten daadwerkelijk door de vervoerder worden gemaakt, te vermeerderen, indien betekening plaatsvindt, met de kosten van betekening van dit vonnis;

5.3.

verklaart dit vonnis – voor wat de proceskostenveroordeling betreft – uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. M.W. Koenis, kantonrechter, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van bovengenoemde datum in aanwezigheid van de griffier.

De griffier De kantonrechter

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 Het procesverloop
  2. 2 De feiten
  3. 3 Het geschil
  4. 4 De beoordeling
  5. 5 De beslissing

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Insolventie

locatie Haarlem

Zaaknr./rolnr.: 11546381 \ CV EXPL 25-1018

Uitspraakdatum: 1 april 2026

Vonnis van de kantonrechter in de zaak van:

de vennootschap naar het recht harer vestiging AirHelp Germany GmbH

gevestigd te Berlijn, Duisland

eiseres

hierna te noemen: AirHelp

gemachtigde: mr. D.E. Lof (Lof Legal Services)

tegen

de buitenlandse vennootschap Delta Airlines Inc.

gevestigd te Atlanta, Verenigde Staten

gedaagde

hierna te noemen: de vervoerder

gemachtigde: mr. M. Lustenhouwer (AKD N.V.)

De zaak in het kort

AirHelp heeft namens een passagier compensatie van de vervoerder gevorderd voor een geannuleerde vlucht. De vervoerder voert aan dat de annulering het gevolg was van buitengewone omstandigheden, namelijk een IT-storing waardoor het personeel niet aan de vlucht gekoppeld kon worden. Het verweer van de vervoerder slaagt en de vordering van AirHelp wordt afgewezen.

1 Het procesverloop

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding;

- de conclusie van antwoord;

- de conclusie van repliek;

- de conclusie van dupliek.

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 De feiten

2.1.

[betrokkene] (hierna: de passagier) heeft met de vervoerder een vervoersovereenkomst gesloten. Op grond daarvan moest de vervoerder hem op 21 juli 2024 vervoeren van Amsterdam-Schiphol Airport naar Boston, Verenigde Staten, met vlucht DL243 (hierna: de vlucht).

2.2.

De vervoerder heeft de vlucht geannuleerd.

2.3.

De passagier heeft zijn eventuele vorderingsrecht overgedragen aan AirHelp.

2.4.

AirHelp heeft daarom compensatie van de vervoerder gevorderd.

2.5.

De vervoerder heeft niet uitbetaald.

3 Het geschil

3.1.

AirHelp vordert dat de vervoerder, bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis, veroordeeld zal worden tot betaling van:- € 600,00, vermeerderd met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf de datum van de vlucht tot aan de dag der algehele voldoening;- € 90,00 aan buitengerechtelijke incassokosten;- de proceskosten, te vermeerderen met wettelijke rente.

3.2.

AirHelp baseert haar vordering op de Verordening (EG) nr. 261/2004 (hierna: de Verordening) en de rechtspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie (hierna: het Hof). AirHelp stelt dat de vervoerder haar vanwege de annulering van de vlucht de compensatie moet voldoen van € 600,-.[_548fa9b4-2366-4bc4-be24-570a49ebcba9]

3.3.

De vervoerder voert verweer. Hij voert aan dat de annulering het gevolg was van buitengewone omstandigheden. Deze konden ondanks het treffen van alle redelijke maatregelen niet voorkomen worden.[_125b6582-c97c-43ab-a2b4-6423f5373210]

4 De beoordeling

4.1.

De kantonrechter stelt ambtshalve vast dat hij bevoegd is om van de vordering kennis te nemen.

4.2.

Vast staat dat de vlucht is geannuleerd. In beginsel moet de vervoerder dan compenseren. Dit is anders als de vervoerder kan aantonen dat de annulering het gevolg is geweest van buitengewone omstandigheden die ondanks het treffen van alle redelijke maatregelen niet voorkomen konden worden. Volgens vaste rechtspraak van het Hof is een omstandigheid buitengewoon als deze niet inherent is aan de bedrijfsactiviteit van de vervoerder en hij daar ook geen invloed op kan uitoefenen.[_b94f7c75-8126-43a6-9761-5646a2ac062d]

4.3.

De vervoerder voert aan dat de annulering van de vlucht te wijten was aan een IT-storing. Deze werd veroorzaakt door een verkeerde update van het Amerikaanse IT-bedrijf Crowdstrike. Er was op de dag van de vlucht met name een storing in het zogenaamde ‘crew tracking systeem’. Hierdoor kon de bemanning niet aan de vlucht gekoppeld worden. Dit leidde ertoe dat de vlucht moest worden geannuleerd.

4.4.

AirHelp heeft dit niet betwist, zodat dit vast staat. Daarmee was de annulering het gevolg van buitengewone omstandigheden.

4.5.

Resteert de vraag of de vervoerder alle redelijke maatregelen heeft getroffen om de vertraging door de annulering te voorkomen en te beperken. De vervoerder stelt in dit verband dat hij de annulering niet kon voorkomen omdat deze het gevolg was van een externe storing. Wel heeft hij de passagier omgeboekt op de eerst beschikbare alternatieve vlucht naar de eindbestemming.

4.6.

AirHelp betwist dit. Zij voert aan dat de passagier niet is omgeboekt naar het eerste alternatief en daardoor met een vertraging van meer dan twee dagen op de eindbestemming is aangekomen.

4.7.

De vervoerder heeft daar tegenin gebracht dat door de storing het gehele luchtverkeer was ontregeld, waarbij vele passagiers wereldwijd waren gestrand. In deze periode heeft hij meer dan honderdduizend passagiers moeten omboeken. Daarbij is gebruikgemaakt van een geautomatiseerd systeem, waarin de huidige omboeking als snelst beschikbare optie naar voren is gekomen. Behalve de vervoerder zelf is er maar één andere luchtvaartmaatschappij die een directe vlucht tussen Boston en Amsterdam uitvoert. Een vlucht met overstap neemt al snel meer tijd in beslag, aldus de vervoerder.

4.8.

Het verweer van de vervoerder slaagt. De kantonrechter stelt voorop dat het Hof heeft geoordeeld dat het in beginsel geen redelijke maatregel is als een passagier (meer dan) een dag later dan gepland aankomt met een alternatieve vlucht die door de vervoerder zelf wordt uitgevoerd. In dat geval is het aan de vervoerder om te onderbouwen dat er geen andere mogelijkheid bestond voor een eerdere alternatieve vlucht die door hemzelf of door een andere luchtvaartmaatschappij werd uitgevoerd, of dat het organiseren daarvan voor hem een onaanvaardbaar offer zou zijn.[_ad153d8e-1e22-44a1-b9f5-cc2ef04e0b0f]

4.9.

In dit geval is de passagier met een vertraging van meer dan een dag op de eindbestemming aangekomen, waardoor de omboeking in beginsel geen redelijke maatregel is. Naar het oordeel van de kantonrechter heeft de vervoerder echter voldoende concreet gesteld en onderbouwd dat dit onder deze omstandigheden het snelst beschikbare alternatief was. AirHelp heeft dit onvoldoende gemotiveerd betwist. Het had op haar weg gelegen om (bijvoorbeeld) aan te voeren welke snellere alternatieven er voor de passagier beschikbaar waren. Daarmee heeft de vervoerder alle redelijke maatregelen getroffen. De vordering van AirHelp zal worden afgewezen.

4.10.

AirHelp zal in het ongelijk worden gesteld. Daarom zal zij worden veroordeeld in de kosten van de procedure. Ook de nakosten worden toegewezen, voor zover deze kosten daadwerkelijk door de vervoerder worden gemaakt, te vermeerderen, indien betekening plaatsvindt, met de kosten van betekening van dit vonnis.

5 De beslissing

De kantonrechter:

5.1.

wijst de vordering af;

5.2.

veroordeelt AirHelp tot betaling van de proceskosten, die tot en met vandaag voor de vervoerder worden vastgesteld op een bedrag van € 288,00 aan salaris van de gemachtigde van de vervoerder,en veroordeelt AirHelp tot betaling van € 72,00 aan nakosten voor zover deze kosten daadwerkelijk door de vervoerder worden gemaakt, te vermeerderen, indien betekening plaatsvindt, met de kosten van betekening van dit vonnis;

5.3.

verklaart dit vonnis – voor wat de proceskostenveroordeling betreft – uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. M.W. Koenis, kantonrechter, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van bovengenoemde datum in aanwezigheid van de griffier.

De griffier De kantonrechter

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.