Uitspraak · Verbintenissenrecht

Rechtbank Noord-Holland, 10 december 2025

ECLI:NL:RBNHO:2025:16002Zaaknummer 11349880

Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Datum uitspraak
10 december 2025
Publicatiedatum
24 juli 2026
Zaaknummer
11349880
Rechtsgebied
Civiel recht, Verbintenissenrecht
Procedure
Bodemzaak
Zittingsplaats
Haarlem
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Meer dan 24 uur vertraging. Hoewel de vervoerder de enige luchtvaartmaatschappij is die directe vluchten tussen de bestemmingen uitvoert, is niet gebleken dat er geen snellere indirecte opties beschikbaar waren.

5. De beslissing

De kantonrechter:

5.1.

veroordeelt de vervoerder tot betaling aan de passagiers van € 1.800,00, te vermeerderen met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 24 juli 2023 tot de dag van de gehele betaling;

5.2.

veroordeelt de vervoerder in de proceskosten van € 893,97, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als de vervoerder niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend;

5.3.

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;

5.4.

wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. J.J. Dijk, kantonrechter en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van bovengenoemde datum in aanwezigheid van de griffier.

De griffier De kantonrechter

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 Het procesverloop
  2. 2 Feiten
  3. 3 Het geschil
  4. 4 De beoordeling

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Insolventie

locatie Haarlem

Zaaknr./rolnr.: 11349880 \ CV EXPL 24-7232

Uitspraakdatum: 10 december 2025

Vonnis van de kantonrechter in de zaak van:

1 [eiser 1],

2. [eiser 2],beiden pro se en in hoedanigheid van wettelijk vertegenwoordiger voor hun minderjarige kind 3. [minderjarige],allen wonende te [plaats],

eisers

hierna gezamenlijk te noemen: de passagiers

gemachtigde: Yource B.V.

tegen

de rechtspersoon naar buitenlands recht

Swiss International Air Lines Swiss International Air Lines AG International Air Lines SA International Air Lines Ltd

gevestigd te Zwitserland

gedaagde

hierna te noemen: de vervoerder

gemachtigde: mr. J. Nooij en mr. N. van der Graaf

1 Het procesverloop

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding:

- de conclusie van antwoord;

- de conclusie van repliek;

- de conclusie van dupliek.

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 Feiten

2.1.

De passagiers hebben met de vervoerder een vervoersovereenkomst gesloten. Op grond daarvan moest de vervoerder hen op 24 juli 2023 vervoeren van Amsterdam via Zürich (Zwitserland) naar Johannesburg (Zuid-Afrika).

2.2.

Vlucht LX735 van Amsterdam naar Zürich (hierna: de vlucht) is vertraagd uitgevoerd. De passagiers hebben hun aansluitende vlucht LX282 naar Johannesburg gemist.

2.3.

De passagiers zijn omgeboekt naar vlucht LX282 van 26 juli 2023, waarmee zij 48 uur later op hun eindbestemming zijn gearriveerd.

2.4.

De passagiers hebben compensatie van de vervoerder gevorderd.

2.5.

De vervoerder heeft niet uitbetaald.

3 Het geschil

3.1.

De passagiers vorderen dat de vervoerder, bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis, veroordeeld zal worden tot betaling van:- € 1.800,00, te vermeerderen met de wettelijke rente; - € 326,70 aan buitengerechtelijke incassokosten, te vermeerderen met wettelijke rente;- de proceskosten en de nakosten.

3.2.

De passagiers baseren hun vordering op de Verordening (EG) nr. 261/2004 (hierna: de Verordening) en de rechtspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie (hierna: het Hof). De passagiers stellen dat de vervoerder hen vanwege de vertraging van de vlucht moet compenseren met een bedrag van € 600,00 per passagier (artikel 7 van de Verordening).

3.3.

De vervoerder betwist de vordering. Op zijn verweer wordt bij de beoordeling van het geschil ingegaan.

4 De beoordeling

4.1.

De kantonrechter stelt ambtshalve vast dat hij bevoegd is om van de vordering kennis te nemen.

4.2.

De vervoerder heeft een beroep op buitengewone omstandigheden gedaan. De kantonrechter overweegt dat wat daar ook van zij, niet is gebleken dat de vervoerder alle redelijke maatregelen heeft genomen om de vertraging op de eindbestemming te voorkomen dan wel te beperken. Het is vaste rechtspraak dat indien passagiers met een door de vervoerder zelf uitgevoerde alternatieve vlucht de dag[_48d7c15b-78bd-4a63-a8f2-f6696ef5d20a] na de oorspronkelijk vastgestelde dag aankomen, dit in beginsel geen redelijke maatregel vormt.[_63ad29ca-3973-43ac-a800-a25c2def40c9]

4.3.

De passagiers zijn met 48 uur vertraging aangekomen in Johannesburg. Het is in een dergelijk geval aan de vervoerder om voldoende aannemelijk te maken dat er geen enkele andere mogelijkheid voor een rechtstreekse of indirecte alternatieve vlucht bestond met een door hemzelf of door een andere luchtvaartmaatschappij uitgevoerde vlucht die op een minder laat tijdstip aankwam dan de aangeboden vlucht. De kantonrechter is van oordeel dat de vervoerder daarin niet is geslaagd. De vervoerder heeft slechts toegelicht dat hij de enige luchtvaartmaatschappij is die rechtstreekse vluchten tussen Zürich en Johannesburg uitvoert, maar daaruit volgt nog niet dat er geen snellere indirecte opties beschikbaar waren. De stelling van de vervoerder dat uit de PNR volgt dat er zowel uit de geautomatiseerde als handmatige zoektocht geen beschikbare alternatieven naar voren zijn gekomen, is evenmin voldoende. Ook daaruit blijkt immers niet dat de vervoerder daadwerkelijk onderzoek heeft gedaan naar indirecte alternatieven bij andere vervoerders. Zodoende heeft de vervoerder naar het oordeel van de kantonrechter niet aannemelijk gemaakt dat de alternatief aangeboden vlucht een redelijke maatregel vormt in de zin van bovengenoemd arrest.

4.4.

Het voorgaande betekent dat ook indien op enig moment vast zou komen vast te staan dat sprake was van een buitengewone omstandigheid, de vervoerder gehouden is de compensatie te betalen in verband met de vertraging op de eindbestemming. De vordering tot betaling van de hoofdsom zal dan ook worden toegewezen. De wettelijke rente wordt toegewezen zoals gevorderd.

4.5.

De passagiers hebben een bedrag aan buitengerechtelijke incassokosten gevorderd. De vordering heeft geen betrekking op één van de situaties waarin het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten van toepassing is. Daarom moet de kantonrechter de vraag of buitengerechtelijke incassokosten verschuldigd zijn, toetsen aan het rapport Voorwerk II. De passagiers hebben onvoldoende aannemelijk gemaakt dat de verrichte werkzaamheden meer hebben omvat dan de verzending van een enkele (eventueel herhaalde) aanmaning, het enkel doen van een schikkingsvoorstel, het inwinnen van eenvoudige inlichtingen of het op gebruikelijke wijze samenstellen van het dossier. De vordering tot vergoeding van buitengerechtelijke kosten (en de daarover gevorderde rente) moet daarom worden afgewezen.

4.6.

De vervoerder is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van de passagiers worden begroot op:

- kosten van de dagvaarding€135,97
- griffierecht€248,00
- salaris gemachtigde€408,00(2 punten × € 204,00)
- nakosten€102,00(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)
Totaal€893,97

5. De beslissing

De kantonrechter:

5.1.

veroordeelt de vervoerder tot betaling aan de passagiers van € 1.800,00, te vermeerderen met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 24 juli 2023 tot de dag van de gehele betaling;

5.2.

veroordeelt de vervoerder in de proceskosten van € 893,97, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als de vervoerder niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend;

5.3.

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;

5.4.

wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. J.J. Dijk, kantonrechter en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van bovengenoemde datum in aanwezigheid van de griffier.

De griffier De kantonrechter

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.