Uitspraak · Verbintenissenrecht

Rechtbank Noord-Holland, 27 maart 2025

ECLI:NL:RBNHO:2025:3670Zaaknummer 11401609 \ CV EXPL 24-3069

Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Datum uitspraak
27 maart 2025
Publicatiedatum
28 mei 2025
Zaaknummer
11401609 \ CV EXPL 24-3069
Rechtsgebied
Civiel recht, Verbintenissenrecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats
Zaanstad
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

De gedaagde moet Q-park betalen omdat hij zonder te betalen een parkeergarage van Q-park heeft verlaten (zogenoemd treintje rijden).

5. De beslissing

De kantonrechter:

5.1.

veroordeelt [gedaagde] tot betaling aan Q-Park van € 453,81 te vermeerderen met de wettelijke rente over dat bedrag vanaf de datum van pleging tot aan de dag van de gehele betaling;

5.2.

veroordeelt [gedaagde] tot betaling aan Q-Park van € 68,07 te vermeerderen met de wettelijke rente over dat bedrag vanaf 4 november 2024 tot aan de dag van de gehele betaling;

5.3.

veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten van € 781,89, te vermeerderen met de kosten van betekening als [gedaagde] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend;

5.4.

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;

5.5.

wijst de vordering voor het overige af.

Dit vonnis is gewezen door mr. S. Slijkhuis en op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.

De griffier De kantonrechter

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 Het procesverloop
  2. 2 De vordering
  3. 3 Het verweer
  4. 4 De beoordeling

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Bewind

locatie Zaanstad

Zaaknr./rolnr.: 11401609 \ CV EXPL 24-3069

Uitspraakdatum: 27 maart 2025

Vonnis van de kantonrechter in de zaak van:

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Q-Park Operations Netherlands B.V.

gevestigd te Maastricht

eisende partij

verder te noemen: Q-Park

gemachtigde: mr. Ch.F.P.M. Spreksel

tegen

[gedaagde], in de hoedanigheid van voormalige vennoot van de ontbonden vennootschap onder firma [naam]

wonende te [plaats]

gedaagde partij

verder te noemen: [gedaagde]

in persoon procederend

1 Het procesverloop

1.1.

Q-Park heeft bij dagvaarding van 4 november 2024 een vordering tegen [gedaagde] ingesteld. [gedaagde] heeft mondeling geantwoord.

1.2.

Q-Park heeft hierop schriftelijk gereageerd. Hoewel daartoe in de gelegenheid gesteld, heeft [gedaagde] niet meer gereageerd.

2 De vordering

2.1.

Q-Park vordert dat de kantonrechter [gedaagde] veroordeelt tot betaling van € 521,88, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de datum van pleging. Daarnaast vordert Q-Park betaling van de proceskosten.

2.2.

Q-Park legt aan de vordering ten grondslag – kort weergegeven – dat [gedaagde] in strijd met de tussen partijen tot stand gekomen overeenkomst en algemene voorwaarden heeft gehandeld. [gedaagde] heeft direct achter een voorganger, althans zonder gebruikmaking van een geldig parkeerbewijs of -middel, de parkeeraccommodatie verlaten.

3 Het verweer

3.1.

[gedaagde] betwist de vordering (gedeeltelijk). Hij voert aan – samengevat – dat het klopt dat hij de garage middels ‘treintje rijden’ heeft verlaten. [gedaagde] was zijn parkeerkaart verloren. [gedaagde] heeft dit geprobeerd te melden maar de intercom deed het niet. Ook het invoeren van zijn kenteken in de parkeerautomaat lukte niet. [gedaagde] wil alleen het tarief van de verloren parkeerkaart betalen.

4 De beoordeling

4.1.

Naar aanleiding van het verweer van [gedaagde] heeft Q-Park de vordering verder onderbouwd. Daarbij is ook ingegaan op het verweer van [gedaagde].

4.2.

Nu uit die onderbouwing blijkt hoe de vordering van Q-Park is opgebouwd en [gedaagde] daarop niet meer heeft gereageerd en daar dus ook geen bezwaren tegen heeft aangevoerd, zal de kantonrechter de vordering van Q-Park toewijzen.

4.3.

De gevorderde rente over de buitengerechtelijke kosten is toewijsbaar, met dien verstande dat deze wordt toegewezen vanaf de datum van de dagvaarding, omdat Q-Park in elk geval vanaf die datum daarop aanspraak kan maken en gesteld noch gebleken is dat dit ook al vanaf een eerdere datum kon.

4.4.

[gedaagde] is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van Q-Park worden begroot op:

- dagvaarding€116,39;
- griffierecht€328,00;
- salaris gemachtigde€270,00;(2x € 135,00)
- nakosten€67,50(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)
Totaal€781,89

5. De beslissing

De kantonrechter:

5.1.

veroordeelt [gedaagde] tot betaling aan Q-Park van € 453,81 te vermeerderen met de wettelijke rente over dat bedrag vanaf de datum van pleging tot aan de dag van de gehele betaling;

5.2.

veroordeelt [gedaagde] tot betaling aan Q-Park van € 68,07 te vermeerderen met de wettelijke rente over dat bedrag vanaf 4 november 2024 tot aan de dag van de gehele betaling;

5.3.

veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten van € 781,89, te vermeerderen met de kosten van betekening als [gedaagde] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend;

5.4.

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;

5.5.

wijst de vordering voor het overige af.

Dit vonnis is gewezen door mr. S. Slijkhuis en op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.

De griffier De kantonrechter

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.