Uitspraak · Verbintenissenrecht

Rechtbank Noord-Holland, 2 juli 2025

ECLI:NL:RBNHO:2025:7358Zaaknummer 11593818 \ CV FORM 25-1734

Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Datum uitspraak
2 juli 2025
Publicatiedatum
11 augustus 2025
Zaaknummer
11593818 \ CV FORM 25-1734
Rechtsgebied
Civiel recht, Verbintenissenrecht
Procedure
Beschikking
Zittingsplaats
Haarlem
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Luchtvaart. EPGV. De passagiers hebben compensatie van de vervoerder verzocht vanwege een vertraagde vlucht. De vervoerder betwist dat de passagiers een bevestigde boeking hadden voor de vlucht. Het verweer van de vervoerder slaagt en het verzoek van de passagiers wordt afgewezen.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 [verzoeker 1], wonende te [plaats 1]
  2. 2. [verzoeker 2]
  3. 3. [verzoeker 3]
  4. 1 Het procesverloop
  5. 2 De feiten
  6. 3 Het geschil
  7. 4 De beoordeling
  8. 5 De beslissingDe kantonrechter:

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Insolventie

locatie Haarlem

Zaaknr./rolnr.: 11593818 \ CV FORM 25-1734

Uitspraakdatum: 2 juli 2025

Beschikking van de kantonrechter in de zaak van:

1 [verzoeker 1], wonende te [plaats 1]

2. [verzoeker 2]

3. [verzoeker 3]

beiden wonende te [plaats 2]

verzoekende partijen

verder te noemen: de passagiers

gemachtigde: [gemachtigde] (ProBe-ASP B.V. handelende onder de naam Aviclaim)

tegen

de rechtspersoon naar buitenlands rechtEasyJet Europe Airline GmbH

gevestigd te Wenen, Oostenrijk

verwerende partij

verder te noemen: de vervoerder

gemachtigde: mr. B. Koolhaas (BK Legal)

1 Het procesverloop

Dit verloop blijkt uit:

  • het vorderingsformulier (formulier A);
  • het verweerschrift.

2 De feiten

2.1.

De passagiers hebben een vervoersovereenkomst gesloten.

2.2.

De passagiers hebben compensatie van de vervoerder verzocht.

2.3.

De vervoerder heeft geweigerd tot betaling over te gaan.

3 Het geschil

3.1.

De passagiers verzoeken de vervoerder te veroordelen tot betaling van:

- € 750,00, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 12 juli 2024 tot aan de dag der algehele voldoening; - € 112,50 aan buitengerechtelijke incassokosten;- de proceskosten.

3.2.

De passagiers baseren het verzoek op de Verordening (EG) nr. 261/2004 (hierna: de Verordening) en de rechtspraak van het Europese Hof van Justitie van de Europese Unie (hierna: het Hof). De passagiers stellen dat de vervoerder hen vanwege de vertraging van een vlucht moet compenseren met een bedrag van € 250,- per persoon.[_25857c09-f662-438e-8ef6-8867652ab284]

3.3.

De vervoerder voert verweer. Op het verzoek en het verweer zal nader worden ingegaan bij de beoordeling van het geschil

4 De beoordeling

4.1.

De kantonrechter stelt ambtshalve vast dat hij bevoegd is om van het verzoek kennis te nemen.

4.2.

De passagiers leggen aanvankelijk aan hun verzoek ten grondslag dat zij een bevestigde boeking hadden voor vlucht EC1754 van Londen naar Amsterdam. Verderop stellen zij echter aan dat zij een boeking hadden voor een vlucht van Nice naar Amsterdam, op 7 juli 2024. Zij stellen dat die laatste vlucht vertraagd is uitgevoerd.

4.3.

De vervoerder betwist het verzoek. Hij voert aan dat de passagiers geen bevestigde boeking hadden voor beide genoemde vluchten. Ook hebben de door de passagiers overgelegde boekingsbescheiden betrekking op (nog) een andere vlucht, aldus de vervoerder.

4.4.

Het verweer van de vervoerder slaagt. Omdat hij gemotiveerd heeft betwist dat de passagiers een bevestigde boeking hadden voor de beide door hen genoemde vluchten, kan het verzoek van de passagiers niet slagen. Daarbij merkt de kantonrechter op dat het vorderingsformulier zodanig rommelig is opgesteld dat niet duidelijk is welke feiten zij aan het verzoek ten grondslag leggen. Van de passagiers mag worden verwacht dat zij op heldere en duidelijke wijze procederen, zodanig dat de kantonrechter goed wordt voorgelicht en de zaak op de juiste manier kan beoordelen. Bovendien moet voor de vervoerder duidelijk zijn waartegen hij zich moet verweren. De passagiers hebben niet aan die voorwaarde voldaan. Daarom zal het verzoek van de passagiers worden afgewezen.

4.5.

De proceskosten komen voor rekening van de passagiers omdat zij ongelijk krijgen. Ook de nakosten komen voor rekening van de passagiers, voor zover deze kosten daadwerkelijk door de vervoerder worden gemaakt. De wettelijke rente over de proces- en nakosten is toewijsbaar met ingang van de datum gelegen 14 dagen na betekening van deze beschikking.

5 De beslissingDe kantonrechter:

5.1.

wijst het verzochte af;

5.2.

veroordeelt de passagiers tot betaling van de proceskosten die aan de kant van de vervoerder tot en met vandaag worden begroot op € 135,00 aan salaris gemachtigde, en veroordeelt de passagiers tot betaling van € 67,50 aan nakosten voor zover deze kosten daadwerkelijk door de vervoerder worden gemaakt; vermeerderd met de wettelijke rente over deze bedragen vanaf de datum gelegen 14 dagen na betekening van deze beschikking tot aan de dag van de algehele voldoening;

5.3.

verklaart deze beschikking, wat de proceskostenveroordeling betreft, uitvoerbaar bij voorraad.

Deze beschikking is gegeven door mr. M.W. Koenis, kantonrechter, en op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.

De griffier De kantonrechter

Tegen deze beschikking staat geen hoger beroep open

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.