Uitspraak · Belastingrecht

Rechtbank Noord-Holland, 29 januari 2026

ECLI:NL:RBNHO:2026:2558Zaaknummer AWB - 24 _ 6377

Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Datum uitspraak
29 januari 2026
Publicatiedatum
20 april 2026
Zaaknummer
AWB - 24 _ 6377
Rechtsgebied
Bestuursrecht, Belastingrecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats
Alkmaar
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Hersteluitspraak parkeerbelastingen.

De rechtbank:

₋ verklaart het beroep gegrond;

₋ vernietigt de uitspraak op bezwaar;

₋ vernietigt de naheffingsaanslag en bepaalt dat deze uitspraak in de plaats treedt van de vernietigde uitspraak op bezwaar;

₋ veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiser tot een bedrag van € 127,28;

₋ draagt verweerder op het betaalde griffierecht van € 51 aan eiser te vergoeden.

3. Rechtsoverweging 2 van de uitspraak komt als volgt te luiden:

2. De rechtbank veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiser en stelt deze kosten vast op € 127,28 voor verletkosten in verband met het bijwonen van de zitting. Tevens dient verweerder aan eiser het griffierecht van € 51 te vergoeden.

Deze hersteluitspraak is gedaan door mr. A.A. Fase, rechter, in aanwezigheid van

H. van Lingen, griffier.

griffier rechter

Een afschrift van deze hersteluitspraak is in Mijn Rechtspraak geplaatst. Indien u niet digitaal procedeert, is een afschrift per post verzonden op:

Rechtsmiddel

Tegen deze hersteluitspraak staat geen rechtsmiddel open.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. [eiser] , wonende te [woonplaats] , eiser
  2. Overwegingen
  3. Rechtsmiddel

Rechtbank noord-holland

Zittingsplaats Alkmaar

Bestuursrecht

zaaknummer: HAA 24/6377

uitspraak gedaan ter verbetering van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer van 29 januari 2026 in de zaak tussen

[eiser] , wonende te [woonplaats] , eiser

en

de heffingsambtenaar van de gemeente Hoorn, verweerder.

Overwegingen

1. De mondelinge behandeling van de hierboven genoemde zaak vond plaats op 29 januari 2026 te Alkmaar. Voorafgaand aan de zitting heeft eiser een formulier proceskosten ingediend en daarop vermeld een bedrag van € 127,28 aan verletkosten in verband met het bijwonen van de zitting. De rechtbank heeft ter zitting het onderzoek gesloten en onmiddellijk mondeling uitspraak gedaan. Later bleek dat in het proces-verbaal van de mondelinge uitspraak abusievelijk niet was vermeld dat eiser in aanmerking komt voor een proceskostenvergoeding. De mondelinge uitspraak dient daarom op de hierna volgende wijze worden hersteld.

2. De beslissing komt als volgt te luiden:

De rechtbank:

₋ verklaart het beroep gegrond;

₋ vernietigt de uitspraak op bezwaar;

₋ vernietigt de naheffingsaanslag en bepaalt dat deze uitspraak in de plaats treedt van de vernietigde uitspraak op bezwaar;

₋ veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiser tot een bedrag van € 127,28;

₋ draagt verweerder op het betaalde griffierecht van € 51 aan eiser te vergoeden.

3. Rechtsoverweging 2 van de uitspraak komt als volgt te luiden:

2. De rechtbank veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiser en stelt deze kosten vast op € 127,28 voor verletkosten in verband met het bijwonen van de zitting. Tevens dient verweerder aan eiser het griffierecht van € 51 te vergoeden.

Deze hersteluitspraak is gedaan door mr. A.A. Fase, rechter, in aanwezigheid van

H. van Lingen, griffier.

griffier rechter

Een afschrift van deze hersteluitspraak is in Mijn Rechtspraak geplaatst. Indien u niet digitaal procedeert, is een afschrift per post verzonden op:

Rechtsmiddel

Tegen deze hersteluitspraak staat geen rechtsmiddel open.

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.