Uitspraak · Civiel recht

Rechtbank Noord-Holland, 13 augustus 2025

ECLI:NL:RBNHO:2025:9733Zaaknummer C/15/366443 / KG ZA 25-392

Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Datum uitspraak
13 augustus 2025
Publicatiedatum
20 augustus 2025
Zaaknummer
C/15/366443 / KG ZA 25-392
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Kort geding
Zittingsplaats
Alkmaar
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Verstekvonnis. Het opvragen van stukken op grond van artikel 4:78 BW toegewezen. De vordering komt niet onrechtmatig of ongegrond voor.

3 De beslissing

De voorzieningenrechter

3.1.

veroordeelt [gedaagde] om op grond van artikel 4:78 BW de door [eiseressen] in randnummer 2.4 van de dagvaarding opgevraagde stukken aan [eiseressen] te verstrekken binnen veertien dagen na datum van dit vonnis, op straffe van een dwangsom van € 500,- per dag met een maximum van € 25.000,- voor ieder dagdeel of iedere dag dat [gedaagde] verzuimt geheel of gedeeltelijk aan het vonnis te voldoen,

3.2.

veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten van € 2.074,94, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met € 92,00 plus de kosten van betekening als [gedaagde] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,

3.3.

veroordeelt [gedaagde] tot betaling van de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over de proceskosten als deze niet binnen veertien dagen na aanschrijving zijn betaald,

3.4.

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad,

3.5.

wijst af het meer of anders gevorderde.

Dit vonnis is gewezen door mr. A.E. Merkus en in het openbaar uitgesproken op 13 augustus 2025.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 De procedure
  2. 2 De beoordeling
  3. 3 De beslissing

RECHTBANK Noord-Holland

Civiel recht

Zittingsplaats Alkmaar

Zaaknummer: C/15/366443 / KG ZA 25-392

Vonnis in kort geding van 13 augustus 2025

in de zaak van

1 [eiseres sub 1],

te [woonplaats] ,2. [eiseres sub 2],

te [woonplaats],

eisende partijen,

hierna samen te noemen: [eiseressen],

advocaat: mr. M.J.P. Schipper en mr. L. Bond,

tegen

[gedaagde],

te [woonplaats],

gedaagde partij,

hierna te noemen: [gedaagde],

niet verschenen.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding van 23 juni 2025 met producties 1 tot en met 5;

- de ontvangstbevestiging van Amtsgericht Borken van 30 juni 2025;

- het certificaat van aflevering van Amtsgericht Borken van 21 juli 2025;- de mondelinge behandeling van 6 augustus 2025, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt;- het tijdens de behandeling tegen [gedaagde] verleende verstek.

2 De beoordeling

2.1.

Het gevorderde komt de voorzieningenrechter niet onrechtmatig of ongegrond voor en ligt voor toewijzing gereed.

2.2.

[gedaagde] is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van [eiseressen] worden begroot op:

- kosten van de dagvaarding€144,47
- griffierecht€331,00
- salaris advocaat€715,00
- nakosten€178,00(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)
Totaal€2.074,94
2.3.

De gevorderde wettelijke rente over de proceskosten wordt toegewezen zoals vermeld in de beslissing.

3 De beslissing

De voorzieningenrechter

3.1.

veroordeelt [gedaagde] om op grond van artikel 4:78 BW de door [eiseressen] in randnummer 2.4 van de dagvaarding opgevraagde stukken aan [eiseressen] te verstrekken binnen veertien dagen na datum van dit vonnis, op straffe van een dwangsom van € 500,- per dag met een maximum van € 25.000,- voor ieder dagdeel of iedere dag dat [gedaagde] verzuimt geheel of gedeeltelijk aan het vonnis te voldoen,

3.2.

veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten van € 2.074,94, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met € 92,00 plus de kosten van betekening als [gedaagde] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,

3.3.

veroordeelt [gedaagde] tot betaling van de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over de proceskosten als deze niet binnen veertien dagen na aanschrijving zijn betaald,

3.4.

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad,

3.5.

wijst af het meer of anders gevorderde.

Dit vonnis is gewezen door mr. A.E. Merkus en in het openbaar uitgesproken op 13 augustus 2025.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.