Uitspraak · Civiel recht
Rechtbank Noord-Holland, 8 juli 2015
ECLI:NL:RBNHO:2015:7856Zaaknummer C/15/228816 / HA RK 15/109
- Instantie
- Rechtbank Noord-Holland
- Datum uitspraak
- 8 juli 2015
- Publicatiedatum
- 16 september 2015
- Zaaknummer
- C/15/228816 / HA RK 15/109
- Rechtsgebied
- Civiel recht
- Procedure
- Wraking
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Wrakingsverzoek afgewezen. De kantonrechter heeft in de wraking berust en de zaak overgedragen aan een andere rechter. Verzoeker heeft geen belang meer bij het wrakingsverzoek.
De rechtbank:
wijst het verzoek tot wraking van de kantonrechter af;
beveelt de griffier onverwijld aan verzoeker in de wrakingszaak, de kantonrechter en de verzoekers en de rechthebbende in de hoofdzaak een voor eensluidend gewaarmerkt afschrift van deze beslissing toe te zenden;
beveelt dat het proces in de hoofdzaak wordt voortgezet in de stand waarin het zich bevond ten tijde van het indienen van het verzoek.
Deze beslissing is gegeven door mr. W.J. van Andel, voorzitter, mr. C.E. van Oosten-van Smaalen en mr. A.C. Terwiel-Kuneman, leden van de wrakingskamer, in tegenwoordigheid van mr. H.W.A. Huijzer, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 8 juli 2015.
griffier voorzitter
Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
beslissing
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Wrakingskamer
zaaknummer / rekestnummer: C/15/228816 / HA RK 15/109
Beslissing van 8 juli 2015
Op het verzoek tot wraking ingediend door:
F.C. Flury,
wonende te Amsterdam,
verzoeker.
Het verzoek is gericht tegen:
mr. T.S. Pieters,
hierna te noemen: de kantonrechter.
1 Procesverloop
Verzoeker heeft op 30 juni 2015 schriftelijk de wraking verzocht van de kantonrechter in de bij deze rechtbank, afdeling privaatrecht, sectie kanton, locatie Haarlem aanhangige zaak met als zaaknummer 3951830, hierna te noemen: de hoofdzaak.
Het verzoek is, gelijktijdig met het wrakingsverzoek gericht tegen mr. H.A.M. Röell-Mulder met zaaknummer C/15/228589, behandeld ter openbare zitting van de wrakingskamer van 2 juli 2015. Verzoeker is verschenen.
2 De beoordeling
De kantonrechter heeft in de wraking berust en de zaak is overgedragen aan mr. H.A.M. Röell-Mulder. Nu als gevolg daarvan het belang van verzoeker bij het wrakingsverzoek ontbreekt, zal het verzoek worden afgewezen.
3 Beslissing
De rechtbank:
wijst het verzoek tot wraking van de kantonrechter af;
beveelt de griffier onverwijld aan verzoeker in de wrakingszaak, de kantonrechter en de verzoekers en de rechthebbende in de hoofdzaak een voor eensluidend gewaarmerkt afschrift van deze beslissing toe te zenden;
beveelt dat het proces in de hoofdzaak wordt voortgezet in de stand waarin het zich bevond ten tijde van het indienen van het verzoek.
Deze beslissing is gegeven door mr. W.J. van Andel, voorzitter, mr. C.E. van Oosten-van Smaalen en mr. A.C. Terwiel-Kuneman, leden van de wrakingskamer, in tegenwoordigheid van mr. H.W.A. Huijzer, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 8 juli 2015.
griffier voorzitter
Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.