Uitspraak · Verbintenissenrecht

Rechtbank Noord-Holland, 2 oktober 2024

ECLI:NL:RBNHO:2024:10730Zaaknummer 10636596 \ CV EXPL 23-4952

Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Datum uitspraak
2 oktober 2024
Publicatiedatum
14 november 2024
Zaaknummer
10636596 \ CV EXPL 23-4952
Rechtsgebied
Civiel recht, Verbintenissenrecht
Procedure
Bodemzaak
Zittingsplaats
Haarlem
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Luchtvaart: Er is geen vluchtrapport overgelegd. Het valt niet uit te sluiten dat de duur van de reactionary delay tijdens de voorbereiding/uitvoering van de vlucht is teruggelopen, terwijl de vertraging wegens andere oorzaken is opgelopen.

5 De beslissing

De kantonrechter:

5.1.

veroordeelt de vervoerder tot betaling aan Airhelp van € 800,00, te vermeerderen met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 14 augustus 2022 tot aan de dag der algehele voldoening;

5.2.

veroordeelt de vervoerder tot betaling van de proceskosten die aan de kant van Airhelp tot en met vandaag worden begroot op de bedragen zoals deze hieronder zijn gespecificeerd:

dagvaarding € 129,14;griffierecht € 322,00;salaris gemachtigde € 270,00;

vermeerderd met de wettelijke rente over deze bedragen vanaf de datum gelegen 14 dagen na betekening van dit vonnis;

5.3.

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. S.N. Schipper, kantonrechter en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van bovengenoemde datum in aanwezigheid van de griffier.

De griffier De kantonrechter

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 Het procesverloop
  2. 2 De feiten
  3. 3 Het geschil
  4. 4 De beoordeling
  5. 5 De beslissing

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Insolventie

locatie Haarlem

Zaaknr./rolnr.: 10636596 \ CV EXPL 23-4952

Uitspraakdatum: 2 oktober 2024

Vonnis van de kantonrechter in de zaak van:

de rechtspersoon naar buitenlands recht

AirHelp Germany GmbH

gevestigd te Berlijn (Duitsland)

eiseres

hierna te noemen: Airhelp

gemachtigde: mr. D.E. Lof

tegen

de commanditaire vennootschap

Transavia Airlines C.V.

gevestigd te Schiphol

gedaagde

hierna te noemen: de vervoerder

gemachtigde: mr. L. Kloot

1 Het procesverloop

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding:

- de conclusie van antwoord;

- de conclusie van repliek;

- de conclusie van dupliek.

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 De feiten

2.1.

[betrokkene 1] en [betrokkene 2] (hierna: de passagiers) hebben met KLM een vervoersovereenkomst gesloten. Op grond daarvan moest de vervoerder hen op 14 augustus 2022 vervoeren van Ljubljana (Slovenië) via Amsterdam naar Edinburgh (Verenigd Koninkrijk).

2.2.

Vlucht HV6820 (codeshare KL2741) van Ljubljana naar Amsterdam (hierna: de vlucht) is vertraagd uitgevoerd. De passagiers hebben hun aansluitende vlucht naar Edinburgh gemist. KLM heeft de passagiers vervolgens omgeboekt naar de KL1277 van 15 augustus 2022.

2.3.

De passagiers hebben hun eventuele vorderingsrecht aan Airhelp overgedragen.

2.4.

Airhelp heeft daarom compensatie van de vervoerder gevorderd.

2.5.

De vervoerder heeft niet uitbetaald.

3 Het geschil

3.1.

Airhelp vordert dat de vervoerder, bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis, veroordeeld zal worden tot betaling van:- € 800,00, te vermeerderen met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf de vluchtdatum tot aan de dag der algehele voldoening;- de proceskosten, te vermeerderen met wettelijke rente.

3.2.

Airhelp baseert haar vordering op de Verordening (EG) nr. 261/2004 (hierna: de Verordening) en de rechtspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie (hierna: het Hof). Airhelp stelt dat de vervoerder vanwege de vertraging van de vlucht moet compenseren met een bedrag van € 400,- per passagier (artikel 7 van de Verordening).

3.3.

De vervoerder betwist de vordering. Op zijn verweer wordt bij de beoordeling van het geschil ingegaan.

4 De beoordeling

4.1.

De kantonrechter stelt ambtshalve vast dat hij bevoegd is om van de vordering kennis te nemen.

4.2.

De vervoerder heeft aangevoerd dat de vertraging van vlucht HV6820 te wijten is aan de vertraging van de voorafgaande vlucht, de HV6819. Deze vlucht is met een vertraging van 58 minuten aangekomen te Ljubljana. Die vertraging is geheel te wijten aan slotberichten van de luchtverkeersleiding, aldus de vervoerder.

4.3.

De kantonrechter overweegt dat wat daar ook van zij, niet is gebleken in hoeverre deze vertraging doorwerkt naar de vlucht in kwestie. Airhelp heeft terecht opgemerkt dat de vervoerder geen vluchtrapport van de vlucht in kwestie heeft overgelegd, waarin met IATA code(s) wordt weergegeven wat de oorzaak(en) was/waren van de vertraging. Ook indien vast zou komen te staan dat de vertraging van vlucht HV6819 volledig te wijten is aan buitengewone omstandigheden, valt niet uit te sluiten dat de duur van de reactionary delay tijdens de voorbereiding/uitvoering van de vlucht is teruggelopen, terwijl de vertraging wegens andere oorzaken is opgelopen. De kantonrechter kan daardoor ook niet vaststellen welke vertragingsduur er resteert wanneer de vertraging die valt toe te rekenen aan buitengewone omstandigheden wordt afgetrokken van de totale duur van de aankomstvertraging, en of de passagiers hun aansluitende vlucht ook zouden hebben gemist indien de buitengewone omstandigheden zich niet hadden voorgedaan. Het is dan ook niet gebleken dat de vertraging op de eindbestemming te wijten is aan (de doorwerking van) buitengewone omstandigheden.

4.4.

De kantonrechter komt niet toe aan de beantwoording van de vraag of de vervoerder voldoende redelijke maatregelen heeft genomen om de vertraging te voorkomen dan wel te beperken. De vordering tot betaling van de hoofdsom zal, gelet op de duur van de vertraging op de eindbestemming, worden toegewezen.

4.5.

De proceskosten komen voor rekening van de vervoerder, omdat deze ongelijk krijgt. De gevorderde rente is toewijsbaar met ingang van de datum gelegen 14 dagen na betekening van dit vonnis.

5 De beslissing

De kantonrechter:

5.1.

veroordeelt de vervoerder tot betaling aan Airhelp van € 800,00, te vermeerderen met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 14 augustus 2022 tot aan de dag der algehele voldoening;

5.2.

veroordeelt de vervoerder tot betaling van de proceskosten die aan de kant van Airhelp tot en met vandaag worden begroot op de bedragen zoals deze hieronder zijn gespecificeerd:

dagvaarding € 129,14;griffierecht € 322,00;salaris gemachtigde € 270,00;

vermeerderd met de wettelijke rente over deze bedragen vanaf de datum gelegen 14 dagen na betekening van dit vonnis;

5.3.

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. S.N. Schipper, kantonrechter en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van bovengenoemde datum in aanwezigheid van de griffier.

De griffier De kantonrechter

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.