Uitspraak · Bestuursprocesrecht

Rechtbank Midden-Nederland, 20 februari 2026

ECLI:NL:RBMNE:2026:942Zaaknummer UTR 25/4959

Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak
20 februari 2026
Publicatiedatum
16 maart 2026
Zaaknummer
UTR 25/4959
Rechtsgebied
Bestuursrecht, Bestuursprocesrecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats
Utrecht
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Rechtbank onbevoegd, verweerder is geen bestuursorgaan.

Beslissing

De rechtbank verklaart zich onbevoegd.

Deze uitspraak is gedaan door mr. G. Schnitzler, rechter, in aanwezigheid van L. El Kabch, griffier. De uitspraak is uitgesproken in het openbaar op 20 februari 2026.

De griffier is buiten staatte ondertekenen

griffierrechter

Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Bent u het niet eens met deze uitspraak? Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven. Als u graag een zitting wilt waarin u uw verzetschrift kunt toelichten, kunt u dit in uw verzetschrift vermelden.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 a
  2. Klachtencommissie Jeugd Midden-Nederland, verweerder.
  3. Procesverloop
  4. Overwegingen
  5. Beslissing

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Zittingsplaats Utrecht

Bestuursrecht

zaaknummer: UTR 25/4959

1 a

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 20 februari 2026 in de zaak tussen

[eiseres] te [plaats], eiseres,

en

Klachtencommissie Jeugd Midden-Nederland, verweerder.

Procesverloop

Deze uitspraak gaat over het beroep van eiseres tegen de brief van verweerder van 16 juli 2025.

Overwegingen

1. Omdat de rechtbank kennelijk onbevoegd is, doet de rechtbank op grond van artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) uitspraak zonder zitting.

2. Artikel 8:1 van de Awb bepaalt dat een belanghebbende tegen een besluit beroep kan instellen bij de bestuursrechter. Artikel 1:3, eerste lid, van de Awb bepaalt dat onder een besluit wordt verstaan: een schriftelijke beslissing van een bestuursorgaan, inhoudende een publiekrechtelijke rechtshandeling. Een rechtshandeling is een handeling die op rechtsgevolg is gericht.

3. De rechtbank is van oordeel dat de brief van verweerder geen besluit is in de zin van artikel 1:3 van de Awb, omdat verweerder geen bestuursorgaan is in de zin van de Awb.

4. De Klachtencommissie Jeugd Midden-Nederland is een samenwerkingsverband dat is ingesteld door een aantal instellingen die klachten behandelen op grond van de Jeugdwet. De Klachtencommissie is daarom geen orgaan van een rechtspersoon die krachtens publiekrecht is ingesteld, zoals bedoeld in artikel 1:1, eerste lid, onder a, van de Awb. Dat het samenwerkingsverband is gevormd door instellingen die onder omstandigheden wel als bestuursorgaan kunnen kwalificeren, betekent niet dat dit samenwerkingsverband reeds daarom zelf ook een bestuursorgaan is. Daarnaast volgt uit de Jeugdwet niet dat een instelling zoals de Klachtencommissie met enig openbaar gezag is bekleed, zoals bedoeld in artikel 1:1, eerste lid, onder b, van de Awb.

5. Omdat verweerder geen bestuursorgaan is, is de brief van verweerder geen besluit in de zin van de Awb. Daarom is de rechtbank onbevoegd om kennis te nemen van het beroep.

6. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank verklaart zich onbevoegd.

Deze uitspraak is gedaan door mr. G. Schnitzler, rechter, in aanwezigheid van L. El Kabch, griffier. De uitspraak is uitgesproken in het openbaar op 20 februari 2026.

De griffier is buiten staatte ondertekenen

griffierrechter

Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Bent u het niet eens met deze uitspraak? Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven. Als u graag een zitting wilt waarin u uw verzetschrift kunt toelichten, kunt u dit in uw verzetschrift vermelden.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.