Uitspraak · Verbintenissenrecht

Rechtbank Noord-Holland, 19 juni 2024

ECLI:NL:RBNHO:2024:6262Zaaknummer 10604686 CV EXPL 23-3067

Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Datum uitspraak
19 juni 2024
Publicatiedatum
1 juli 2024
Zaaknummer
10604686 CV EXPL 23-3067
Rechtsgebied
Civiel recht, Verbintenissenrecht
Procedure
Verstek
Zittingsplaats
Alkmaar
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Eindvonnis na akte. Ambtshalve toetsing Productvoorwaarden NS Flex geldig vanaf mei 2021.

3 De beslissing

De kantonrechter:

3.1.

veroordeelt de gedaagde partij tot betaling aan de eisende partij van € 71,68, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 21 juni 2023 tot aan de dag van volledige betaling;

3.2.

veroordeelt de gedaagde partij tot betaling van de proceskosten, die de kantonrechter aan de kant van de eisende partij tot en met vandaag vaststelt op:

dagvaarding € 107,84

griffierecht € 128,00

salaris gemachtigde € 40,00;

3.3.

verklaart de veroordeling(en) in dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;

3.4.

wijst de vordering voor het overige af.

Dit vonnis is gewezen door mr. W.S.J. Thijs en op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.

De griffier De kantonrechter

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 Het verdere procesverloop
  2. 2 De verdere beoordeling
  3. 3 De beslissing

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Bewind

locatie Alkmaar

Zaaknr./rolnr.: 10604686 CV EXPL 23-3067

Uitspraakdatum: 19 juni 2024

Verstekvonnis van de kantonrechter in de zaak van:

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

NS Reizigers B.V.

gevestigd te Utrecht

de eisende partij

gemachtigde: LAVG B.V.

tegen

[gedaagde]

wonende te [plaats]

de gedaagde partij

niet verschenen

1 Het verdere procesverloop

1.1.

Bij tussenvonnis van 6 maart 2024 (hierna: het tussenvonnis) heeft de kantonrechter de eisende partij in de gelegenheid gesteld om zich uit te laten over de (on)eerlijkheid van het beding in de toepasselijke algemene voorwaarden dat ziet op correctietarieven[_968dfdcd-759e-420d-877c-32876389d09c]. De eisende partij heeft bij akte van 1 mei 2024 haar vordering verminderd met de correctietarieven (ter hoogte van € 20,00).

2 De verdere beoordeling

2.1.

De kantonrechter blijft bij wat in het tussenvonnis is overwogen en beslist. Er bestaat geen aanleiding om daarop terug te komen.

2.2.

De conclusie is dat de kantonrechter de vordering van de eisende partij grotendeels zal toewijzen. De wettelijke rente zal worden toegewezen zoals gevorderd.

2.3.

De gedaagde partij wordt overwegend in het ongelijk gesteld en zal daarom worden veroordeeld in de proceskosten. De kosten voor het nemen van de akte blijven voor de eisende partij omdat het aan haar te wijten was dat het nodig was om deze te nemen.

3 De beslissing

De kantonrechter:

3.1.

veroordeelt de gedaagde partij tot betaling aan de eisende partij van € 71,68, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 21 juni 2023 tot aan de dag van volledige betaling;

3.2.

veroordeelt de gedaagde partij tot betaling van de proceskosten, die de kantonrechter aan de kant van de eisende partij tot en met vandaag vaststelt op:

dagvaarding € 107,84

griffierecht € 128,00

salaris gemachtigde € 40,00;

3.3.

verklaart de veroordeling(en) in dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;

3.4.

wijst de vordering voor het overige af.

Dit vonnis is gewezen door mr. W.S.J. Thijs en op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.

De griffier De kantonrechter

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.