Uitspraak · Verbintenissenrecht
Rechtbank Noord-Holland, 19 november 2025
ECLI:NL:RBNHO:2025:13940Zaaknummer 11789547
- Instantie
- Rechtbank Noord-Holland
- Datum uitspraak
- 19 november 2025
- Publicatiedatum
- 10 maart 2026
- Zaaknummer
- 11789547
- Rechtsgebied
- Civiel recht, Verbintenissenrecht
- Procedure
- Beschikking
- Zittingsplaats
- Haarlem
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Luchtvaart; EPGV; tegenstrijdig verweer; verzoek toegewezen
5 De beslissing
De kantonrechter:
veroordeelt de vervoerder tot betaling aan de passagier van € 290,00, te vermeerderen met de wettelijke rente over € 250,00 vanaf 17 september 2023 tot aan de dag van de algehele voldoening;
veroordeelt de vervoerder tot betaling van de proceskosten die aan de kant van de passagier tot en met vandaag worden begroot op € 90,00 aan griffierecht en € 82,00 aan salaris gemachtigde;
veroordeelt de vervoerder tot betaling van € 41,00 aan nakosten voor zover deze kosten daadwerkelijk door de passagier worden gemaakt.
Deze beschikking is gegeven door mr. S.N. Schipper, kantonrechter, en op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.
De griffier De kantonrechter
Tegen deze beschikking staat geen hoger beroep open
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Handel, Kanton en Insolventie
locatie Haarlem
Zaaknr./rolnr.: 11789547 \ CV FORM 25-4578
Uitspraakdatum: 19 november 2025
Beschikking van de kantonrechter in de zaak van:
[verzoeker] wonende te [plaats]
verzoekende partij
verder te noemen: de passagier
gemachtigde: [gemachtigde] (ProBe-ASP B.V., handelend onder de naam Aviclaim)
tegen
de vennootschap naar buitenlands recht
EasyJet Europe Airline GmbH
gevestigd te Wenen (Oostenrijk)
verwerende partij
verder te noemen: de vervoerder
gemachtigde: mr. B. Koolhaas (BK Legal)
1 Het procesverloop
Dit verloop blijkt uit:
- het vorderingsformulier (formulier A);
- het verweerschrift.
2 De feiten
De passagier heeft een vervoersovereenkomst gesloten op grond waarvan de vervoerder hem op 17 september 2023 moest vervoeren van Gatwick Airport (Verenigd Koninkrijk) naar Amsterdam-Schiphol Airport, met vlucht EJU8676 (hierna: de vlucht).
De vervoerder heeft de vlucht geannuleerd.
De passagier heeft daarom compensatie van de vervoerder verzocht.
De vervoerder heeft niet uitbetaald.
3 Het geschil
De passagier verzoekt de vervoerder te veroordelen tot betaling van:
- € 250,00, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 17 september 2023 tot aan de dag der algehele voldoening; - € 40,00 aan buitengerechtelijke incassokosten;- de proceskosten.
De passagier baseert zijn verzoek op de Verordening (EG) nr. 261/2004 (hierna: de Verordening) en de rechtspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie (hierna: het Hof). De passagier stelt dat de vervoerder hem vanwege de annulering van de vlucht moet compenseren met een bedrag van € 250,00.[_36e02e13-b32a-4a88-ab38-efc9ac3f83fc]
De vervoerder voert verweer. Op zijn verweer wordt ingegaan bij de beoordeling.
4 De beoordeling
De kantonrechter stelt ambtshalve vast dat hij bevoegd is om van het verzoek kennis te nemen.
Omdat vast staat dat de vlucht is geannuleerd, geldt in beginsel een compensatieplicht voor de vervoerder. Dit is anders als hij kan aantonen dat de annulering van de vlucht het gevolg is geweest van buitengewone omstandigheden, die ondanks het treffen van alle redelijke maatregelen niet voorkomen konden worden.[_66e9de4f-873a-4a3f-86c4-0eeaed8fb50e]
De vervoerder heeft een beroep gedaan op buitengewone omstandigheden. Hij stelt in dit verband dat de vlucht is geannuleerd omdat er op de dag van vertrek sprake was van slechte weersomstandigheden boven Londen. Deze omstandigheden leidden tot een beperkte doorstroming op Gatwick Airport. Er is daarom besloten om de frequentie van het aantal landingen en vertrekken vanaf de middag te verminderen, aldus de vervoerder. Ter onderbouwing heeft hij onder meer een overzicht van opgelegde restricties voor de UK overgelegd.
Het verweer van de vervoerder slaagt niet. De stelling van de vervoerder dat hij ervoor heeft gezorgd dat luchthavens met een avondklok op basis van de aangepaste doorstroming toch tijdig werden bereikt, kan de kantonrechter niet volgen. Hij stelt namelijk verderop in zijn verweer dat het niet gepast was om met vertraging te vliegen omdat hij de avondklok zou overtreden. De vervoerder heeft dan ook onvoldoende onderbouwd waarom hij specifiek de vlucht heeft geannuleerd. Daarom kan niet worden geoordeeld dat de annulering van de vlucht het onvermijdelijke gevolg is geweest van buitengewone omstandigheden. De bespreking van alle redelijke maatregelen kan gelet op het voorgaande achterwege blijven. Het verzoek tot betaling van de hoofdsom zal daarom worden toegewezen. De daarover verzochte wettelijke rente is als anderszins onbetwist eveneens toewijsbaar.
De passagier heeft een bedrag aan buitengerechtelijke incassokosten verzocht. De vervoerder heeft dit verzoek (gemotiveerd) betwist. Het verzoek heeft geen betrekking op één van de situaties waarin het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten (hierna: het Besluit) van toepassing is. Daarom zal de kantonrechter de vraag of deze kosten verschuldigd zijn toetsen aan de eisen zoals deze zijn geformuleerd in het rapport Voorwerk II. Voldoende aannemelijk is gemaakt dat de passagier buitengerechtelijke werkzaamheden heeft laten verrichten en dat hiervoor kosten zijn gemaakt. De omvang van de buitengerechtelijke incassokosten moet worden getoetst aan de tarieven zoals vervat in het Besluit in plaats van aan de tarieven van het rapport Voorwerk II, omdat de tarieven neergelegd in voornoemd Besluit worden geacht redelijk te zijn. Het verzochte bedrag is niet hoger dan het volgens het Besluit berekende tarief. De verzochte buitengerechtelijke incassokosten zullen daarom worden toegewezen.
De proceskosten komen voor rekening van de vervoerder omdat hij ongelijk krijgt. Ook de nakosten worden toegewezen, voor zover de passagier daadwerkelijk nakosten zal maken.
Op verzoek van de passagier zal een certificaat aan deze beschikking worden gehecht.[_a6e89d41-fef5-49b0-b3b4-62e1d3e42770]
5 De beslissing
De kantonrechter:
veroordeelt de vervoerder tot betaling aan de passagier van € 290,00, te vermeerderen met de wettelijke rente over € 250,00 vanaf 17 september 2023 tot aan de dag van de algehele voldoening;
veroordeelt de vervoerder tot betaling van de proceskosten die aan de kant van de passagier tot en met vandaag worden begroot op € 90,00 aan griffierecht en € 82,00 aan salaris gemachtigde;
veroordeelt de vervoerder tot betaling van € 41,00 aan nakosten voor zover deze kosten daadwerkelijk door de passagier worden gemaakt.
Deze beschikking is gegeven door mr. S.N. Schipper, kantonrechter, en op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.
De griffier De kantonrechter
Tegen deze beschikking staat geen hoger beroep open
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.